Hoorcollege aantekeningen Bewegen, Gezondheid en Sportstimulering
Hoorcollege 1 – Introductie
Bewegen en gezondheid
Samenhang praktijk en onderzoek: evidence-based practice (EBP).
Evidence-based practice: het uitvoeren van een handeling door een
beroepsbeoefenaar op zo’n wijze dat de uitvoering is gebaseerd op de best
beschikbare informatie over doelmatigheid en doeltreffendheid.
1. Wetenschappelijke studies
2. Specialistenadvies + ervaring
3. Voorkeur + belangen doelgroep
Sportstimulering = bewegingsstimulering:
- Wat bepaalt of iemand een (in)actieve levensstijl heeft?
- Welke manier gebruiken om mensen aan te zetten tot bewegen?
- Nieuwe levensstijl vasthouden
PMT = bewegingswetenschappelijke benadering van klinische toepassingen
- Verminderen van psychische klachten
- Verbeteren van psychosociaal functioneren
- Bevorderen van psychosociale ontwikkeling
Gebruik van bewegen en lichaamservaringen
Denken (cognities), voelen (emoties) en handelen (bewegingen) zijn verbonden.
PMT heeft veel verschillende benaderingen
- Body and movement oriented therapies
o Effectiviteit en werkingsprincipes onderzocht
Verklaringsmodellen: neurobiologisch en psychosociaal.
,Hoorcollege 2 – Methodologie 1
“Heeft lichamelijke activiteit effect op depressie?”
Determinant gezondheid Uitkomst van gezondheid
Bewegen Depressie
Oorzaak gevolg
Determinant, blootstelling aan:
- Preventieve maatregel
- Oefening
- Risicofactor
- Lifestyle
Gezondheidsverschijnsel:
- Incidentie van een aandoening
- Verbetering
- Genezing
- Mortaliteit
Beoordeling van een artikel in twee stappen:
- Levels of evidence (ladder van bewijs) gebaseerd op studiedesign
(onderzoeksontwerp)
- Kwaliteit van de evidence gebaseerd op interne validiteit
Levels of evidence, piramide:
- Laag: onderzoeksmethode met laagste bewijskracht
- Hoog: onderzoeksmethode met hoogste bewijskracht
2 indelingen:
1. Primair-secundair onderzoek
2. Experimenteel – observationeel onderzoek (onderdeel van primair onderzoek)
,Cross-sectional design:
- Steekproef
- Mate van depressie door vragenlijst
- Indeling op basis van frequentie sporten
o hoe minder ze sporten, hoe hoger de mate van depressie (correlatie)
Geen bewijs causale relatie
Voorbeeld van:
- Een crossectionele studie
- Correlatie tussen twee variabelen
- Resultaten geven een bewijs voor samenhang
- Geen bewijs voor een causale relatie
Voordelen:
- Gelijktijdig meten van blootstelling en aandoening/gedrag
- Geeft informatie over de kenmerken en de frequentie van de
aandoening/gedrag
- Kosten voor het doen van onderzoek zijn klein
Beperkingen:
- Doordat blootstelling en uitkomstmaat gelijktijdig bepaald zijn kunnen oorzaak
en gevolg niet onderscheiden worden.
Cohort design:
- Over meerdere jaren (2 momenten)
- Grote groep deelnemers nodig
- Geen samenhang tussen lichamelijke activiteit kind en depressie bij
volwassenen
- Indeling in 4 groepen: samenhang tussen activiteit en depressie
o geen manipulatie door onderzoekers
o verdeling groepen wel door onderzoekers
Cohortonderzoek:
- De blootstelling aan een bepaalde factor of ‘interventie’ wordt niet
gemanipuleerd door de onderzoeker
- Verdeling van individuen over de groepen komt buiten het onderzoek tot stand
- Onderzoeker: stelt in- en exclusiecriteria op
- In geen enkel geval is de uitkomst die men wil bestuderen reeds opgetreden
aan het begin van de studie
Voordelen:
- Metingen op individueel niveau
- Verschillende uitkomstmaten kunnen worden gemeten
- Geschikt voor zeldzame blootstelling en frequente aandoeningen
, Beperkingen:
- Onderzoekspopulatie relatief groot
- Niet geschikt voor aandoeningen met een lage incidentie
- Duur van follow-up is afhankelijk van tijd om effect te ontwikkelen
- Kans op ‘loss-to-follow-up’, selectieve uitval
- Groot risico op confounding
o Andere determinanten beïnvloeden de uitkomstmaat
Case-control design (patiëntcontrole onderzoek)
- Nieuwe patiënten met depressie
- Kijken of lichamelijke activiteit voor de diagnose anders was dan bij de
controlegroep
Verloop case-control design:
- Begint met vaststellen van uitkomst
- Daarna determinant vastgesteld
Vb. onderzoek
- 3 groepen van activiteit
- In patiëntengroep meer mensen met een lage activiteit en minder met hoge
i.v.m. controlegroep
- Resultaten geven bewijs voor samenhang
o Geen causaal verband
Patiënten controle onderzoek:
- Aan het begin van de studie selecteert de onderzoeker wie de cases
(‘patiënten’) en wie de controls (‘controle’) zijn
- Aandoening/gedrag (uitkomstmaat) vormt het uitgangspunt
- Daarna wordt de blootstelling aan determinant gemeten
Voordelen:
- Meting op individueel niveau met snelle resultaten
- Onderzoekspopulatie relatief klein
- Naast de blootstelling aan een bepaalde factor kunnen verschillende
determinanten worden gemeten
- Geschikt voor zeldzame aandoeningen
Beperkingen:
- Retrospectief bepalen van de blootstelling…
- …kan beïnvloed worden door actuele status (aandoening)
- Niet schikt voor zeldzame blootstelling
- Geen berekening van prevalentie/incidentie van uitkomstmaat
Experimental design
- Randomisatie voor het maken van de groepen
Hoorcollege 1 – Introductie
Bewegen en gezondheid
Samenhang praktijk en onderzoek: evidence-based practice (EBP).
Evidence-based practice: het uitvoeren van een handeling door een
beroepsbeoefenaar op zo’n wijze dat de uitvoering is gebaseerd op de best
beschikbare informatie over doelmatigheid en doeltreffendheid.
1. Wetenschappelijke studies
2. Specialistenadvies + ervaring
3. Voorkeur + belangen doelgroep
Sportstimulering = bewegingsstimulering:
- Wat bepaalt of iemand een (in)actieve levensstijl heeft?
- Welke manier gebruiken om mensen aan te zetten tot bewegen?
- Nieuwe levensstijl vasthouden
PMT = bewegingswetenschappelijke benadering van klinische toepassingen
- Verminderen van psychische klachten
- Verbeteren van psychosociaal functioneren
- Bevorderen van psychosociale ontwikkeling
Gebruik van bewegen en lichaamservaringen
Denken (cognities), voelen (emoties) en handelen (bewegingen) zijn verbonden.
PMT heeft veel verschillende benaderingen
- Body and movement oriented therapies
o Effectiviteit en werkingsprincipes onderzocht
Verklaringsmodellen: neurobiologisch en psychosociaal.
,Hoorcollege 2 – Methodologie 1
“Heeft lichamelijke activiteit effect op depressie?”
Determinant gezondheid Uitkomst van gezondheid
Bewegen Depressie
Oorzaak gevolg
Determinant, blootstelling aan:
- Preventieve maatregel
- Oefening
- Risicofactor
- Lifestyle
Gezondheidsverschijnsel:
- Incidentie van een aandoening
- Verbetering
- Genezing
- Mortaliteit
Beoordeling van een artikel in twee stappen:
- Levels of evidence (ladder van bewijs) gebaseerd op studiedesign
(onderzoeksontwerp)
- Kwaliteit van de evidence gebaseerd op interne validiteit
Levels of evidence, piramide:
- Laag: onderzoeksmethode met laagste bewijskracht
- Hoog: onderzoeksmethode met hoogste bewijskracht
2 indelingen:
1. Primair-secundair onderzoek
2. Experimenteel – observationeel onderzoek (onderdeel van primair onderzoek)
,Cross-sectional design:
- Steekproef
- Mate van depressie door vragenlijst
- Indeling op basis van frequentie sporten
o hoe minder ze sporten, hoe hoger de mate van depressie (correlatie)
Geen bewijs causale relatie
Voorbeeld van:
- Een crossectionele studie
- Correlatie tussen twee variabelen
- Resultaten geven een bewijs voor samenhang
- Geen bewijs voor een causale relatie
Voordelen:
- Gelijktijdig meten van blootstelling en aandoening/gedrag
- Geeft informatie over de kenmerken en de frequentie van de
aandoening/gedrag
- Kosten voor het doen van onderzoek zijn klein
Beperkingen:
- Doordat blootstelling en uitkomstmaat gelijktijdig bepaald zijn kunnen oorzaak
en gevolg niet onderscheiden worden.
Cohort design:
- Over meerdere jaren (2 momenten)
- Grote groep deelnemers nodig
- Geen samenhang tussen lichamelijke activiteit kind en depressie bij
volwassenen
- Indeling in 4 groepen: samenhang tussen activiteit en depressie
o geen manipulatie door onderzoekers
o verdeling groepen wel door onderzoekers
Cohortonderzoek:
- De blootstelling aan een bepaalde factor of ‘interventie’ wordt niet
gemanipuleerd door de onderzoeker
- Verdeling van individuen over de groepen komt buiten het onderzoek tot stand
- Onderzoeker: stelt in- en exclusiecriteria op
- In geen enkel geval is de uitkomst die men wil bestuderen reeds opgetreden
aan het begin van de studie
Voordelen:
- Metingen op individueel niveau
- Verschillende uitkomstmaten kunnen worden gemeten
- Geschikt voor zeldzame blootstelling en frequente aandoeningen
, Beperkingen:
- Onderzoekspopulatie relatief groot
- Niet geschikt voor aandoeningen met een lage incidentie
- Duur van follow-up is afhankelijk van tijd om effect te ontwikkelen
- Kans op ‘loss-to-follow-up’, selectieve uitval
- Groot risico op confounding
o Andere determinanten beïnvloeden de uitkomstmaat
Case-control design (patiëntcontrole onderzoek)
- Nieuwe patiënten met depressie
- Kijken of lichamelijke activiteit voor de diagnose anders was dan bij de
controlegroep
Verloop case-control design:
- Begint met vaststellen van uitkomst
- Daarna determinant vastgesteld
Vb. onderzoek
- 3 groepen van activiteit
- In patiëntengroep meer mensen met een lage activiteit en minder met hoge
i.v.m. controlegroep
- Resultaten geven bewijs voor samenhang
o Geen causaal verband
Patiënten controle onderzoek:
- Aan het begin van de studie selecteert de onderzoeker wie de cases
(‘patiënten’) en wie de controls (‘controle’) zijn
- Aandoening/gedrag (uitkomstmaat) vormt het uitgangspunt
- Daarna wordt de blootstelling aan determinant gemeten
Voordelen:
- Meting op individueel niveau met snelle resultaten
- Onderzoekspopulatie relatief klein
- Naast de blootstelling aan een bepaalde factor kunnen verschillende
determinanten worden gemeten
- Geschikt voor zeldzame aandoeningen
Beperkingen:
- Retrospectief bepalen van de blootstelling…
- …kan beïnvloed worden door actuele status (aandoening)
- Niet schikt voor zeldzame blootstelling
- Geen berekening van prevalentie/incidentie van uitkomstmaat
Experimental design
- Randomisatie voor het maken van de groepen