overgangsklachten
7.1 Inleiding
7.1.1 Methoden van anticonceptie
Anticonceptie het voorkomen van een bevruchting.
Periodieke onthouding er vind géén geslachtgemeenschap plaats tijdens de
vruchtbare dagen van de vrouw.
Condoom wordt voorkomen dat de zaadcellen in de baarmoeder
terecht komen, waar ze een eicel zouden kunnen
bevruchten.
Sterilisatie bij een operatieve ingreep de zaad/eileiders
worden afgebonden.
vrouw: géén eicel meer in de baarmoeder.
man: produceert géén zaadcellen meer.
Spiraaltje wordt door een arts geplaatst.
Morning-afterpil wordt gebruikt bij een onbeschermde
geslachtsgemeenschap.
Hypofyse klier in de hersenen en draag bij aan
hormoonhuishouding als het gaat om de
menstruatiecyclus.
Oestrogeen geproduceerd in de eierstokken, betrokken bij groei,
onderhoud en reparatie in het lichaam. Hierdoor
menstruatie en borsten.
Progestageen het baarmoederslijmvlies wordt gereed gemaakt voor
innesteling.
Cyclus eisprong of eicelrijping.
Bevruchting eitjes gemaakt in de eierstok in eileider terecht
daarna in de baarmoeder, waar het vruchtje zich kan
vestigen.
1