1. Bewegings vlakken en assen
2. Richtingaanduidingen in het Latijn
3. Vaardigheden 02: Osteologie I / Palpatie B.E.
4. Vaardigheden 03: Osteologie II / Palpatie B.E.
5. Vaardigheden 05: Osteologie III / Palpatie O.E.
,Bewegings vlakken en assen
Wij kunnen in drie dimensies bewegen, namelijk: van voor naar achter, van links
naar rechts en van onder naar boven. In de fysiotherapie beschrijven we deze
verschillende soorten bewegingen aan de hand van vlakken en assen.
Het frontale vlak: in het frontale vlak moet je denken aan oefeningen waarbij er
alleen van boven naar beneden wordt bewogen. Het maakt niet uit of het hier bij een
zijdelingse of rechtstreekse opwaartse beweging gaat zolang de ledematen maar in
het frontale vlak blijven liggen. Denk hierbij aan oefeningen zoals shrugs, maar ook
lateral delt raises.
Bewegingen in het frontale vlak draaien altijd om de Sagittale as
, Het sagittale vlak: het sagittale vlak verdeelt het lichaam in een rechter en linker
zijde. Oefeningen die in dit vak vallen zijn vooral oefeningen waarbij iets van voor het
lichaam naar achter het lichaam wordt verplaatst en vice versa. Denk hierbij
bijvoorbeeld aan een dumbbell front raise voor de schouders.
Bewegingen in het sagittale vlak draaien altijd om de transversale as
Het transversale vlak
Het transversale vlak verdeelt het lichaam in een boven en een onderkant.
Bewegingen in het transversale vlak zijn vooral bewegingen die van links naar rechts
plaatsvinden. Denk bijvoorbeeld aan het trainen van je rotator cuff en andere rotatie
oefeningen
Bewegingen in het transversale vlak draaien om de longitudinale as.