Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Inleiding sociologie samenvatting

Beoordeling
4,3
(3)
Verkocht
21
Pagina's
36
Geüpload op
26-09-2022
Geschreven in
2020/2021

Samenvatting van de gehele cursus inleiding sociologie (eerste jaar).

Voorbeeld van de inhoud

Inleiding sociologie
Samenvatting

Hoorcollege 1

De kernvraag van de sociologie luidt als volgt: waarom doen en denken mensen de dingen
die ze doen en denken? Hoe verklaren we menselijk gedrag en opvattingen.
Een sociologisch perspectief is: verklaring voor menselijk handelen en denken ligt in de
sociale context. Veel van ons denken en handelen komt door mensen om ons heen of door
de structuren om ons heen (universiteit etc.). Het draait om het collectieve gedrag. Als
collectief gedrag verandert, verandert de samenleving.
Individueel perspectief: de verklaring ligt in individuele oorzaken (iedereen is uniek, genen,
persoonlijkheid). Het draait om één specifiek persoon.

Sociologen verklaren sociale verschijnselen, het gedrag en denken van mensen, en zoeken
de verklaringen daarvoor in de sociale contexten.

Micro-niveau: individueel niveau, is niet geïsoleerd in de werkelijkheid. Je deelt die context
met anderen, wat leidt tot het meso-niveau. Individuen en hun gedrag.
Meso-niveau: directe omgeving, familie, de buurt, werk, religieuze gemeenschap.
Macro-niveau: land waarin je woont, tijd, periode. Het wonen in Nederland kan je gedrag
anders beïnvloeden dan wonen in Pakistan.
Het individu zit ingebed in deze contexten, en die zullen het individu beïnvloeden.

Relatie tussen sociologisch en individueel perspectief:
1. Ze zijn complementair: ze staan naast elkaar en verklaren allebei een stukje. Ze zijn
dus beiden nodig om een bepaalde uitkomst te begrijpen. Een burn-out ligt aan de
context (tegenwoordig een veel meer voorkomend verschijnsel dan vroeger) maar
ook aan de genen van een persoon, individueel. Meest complete beeld. Ze vullen
elkaar aan. Een zelfhulpboek helpt bijvoorbeeld niet, hoe kan dat dan?
2. Het zijn alternatieven: of het een, of het ander is waar. Heel strikt beeld, een van de
twee geeft de verklaring. Dit beeld leeft niet zoveel onder sociologen.
3. Sociale oorzaken zijn voorliggend aan de directe, individuele oorzaken. De relatie
tussen de twee perspectieven zijn te zien als een causale volgorde. Diepere oorzaken
-> directe oorzaken -> uitkomst. Sociale oorzaken zijn voorliggend (dieper) aan de
directe, individuele oorzaken. Burnout: directe oorzaak = slecht slapen. Diepere
oorzaak: er worden in jouw omgeving mails gestuurd in het weekend wat leidt tot
stress. Specifieke en strikte zienswijze.
Clip 2:
Sociale problemen vormen vaak het startpunt van sociologische onderzoeken. Wanneer is
iets een sociaal probleem?
1. Het moet veel mensen aangaan.
2. Het moet iets zijn waar veel mensen zich zorgen over maken, het conflicteert met
wat ze belangrijk vinden (waarden). Er is een groter sociaal probleem als het meer
mensen aangaat en meer mensen zich zorgen over maken.
Het varieert wel tussen contexten. In de ene context is een sociaal probleem volledig
afwezig. Wat als problematisch gezien wordt hangt ook van de context af.

, Sociologie = een normatief vrije wetenschap -> wordt niet gesproken over wat goed of
fout is.
Sociale problemen hebben een normatieve dimensie: ze worden gezien als onwenselijk,
zouden opgelost moeten worden.

Sociologen bestuderen sociale verschijnselen: vrij van normatieve lading. Dus een
socioloog stelt niet de vraag: zouden we de inkomensongelijkheid moeten verkleinen?
Maar: Hoe groot is de inkomensongelijkheid en hoe is die te verklaren?

Doelen van de sociologie: de sociologie levert een wetenschappelijke bijdrage aan sociale
problemen. Deze bijdrage leveren ze op drie manieren:
1. Beschrijven: accurate beschrijvingen van sociale verschijnselen. Objectieve en juiste
informatie geven waar een sociaal verschijnsel voorkomt is een belangrijk doel.
2. Verklaren: het geven van wetenschappelijke verklaringen van sociale verschijnselen,
theoretische verklaringen en empirische toetsen, om erachter te komen welke
oorzaken achterliggend zijn aan een sociaal verschijnsel. Als je die oorzaken weet,
heb je de knoppen in handen waar beleidsmakers aan zouden kunnen draaien om
een andere uitkomst te genereren.
3. Toepassen, het toepassen en delen van sociologische kennis. Je kunt voorspellingen
doen: je gebruikt de sociologische kennis die er aanwezig is. Je ontwikkelt
interventies, die gebaseerd zijn op die oorzaken (bij het verklarende doel), er kan hier
een interventie ontstaan. Sociologen zijn de partij die interventies ontwikkelt en
kunnen het ook toetsen. Dit is een toegepaste vorm van sociologie. Het buigt hier
meer naar het normatieve.

Hoofdstuk 1 uit Introduction to sociology:

C.W. Mills: sociologische verbeelding. De taak van sociologen is om de sociale oorzaken van
mensen te identificeren. Het sociologisch perspectief heeft als doel menselijk gedrag te
verklaren met de sociale contexten die individuen delen.

De sociale context kan veranderen en sociologen bestuderen de menselijke gevolgen van die
veranderingen. Het sociologische perspectief focust zich op de collectieve uitkomst. Ze
bestuderen sociale verschijnselen/ fenomenen. Dus, wat sociologen proberen te begrijpen
is, hoe, menselijk gedrag voorkomt uit gedeeld sociale contexten en hoe, dit aanleiding geeft
tot collectieve uitkomsten.

Individueel perspectief Sociologisch perspectief
Interessant fenomeen Individueel fenomeen, Sociaal fenomeen, collectief
individueel gedrag (waarom gedrag, waarom is
heeft John overgewicht?) overgewicht aan het
toenemen in de
sameneleving?
Verklaringen voor gedrag Individuele karaktertrekken: Sociale context, sociale
genen, persoonlijkheid oorzaken (land, buurt etc.

,Durkheim’s study: zelfmoord
In de 19e eeuw dacht men dat zelfmoord te danken was aan individuele oorzaken en gedrag,
zoals alcoholisme, mentale ziektes etc. Durkheim daarentegen, betrok de sociale context bij
het verklaren van zelfmoord. Hij stelde dat Europese landen enorm verschilden in de
getallen van zelfmoord, hoe kon dit verklaard worden door individuele factoren?. Hij zegt
dat alcholisme etc. de directe oorzaken van zelfmoord kunnen zijn maar de diepere
oorzaken de sociale context is. Een voorbeeld van het gebruik van sociologisch perspectief
op menselijk gedrag.

Als in een buurt iets een sociaal probleem is, zoals armoede, maar in een andere buurt niet,
wordt het door sociologen wel als een sociaal probleem beschouwd. In die buurt zorgt het
namelijk voor dat het veel mensen het aangaat en het conflicteert met hun waarden.

Het verschil tussen sociale problemen en sociale verschijnselen/ fenomenen = sociale
problemen hebben een normatief vrije lading. Het is dus voor de wetenschap/ interesse. Er
wordt niet gezegd of iets goed of fout is, of dat het opgelost zou moeten worden.

Wanneer sociologisch werk gebruikt wordt voor sociale problemen in de samenleving, wordt
het sociaal relevant genoemd. De wetenschappelijke kennis die sociologie biedt aan sociale
problemen maakt het relevant. Dit kan gebruikt worden door politici, organisaties,
beleidsmakers en de algehele populatie. Het moet alleen niet normatief worden, het is
wetenschap, niet een ideologie. Soms zijn ook andere vakgebieden/discplines nodig om
sociale problemen op te lossen: bijvoorbeeld global warming.

Vragen

Normatieve vraag: Moeten we/zullen we?, het bevat oordelen. Bij sociologische vragen
wordt dit aan de kant gezet en wordt het meer wetenschappelijk = wetenschappelijke
vragen. Er zijn drie soorten vragen:
1. Descriptieve (beschrijvende), hoe veel, in welke mate, wat gebeurd er vragen. ‘Hoe
veel criminaliteit is er in Brazilie?’, ‘In welke mate steeg de scheidingscijfers in
Duitsland?’. Het zijn wetenschappelijke observaties.
2. Theoretische: verklarende vragen. Waarom, theorie. ‘Waarom is de criminaliteit
lager in Canada dan in Brazilie?’, ‘Waarom is er een daling in echtscheidingen?’
3. Toepassende, wat gaat er gebeuren in de samenleving of richting sociale interventies.
‘Hoe zal de criminaliteit zich ontwikkelen in Brazilië voor de komende vijf jaar?’, ‘Wat
zijn effectieve sociale interventies om criminaliteit te verlagen?’.

Vragen moeten erg precies zijn. Hoe preciezer, hoe beter. Het moet ook normatief vrij zijn.
Een goede sociologische vraag moet vier ingrediënten hebben:
1. Het menselijk gedrag waarin je in geïnteresseerd bent. (subgroepen van het grotere
geheel?) > mentale ziektes > depressie.
2. De sociale context (welk land?)
3. De periode (welk jaar?)
4. De populatie. (mannen en vrouwen? Bepaalde groepen?)

, Je moet een vraag ook relevant maken. Je moet niet dezelfde vraag stellen die al ooit gesteld
is in een onderzoek, je loopt het risico om dan precies hetzelfde te doen, dit moet je
uitzoeken. Dit kan je voorkomen door een literatuur review te doen.
Je moet ook geen onjuiste vragen stellen zoals: ‘Hoe komt het dat de West-Europese
samenleving verdubbeld is tussen 1950-2010?’. Nu suggereer je dat dit gebeurd is, maar dit
is bij dit voorbeeld in werkelijkheid niet. Het boeit ook niet zoveel in je vraag als je er meteen
een antwoord op hebt: ‘Hoe hoog was de criminaliteit in Engeland in 2010’, het is nuttiger
om bijvoorbeeld landen, jaren, groepen, te vergelijken.

Algemene kennis wordt veel gebruikt door mensen, veel mensen denken dan ook dat ze
zomaar sociologen zijn of dat het een makkelijk vak is. Men denkt met hun intuitie. Het is
veel makkelijker om met verklaringen te komen voor menselijk gedrag, omdat je zelf een
mens bent, dan voor de exacte vakken. Voor veel mensen voelt het dan ook nutteloos om de
wetenschap te gebruiken, wat bij de exacte vakken als ontzettend nuttig wordt gezien. Er is
dus een verschil tussen privé sociologen en wetenschappelijke sociologen.

Privé sociologen begrijpen vaak ook meteen als er een andere verklaring of antwoord wordt
gegeven. Mensen zien het als logisch heel snel.
Zie Tabel in boek voor verschillen privé sociologen en academische sociologen.

Sociologie is een cumulatieve wetenschap. Het is voortgebouwd op andere studies.
Achtergrondkennis: theorieën en observaties die al bekend waren voor de studie begon.
Verschillende studies bouwen voortdurend op elkaar voort, schaven dingen bij, halen dingen
weg, vormen kritiek, leren van elkaar. Dat is cumulatief. Over de tijd zullen zo de beste
verklaringen over blijven. Nieuwe studies zijn altijd uitgevoerd in een poging om bij te
dragen aan wat voor kennis er al bestaat/ wat men al weet.

Het is belangrijk voor wetenschappers dat ze hun kennis niet privé houden maar openbaar
maken en dat ze samenwerken in academische gemeenschappen zodat ze tot het beste
resultaat kunnen komen.


Hoorcollege 2

Theorie = antwoord op een verklaringsvraag. “Een theorie is een coherente set van proposities en
assumpties over condities die sociale verschijnselen kunnen verklaren en die hypothesen genereren
(voorspellen) over (nog niet geobserveerde en hypothetische) sociale verschijnselen.”

Karl Popper = wetenschapsfilosoof die nadacht over hoe je wetenschappelijk te werk moet
gaan. Verklaring begint bij een observatie (empirische regelmaat, sociale verschijnsel)

P: Propositie explanans
C: Conditie explanans Verklaring Voorspelling
O: Observatie explanandum

P: Mensen die sporten, zijn gezonder
C: Hoogopgeleiden sporten meer dan laagopgeleiden
O: Hoogopgeleiden zijn gezonder dan laagopgeleiden

Documentinformatie

Geüpload op
26 september 2022
Aantal pagina's
36
Geschreven in
2020/2021
Type
SAMENVATTING
€7,99
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 21 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 3 reviews worden weergegeven
2 jaar geleden

2 jaar geleden

2 jaar geleden

4,3

3 beoordelingen

5
2
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
mljverhoeven Radboud Universiteit Nijmegen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
21
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
18
Documenten
1
Laatst verkocht
6 maanden geleden

4,3

3 beoordelingen

5
2
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen