Les 5: Glycolyse regulatie
Uitleggen waarom koolstofverbindingen met veel waterstof bij oxidatie veel energie
opleveren.
C 6 H 12 O6 + 6O2 →6 CO 2 +6 H 2 O+ Energie
Glucoseverbranding is een redoxreactie.
• Een sterk exergone reactie die activeringsenergie
nodig heeft om te lopen
• Glucoseverbranding moet stapsgewijs gebeurden, Oxidatie:
omdat door de hoge energie anders de cel explodeert. Verlies van e-
Verbinding met O2
Bij een redoxreactie komt veel energie vrij. Afgifte van [H] en dus e-, want
−¿ ¿
• Op het moment dat er een binding wordt gemaakt met de O- 2 H ↔ 2 H + ¿+2 e ¿
atomen neemt de energie af en wordt deze afgegeven
Reductie:
Waarom levert oxidatie energie op?
Opname van e-
• Als twee atomen aan elkaar gaan binden is er een verschil Verbinding met H
aanwezig tussen hun elektron negativiteit. Opname van [H], want
−¿ ¿
+ ¿+2 e ¿
• De elektronen verplaatsen zich van een atoom die in een lagere 2 H↔2H
elektron negativiteit heeft naar een atoom met een hogere
elektron negativiteit. Hierbij verliezen ze potentiële (chemische) energie. wat gebruikt wordt
om arbeid te verrichten.
• Door oxidatie ontstaat er een stabielere verbinding (G<0), waarbij de vrije beweging van
moleculen beperkt wordt. De potentiële energie van de elektronen dalen, waarna er energie
vrijkomt.
Beschrijven wat er globaal gebeurt tijdens de glycolyse, citroenzuurcyclus en de
elektronentransportketen inclusief de rol van NAD+/NADH en ATP.
Uitleggen waarom koolstofverbindingen met veel waterstof bij oxidatie veel energie
opleveren.
C 6 H 12 O6 + 6O2 →6 CO 2 +6 H 2 O+ Energie
Glucoseverbranding is een redoxreactie.
• Een sterk exergone reactie die activeringsenergie
nodig heeft om te lopen
• Glucoseverbranding moet stapsgewijs gebeurden, Oxidatie:
omdat door de hoge energie anders de cel explodeert. Verlies van e-
Verbinding met O2
Bij een redoxreactie komt veel energie vrij. Afgifte van [H] en dus e-, want
−¿ ¿
• Op het moment dat er een binding wordt gemaakt met de O- 2 H ↔ 2 H + ¿+2 e ¿
atomen neemt de energie af en wordt deze afgegeven
Reductie:
Waarom levert oxidatie energie op?
Opname van e-
• Als twee atomen aan elkaar gaan binden is er een verschil Verbinding met H
aanwezig tussen hun elektron negativiteit. Opname van [H], want
−¿ ¿
+ ¿+2 e ¿
• De elektronen verplaatsen zich van een atoom die in een lagere 2 H↔2H
elektron negativiteit heeft naar een atoom met een hogere
elektron negativiteit. Hierbij verliezen ze potentiële (chemische) energie. wat gebruikt wordt
om arbeid te verrichten.
• Door oxidatie ontstaat er een stabielere verbinding (G<0), waarbij de vrije beweging van
moleculen beperkt wordt. De potentiële energie van de elektronen dalen, waarna er energie
vrijkomt.
Beschrijven wat er globaal gebeurt tijdens de glycolyse, citroenzuurcyclus en de
elektronentransportketen inclusief de rol van NAD+/NADH en ATP.