Gegeven: Trainingszones worden gebaseerd op een drempelwaarde
Stelling: Deze drempelwaarde kun je bepalen aan de hand van hartslag, lactaat in bloed en de
ventilatie
Juist
Gegeven: Bloedlactaat kan gebruikt worden om de drempelwaarde te bepalen
Stelling: Deze drempelwaarde ligt op 4 mmol lactaat per liter bloed
Onjuist (individueel bepaald)
Gegeven: Je geeft een training waarbij je hardlopers op 60%van hun HFmax laat hardlopen
Stelling: Deze intensiteit is hoog genoeg voor aerobe adaptief bij gevorderde hardlopers
Onjuist
Gegeven: Je voert een training bij voetballers uit waarbij het 4-4 is op een veld van 30x 15 meter
Stelling: Als je het veld kleiner maakt wordt de intensiteit die de spelers halen groter
Juist
Gegeven: De fitnorm is een richtlijn in Nederland
Stelling: Deze fitnorm geeft aan hoe vaak en hoe lang iemand intensief moet bewegen om de
cardiovasculaire conditie op peil te houden
Juist
Gegeven: Krachttraining bij kinderen is niet gericht op spierhypertrofie adaptaties
Stelling: Krachttraining bij kinderen is wel gericht op supercompensatie
Onjuist (neuromusculaire aansturing = spier coördinatie)
Gegeven: In het begin van de pubertijd treden er veranderingen op in de lichaamssamenstelling
door invloed van hormonen
Stelling: Het hormoon testosteron zorgt voor toename van vetopslag bij vrouwen
Onjuist (Oestrogeen)
Gegeven: Het slagvolume van het hart kan o.a. worden verhoogd door een verhoogt bloedvolume
Stelling: Pre-load draagt hier ook aan bij zodat het slagvolume verhoogd wordt
Juist
Gegeven: Slagvolume x hartfrequentie x aVO2verschil
Stelling: Deze formule hoort bij de VO2Max
Juist
Gegeven: Een begeleider moet rekening houden met verschillen tussen sporters
Stelling: Door te differentiëren houd je hier goed rekening mee
Juist