Wat is diabetes mellitus?
Diabetes is een aandoening welke zich kenmerkt door een verminderde of zelfs
uitblijven van insulineproductie. Het lichaam kan de bloedsuikerspiegel niet meer
goed reguleren waardoor de hoeveelheid glucose in het bloed langdurig
verhoogd is en er minder glucose beschikbaar is als brandstof voor cellen. Dit
komt of doordat de alvleesklier(pancreas) niet genoeg insuline produceert of
doordat de lichaamscellen ongevoelig voor insuline geworden zijn.
De normaalwaarde van bloedglucose bij een persoon zonder DM is nuchter < 6.1
mmol/l en de normaalwaarde niet nuchter is < 7.8 mmol/l.
Glucose is de brandstof voor het lichaam waarop alle spieren en organen werken,
deze worden uit de koolhydraten in voeding gehaald.
Insuline is een hormoon dat wordt aangemaakt door de eilandjes van langerhans
van de alvleesklier(pancreas) welke de bloedsuikerspiegel heel precies regelt.
Ook zorgt insuline ervoor dat glucose wordt opgenomen in lichaamscellen zodat
het bloedglucosehalte weer daalt.
Wat zijn symptomen van diabetes
1. Veel dorst/drinken;
2. Veel plassen;
3. Last van vermoeidheid;
4. Jeuk of slechtgenezende wondjes en infecties van de huid.
Welke typen diabetes zijn er?
1. Type I insuline afhankelijke diabetes
o Een auto-immuunziekte waarbij het lichaam stopt met het aanmaak
van insuline. Het afweersysteem maakt een fout, het ruimt geen
ziekteverwekkers op, maar het vernietigt de eigen insuline
producerende cellen in de alvleesklier.
Bij het ontstaan van deze ziekte speelt erfelijke factoren een rol. De betacellen in
de alvleesklier worden aangevallen door het lichaam wat een ontsteking
veroorzaakt met al gevolg dat er te weinig insuline aangemaakt wordt.
Welke symptomen treden er op?
Diabetes type I ontstaat acuut, het begint op jonge leeftijd met een piek aan het
begin van de puberteit. Mogelijke klachten:
Veel plassen, dorst en veel drinken, misselijkheid en braken,
vermoeidheid, gewichtsverlies, slecht of wazig zien, jeuk,
slecht genezende wondjes, een verhoogde gevoeligheid voor
infecties, stemmingswisselingen met een verhoogde
prikkelbaarheid, het (tijdelijk) uitblijven van de menstruatie,
erectiestoornissen.
Complicaties als gevolg diabetes type I:
Diabetische keto-acidose (verzuring van het bloed): hoge
glucosewaarden in het bloed doordat lichaamscellen de
glucose niet goed kunnen opnemen. In de cellen is er
onvoldoende glucose aanwezig om te verbranden voor energie
dus het lichaam schakelt dan over naar verbranding van vet.
Daardoor komen onder andere ketonen vrij welke zuur zijn en
dus verzuring van het bloed geeft. Keto-acidose kan leiden tot
1
, bewustzijnsverlies, coma en in het ernstigste geval de dood.
De zorgvrager dient dan direct vocht intraveneus insuline
toegediend te krijgen. Voordat insuline toegediend wordt moet
een laag kaliumgehalte uitgesloten worden, omdat insuline ook
een rol speelt bij de opname en uitscheiding van kalium in
cellen. Wanneer dit gehalte te laag is, moet dit aangevuld
worden.
Langetermijncomplicaties
5 risicofactoren: hoge bloedglucosewaarden,
hypertensie, een hoog cholesterolgehalte, roken,
overgewicht.
Aanwezigheid van deze factoren brengt schade toe aan grote en kleine
bloedvaten waardoor er vervolgens schade aan organen kan optreden doordat
bijvoorbeeld de doorbloeding verminderd is.
In een later stadium wordt dit pas bekend omdat een zorgvrager dan pas
symptomen ervaart waardoor behandeling dan meestal maar gedeeltelijk
mogelijk is.
Wanneer grote bloedvaten en vaten van het hart beschadigd zijn kan er
bijvoorbeeld een hartinfarct optreden. Bij beschadiging aan kleine bloedvaten:
aantasting van 1 of beide ogen, beschadiging van 1 of beide nieren, beschadiging
van de zenuwuiteinden in bijvoorbeeld de voeten.Behandeling is in eerste
instantie gericht op het vertragen van vaatschade.
2. Type II niet-insuline afhankelijke diabetes
o Lichaamscellen worden minder gevoelig voor insuline, doordat de
alvleesklier harder gaat werken om meer insuline te maken raakt
deze uiteindelijk overbelast en kan deze niet meer voldoende
insuline aanmaken. Op deze manier ontstaat er een tekort aan
insuline en blijft de hoeveelheid glucose in het bloed (te) hoog.
De belangrijkste risico factoren zijn omgevingsfactoren, maar genetische aanleg
verhoogt het risico om het te krijgen.
Weinig beweging;
Wanneer er sprake is van fors overgewicht;
Oudere leeftijd;
Genetische aanleg;
Gebruik van prednison;
Alvleesklierontsteking(pancreastitis).
Welke symptomen treden er op?
De ziekte uit zich meestal uit na de leeftijd van 40 jaar en zorgvragers kunnen
het hebben zonder te merken of te weten. Mogelijke klachten:
Veel plassen, dorst en veel drinken, vermoeidheid, slecht
of wazig zien, slecht genezende wondjes, een verhoogde
gevoeligheid van infecties ( denk aan schimmelinfecties,
blaasontsteking, huidinfecties.), etalage
benen( toenemende pijn in de benen tijdens het lopen kan
duiden op niet goed werkende bloedvaten in de benen).
Complicaties als gevolg van diabetes II
Hyperosmolair hyperglykemisch syndroom( combinatie van
een hoge bloedsuikerspiegel met vochttekort): kenmerk is
het samengaan van ernstige hyperglykemie met
symptomen van vochttekort zonder ketonenproductie. Dit
kan lijden tot bewustzijnsdaling en zelfs tot een coma. Als
2