psychologie III ‘Diagnostiek en
behandeling’
Toetsing: meerkeuzendeel (telt 2x mee), casusdeel (telt 1x mee)
Hoofdstuk 1 Psychodiagnostiek en Hoofdstuk 1
Diagnostiek (uit boek Psychodiagnostiek en
assessments
(samengevoegd omdat veel informatie op elkaar lijkt)
Psychodiagnostiek: de basis
- We proberen gedrag te inschatten en/of verklaren op basis van persoonskenmerken
Enkele vormen:
- Leraar: niveau van leerling inschatten
- Rechter: risico van verdachte inschatten
- Recruiter: inschatten welke kandidaat het meest geschikt is voor functie
Beoordelingen doen: onderzoek kanker
Valide positief: terecht kanker diagnosticeren
Fout positief: onterecht kanker diagnosticeren
Fout negatief: onterecht GEEN kanker diagnosticeren
Valdide nagatief: terecht GEEN kanker diagnosticeren
Beoordelingsfouten:
- Verstandige fouten (better safe than sorry)
- Overschatten van specifieke kansen: bepaalde personen zullen bepaalde dingen doen
(stereotypes, stigma ect.)
- Beschikbaarheidsheuristiek: bepaalde informatie overwaarderen
- Regressie naar het gemiddelde: neiging extreme scores over te waarderen terwijl
gemiddelde vaker voorkomt
- Horn- en haloeffecten: alles mooier of minder mooi laten zien
Systematisch tegengaan van beoordelingsproblematiek door:
- Zoeken naar contrary evidence/falsificatie (zoek naar bewijs wat juist tegenspreekt en niet
alleen te verifiëren)
- Wetenschappelijk onderbouwde methoden en instrumenten: COTAN
Vragen vanuit de psychodiagnostiek
- Wat is er aan de hand met de cliënt?
- Wat kan de problemen verklaren?
- Welke mogelijkheden zijn er voor een behandeling?
Wanneer psychodiagnostiek?
Gemaakt door: Liesbeth de Ruiter
, - Meervoudige problematiek
- Vermoeden dat intelligentie, ontwikkeling, persoonlijkheid en/of cognitie een rol spelen
- Meerdere psychologische behandelingen zonder (gewenst) resultaat
- Wanneer mogelijk persoonlijkheidsproblematiek vraagt om intensievere
behandeling/begeleiding
Hypotheses opstellen en toetsen = het doorlopen van de empirische cyclus:
Vermoedelijke verklaring probleem -> hypothesevorming -> toetsen van hypotheses -> kennis leidt
tot aannemen of verwerpen van de hypotheses
Diagnostische cyclus:
Klachtanalyse: wat is de (hulp)vraag? (kijk waar behoefte aan is, niet zelf invullen)
Probleemanalyse: wat is het probleem?
Verklaringsanalyse: waar komen de klachten vandaan?
Indicatieanalyse: wat is de beste aanpak?
Klachtenanalyse: wat is de vraag?
- Wat is de aanleiding om onderzoek aan te vragen?
- Wat verwacht de aanvrager van het onderzoek?
- Wat is de hulpvraag van de client?
- Is er al eerdere info uit behandeling of onderzoek bekend?
Klachtanalyse volgt op aanmelding en leidt tot verhelderende diagnose en zet kaders voor (nieuw)
diagnostisch onderzoek.
Probleemanalyse: wat is het probleem?
Duidelijk beeld van client, persoonskenmerken en omgevingswereld.
Gestandaardiseerde klachteninventarisatie
- Speciele anamnese: specifieke klachten, luxerende factoren (trauma’s, grote dingen in het
leven), interferentie
- Psychiatrische anamnese: psychiatrische symptomen
- Observaties tijdens gesprek(ken): wat is waarneembaar in contact?
- Biografische anamnese en/of heteroanamnese.
Gemaakt door: Liesbeth de Ruiter
, - Huidig functioneren
Beschrijvende diagnose volgt hieruit.
Verklaringsanalyse: hoe verklaren?
Wetenschappelijke houding: hypotheses toetsen (verschillende instrumenten):
- Keuze instrument/methode
- Uitvoering onderzoek
- Interpretatie resultaten
- Intergratie van onderzoeksresultaten
- Terugkoppelingsgesprek
Indicatieanalyse: wat is beste aanpak?
- Op basis van onderzoeksuitkomsten doe je een predictie over de veranderbaarheid van de
klachten.
- Vervolgens een voorstel voor behandeling (indicatie).
- Tijdens uitvoer steeds psychodiagnostische houding: testen of hypotheses dat indicatie werkt
ook daadwerkelijk klopt. Zo nodig nieuwe hypotheses.
Wat maakt een test een goede test?
COTAN: commissie die kwaliteitskeurmerk voor testen afgeeft.
Uitgangspunten van testconstructie: is basis voldoende beschreven?
Kwaliteit van testmateriaal: instructie/items/scoring in orde?
Kwaliteit van handleiding: handleiding ondersteunend?
Normen: normgroepen oke?
Betrouwbaarheid: test-hertest.
Begripsvaliditeit: meet het wat het moet meten?
Criteriumvaliditeit: voorspellend vermogen?
NIP – Algemene TestStandaard
Nederlands Instituut voor Psychologen heeft de algemene teststandaard geschreven (zie It’s
learning).
Richtlijnen voor het correct beroepsmatig handelen waaraan verantwoorde testkeuze en
verantwoord testgebruik moeten voldoen:
- Opdracht acceptatie.
- Onderzoeksprocedure.
- Psychologisch rapport.
- Dossiervoering
Verschillende instrumenten
- Persoonlijkheidsvragenlijsten
- Klinisch interview
- Gedragsobservatie (bv autisme en oogcontact)
- Klachtenlijsten
- Intelligentietesten (bij vermoeden van afwijking)
- Projectieve methodes (mist wetenschappelijke evidentie
- Neuropsychologisch onderzoek (cognitieve klachten -NAH)
Klinisch interview/gesprek
Gemaakt door: Liesbeth de Ruiter