Samenvatting materieel privaatrecht
Het burgerlijk recht
Materiele privaatrecht:
Regels betreffende persoon:
Het personen- en familierecht (alle persoonlijke betrekkingen binnen en buiten het
gezin, nationaliteit, naam, gezag etc.);
Het rechtspersonenrecht (een juridische samenwerkingsvorm die zelfstandig aan het
rechtsverkeer deelneemt, NV, BV, vereniging etc.).
Regels betreffende het vermogen van een persoon (het geheel van regels over het
vermogen van een persoon, rechten en plichten).
Publieksrecht en privaatrecht
Verschil publieksrecht en privaatrecht:
Publieksrecht:
Regels die het algemeen belang direct of indirect als onderwerp hebben;
Rechtsverhouding tussen de staat en de burger;
Verticale verhouding tussen burger en overheid.
Privaatrecht:
Het belang van de individuele burger centraal;
Rechtsverhouding tussen individuen onderling;
Horizontale verhouding tussen burger en overheid (gelijk).
Het burgerlijk wetboek Drie rechtsgebieden:
Het personen- en familierecht boek 1;
Het rechtspersonenrecht boek 2;
Het vermogensrecht goederenrecht boek 3 en 5 / erfrecht boek 4 / verbintenissenrecht boek 6,7 en 8.
Vermogen: Het geheel van op geld waardeerbare rechten en plichten dat op een bepaald moment
aan iemand toekomst.
Objectief: Vermogensrecht bijv. koper moet koopprijs betalen (geldende rechtsregels);
Subjectief: De bevoegdheid die je in een concreet geval aan het objectieve recht ontleent
(bijv. vorderen van de koopprijs).
Goederenrecht: Eigendomsrecht, zoals huis, stoffelijk voorwerp etc.
Verbintenissenrecht: Aansprakelijk stellen van de ene persoon jegens de andere persoon (bijv. een
boek kopen = recht op levering van dat boek).
Rechtssubject: De drager van de rechten en plichten
Natuurlijk persoon:
Natuurlijke personen/mensen van vlees en bloed;
Mens gedurende zijn hele leven drager van rechten en plichten (rechtssubjectiviteit);
Rechtssubjectiviteit komt toe aan iedere natuurlijke personen: art. 1:1 BW.
Rechtspersonen:
Zelfstandig drager van rechten en plichten;
Privaatrechtelijk rechtspersoon: de vereniging, de stichting, BV en NV;
Publiekrechtelijk rechtspersoon: De Staat, gemeenten, provincies en waterschappen
Elke rechtspersoon heeft een eigen vermogen (bijv. rechtspersoon aansprakelijk en
niet de persoon).
Noot: Rechtspersoon wat het vermogensrecht betreft staat gelijk aan een natuurlijk persoon.
Het burgerlijk recht
Materiele privaatrecht:
Regels betreffende persoon:
Het personen- en familierecht (alle persoonlijke betrekkingen binnen en buiten het
gezin, nationaliteit, naam, gezag etc.);
Het rechtspersonenrecht (een juridische samenwerkingsvorm die zelfstandig aan het
rechtsverkeer deelneemt, NV, BV, vereniging etc.).
Regels betreffende het vermogen van een persoon (het geheel van regels over het
vermogen van een persoon, rechten en plichten).
Publieksrecht en privaatrecht
Verschil publieksrecht en privaatrecht:
Publieksrecht:
Regels die het algemeen belang direct of indirect als onderwerp hebben;
Rechtsverhouding tussen de staat en de burger;
Verticale verhouding tussen burger en overheid.
Privaatrecht:
Het belang van de individuele burger centraal;
Rechtsverhouding tussen individuen onderling;
Horizontale verhouding tussen burger en overheid (gelijk).
Het burgerlijk wetboek Drie rechtsgebieden:
Het personen- en familierecht boek 1;
Het rechtspersonenrecht boek 2;
Het vermogensrecht goederenrecht boek 3 en 5 / erfrecht boek 4 / verbintenissenrecht boek 6,7 en 8.
Vermogen: Het geheel van op geld waardeerbare rechten en plichten dat op een bepaald moment
aan iemand toekomst.
Objectief: Vermogensrecht bijv. koper moet koopprijs betalen (geldende rechtsregels);
Subjectief: De bevoegdheid die je in een concreet geval aan het objectieve recht ontleent
(bijv. vorderen van de koopprijs).
Goederenrecht: Eigendomsrecht, zoals huis, stoffelijk voorwerp etc.
Verbintenissenrecht: Aansprakelijk stellen van de ene persoon jegens de andere persoon (bijv. een
boek kopen = recht op levering van dat boek).
Rechtssubject: De drager van de rechten en plichten
Natuurlijk persoon:
Natuurlijke personen/mensen van vlees en bloed;
Mens gedurende zijn hele leven drager van rechten en plichten (rechtssubjectiviteit);
Rechtssubjectiviteit komt toe aan iedere natuurlijke personen: art. 1:1 BW.
Rechtspersonen:
Zelfstandig drager van rechten en plichten;
Privaatrechtelijk rechtspersoon: de vereniging, de stichting, BV en NV;
Publiekrechtelijk rechtspersoon: De Staat, gemeenten, provincies en waterschappen
Elke rechtspersoon heeft een eigen vermogen (bijv. rechtspersoon aansprakelijk en
niet de persoon).
Noot: Rechtspersoon wat het vermogensrecht betreft staat gelijk aan een natuurlijk persoon.