Hoofdstuk 1
- Richten : Wat is het doel
- Inrichten: Hoe verbeteren?
- Verrichten: Hoe implementeren en borgen (d.m.v. PDCA)?
Treacy & Wiersema:
- Product leadership (beste en vooral nieuwste producten door creatie en
innovatie)
- Customer intimacy (aanpassen aan wensen van de individuele klanten)
- Operational Excellence (betrouwbare producten tegen scherpe prijzen)
Operational Excellence is een management paradigma, een filosofie over het
ontwerpen, realiseren en managen van een excellente operationele organisatie,
maar ook een praktische aanpak om een voortbrengingssysteem van
wereldklasse te ontwikkelen en te exploiteren. Het maximaliseren van de
operationele winst door continue exploitatie van een optimaal
voortbreningssysteem.
Operational Excellence ‘nieuwe style’: niet alleen richten op het behalen van de
allerlaagste kosten, mar ook richten op betrouwbaarheid en op het juiste moment
ontwikkelen, reliseren en leveren van de juiste producten en diensten (waarmee
de juiste klantwaarde wordt gerealiseerd) tegen de laagst mogelijke integrale
kosten. Niet alleen richten op de kostenkant, maar ook op de
opbrengstkant! (zie pagina 21) -> Hoe? -> DOORLOOPTIJD VERKORTEN!
Pagina 22 (Hoe korter de doorlooptijd, hoe kleiner de kans op verstoringen
binnen de doorlooptijd, en hoe hoger de leverbetrouwbaarheid) en
(doorlooptijdverkorting impliceert hogere kwaliteit, grotere betrouwbaarheid en
hogere flexibiliteit)
Ontwikkeling markteisen en strategische prioriteiten
- Efficientie
- Kwaliteit
- Flixibiliteit
- Service
- Connectiviteit
- Duuzaamheid
De markt:
- Veel eisender (push naar pull, kwaliteit tegen lage prijzen, grote varieteit)
- Sneller en betere informatie (makkelijk vergelijken, laat beslissen, meteen
willen hebben)
- Eisen lage prijsen (wereldwijde concurrentie)
- Duurzamer (drie P)
Dillema’s:
- Klantvraag vs aanbod (brede assortiment en korte levenscyclus)
- Uitwisselbaarheid vs partnerschap (keuze prijs, logistieke betrouwbaarheid
en kwaliteit)
- Klantgerichte varieteit vs uniformiteit (goedkoper door standarisatie, breed
assortiment)
, - Hier vs daar (waar produceren)
- Flexibiliteit vs schaalgrootte (schaalgrootte < kosten, flexibel in keten)
Effficiëntie, effectiviteit en productiviteit berekenen (pagina 24)