CPI Consumentenprijsindex, prijspeil. Gemiddelde van prijsstijgingen en
–dalingen. Maatstaaf voor de kosten van levensonderhoud van de gemiddelde
consument (die natuurlijk niet bestaat. Wordt maandelijks gemeten door het CBS.
Inflatie stijging van het prijspeil.
Deflatie daling van het prijspeil.
- Wanneer de inflatie daalt, betekent dat het gemiddelde prijspeil minder snel is
gestegen.
- Inflatiecijfers worden gepubliceerd in de vorm van percentages. CBS bekijkt
sinds 2007 jaarlijks de samenstelling van de prijzen, eerder om de vijf jaar. CBS-
persberichten – verschijnen maandelijks, ongeveer aan het eind van de eerste
week – geven alleen percentages; standen van CPI kun je vinden op de CBS
online databank Statline.
- CBS vergelijkt het prijspeil van maand x niet met de vorige maand, maar met
het prijspeil in dezelfde maand van het jaar ervoor. Door te vergelijken met
dezelfde maand van het vorige jaar schakel je de invloed van het seizoen uit.
Als journalist denkbaar juist wél ingaan op invloed van het seizoen op prijzen.
Journalistieke waarde van je publicatie verhogen:
- Spoor opvallende prijsveranderingen op in de onderdelen van de CPI.
Beoordeel de relevantie ervan door te kijken naar hun gewicht en je
doelgroep.
- Inflatie toen en nu: let op met het vergelijken van de huidige inflatie met
de inflatie uit het verleden.
- Inflatie hier en daar: let op met het vergelijken van de Nederlandse inflatie
met de buitenlandse inflatie.
- Alleen vergelijkbaar gemaakte cijfers gebruiken. Heten ook wel
gestandaardiseerde of geharmoniseerde cijfers. Blijft beperkt tot het gebruik
van identieke artikelgroepen en een identieke manier van meten. De
wegingsfactoren die aan de prijzen hangen, blijven ook bij deze cijfers per
land verschillen.
Inflatie betekent niet dat alle prijzen zijn gestegen. Het kan journalistiek
interessant zijn om op zoek te gaan naar prijzen die gedaald zijn. Richt je hierbij
op je doelgroep door relevante informatie te geven.
2.2 Is inflatie erg?
Bij gelijkblijvende inkomens betekent inflatie koopkrachtverlies. Je kunt met de
euro minder doen dan voorheen. Met producten die wij verkopen aan het
buitenland (export), prijzen we onszelf uit de markt. Onze internationale
concurrentiepositie verslechtert. Inflatie zorgt bovendien voor onzekerheid over
de toekomst. Bedrijven weten niet meer of een investering nog rendabel is en
consumenten weten niet meer of sparen iets oplevert. Inflatie is, kortom, geen
aantrekkelijk fenomeen voor veel burgers en bedrijven.
Bedrijven en burgers met een forse schuld hebben en een vaste rente moeten
betalen, hebben baat bij inflatie. Hierdoor vermindert de reële waarde van hun
schulden. Je hoeft dus eigenlijk minder terug te betalen dan je hebt geleend. En