HC 1 Voedingsrichtlijnen
Uitleg voedingsrichtlijnen
- schrijf van vijf
- gemiddelde behoefte
- ADH = aanbevolen dagelijkse hoeveelheid
- ontwikkeld om norm aan te kunnen geven gezonde voeding ivm essentiële nutriënten
- gezondheidsraad: richtlijnen goede voeding 2006
Schijf van 5 regels
- eet gevarieerd
- eet niet te veel en beweeg
- eet minder verzadigd vet
- eet veel groente, fruit en brood
- eet veilig
Ontwikkelingen Nederland 2007-2010
Voeding heeft zich in afgelopen decennia zowel in gunstig als ongunstig ontwikkeld
- daling van verzadigde en enkelvoudig trans-onverzadigde vetzuren en cholesterol in de voeding
- de lichte toename in het visgebruik
- daling in gebruik groente en fruit
- inname van natrium(keukenzout) te hoog en gebruik van alcoholische dranken
energie verbruik
- voedingswaarde = samenstelling voedingsmiddelen
- energie = nodig om arbeid te verrichten (op celniveau)
- energie komt vrij bij verbranding van voedsel
- energie die vrijkomt bij het verteringsproces wordt verbrandingswaarde genoemd uitgedrukt in KJ
of Kcal
- rustmetabolisme (afhankelijk van gewicht, spiermassa etc)
- gemiddeld: Mannen 1500 - 1800 kcal(Tot. energieverbruik+- 2500) / Vrouwen 1300 - 1500 Kcal
(Tot. energieverbruik+- 2000 Kcal)
- eten activeert stofwisseling
- vetten > 4%
- Koolhydraten > 6%
- Eiwitten > 25-30%
HC 2 anatomie en fysiologie van het maagdarmstelsel
, Energiehuishuiding
Is afhankelijk van:
- Energiebehoefte
- Energie inname
Maag- en darmstelsel
- Mond
- slokdarm
- maag
- duodenum (12 vingerige darm)
- dunne darm
- dikkedarm
= Vertering en absortie
Functies maag en darmstelsel
1. Motoriek
- Peristaltiek (verplaatsen voedselbrein)
- antiperalstatiek (Voedsel omhoog)
2. Secretie (mengen van menselijke sappen met de voeding die je inneemt)
- Enzymen in mond, maag en duodenum
3. Vertering (Digestie)
- Inwerking van enzymen om nutriënten op te lossen in water.
4. Absorptie (resorptie)
- Opname van voedingstoffen uit darm in het bloed
- Actieve en passieve transporten
- Sterkste absorptie in dunne darm
De mond
- Glandula sunmandubularis (onderkaak speekselklier)
- Glandula parotidea (Oor speekselklier)
- Glandua sublinggualis
- Gebit zorgt dient voor afbijten en vermalen.
- Waterrijk speeksel en slijm vergemakkelijkt het transport
- Koolhydraat- en vetsplitsende enzymen maken een begin van vertering mogelijk.
- Per dag wordt ongeveer 1,5 liter speeksel geproduceerd.
Slikken
1. Orale fase
- verloopt willekeurig
- de tongranden en tongpunt worden achter de gebitselementen tegen bovenkaak gedrukt
2. Faryngeale fase
- reflexmatig