FM in Actie Huisvesting
Zie PowerPoint BB -> Huisvesting -> Week 2.1 -> Huisvesting week 1
Gebruiksfuncties
- Ruimtelijke organisaties van activiteiten
o Wat kan je allemaal doen in huis
o Wat moet je kunnen doen en waarvoor is het
o Koken, lezen, ontspannen, slapen
o Koppelen van ruimtes
- Klimaatregelingen
o Optimaal gebruikmaken van zonlicht
o Gas en olie worden schaars
o Comfort is belangrijk
o Klimaatsysteem wordt aangepast
Culturele functies
- Symboolfunctie
o Uitbeelden van de functie van je gebouw
o
- Economische functie
o Huuropbrengsten (+)
o Verkoopwaarde (+)
o Beleggingswaarde (+)
o Onderhoudskosten, negatieve functieveroudering (-)
Een gebouw heeft functionele kwaliteit als: Als het gebouw goed bruikbaar is voor activiteiten die er
verricht moeten worden. en in andere gevallen soms ook Als zowel de gebruiksfuncties, als de
culturele functies voldoen aan de eisen die er aan gesteld worden
Architectonische kwaliteit:
Bestaat uit:
- functionele kwaliteit
o is het functioneel om in te wonen of te gebruiken
o doelmatige gebruik van een ruimte
o activiteiten kunnen plaatsvinden
- Esthetische kwaliteit
o Het drukt iets uit, of betekent iets (uitstraling) (impressie)
- Bouwtechnische kwaliteit
o Draagkracht (materiaal zoals beton of hout)
o Voldoen aan technische eisen
o Duurzaam
o Stabiel
- Bouwfysische kwaliteit
o Gebonden aan luchttemperatuur en balans (comfort) (installaties)
- Economische kwaliteit
o Gebouw voldoet aan de gewenste prestaties tegen een goede bouwprijs
o Als een gebouw als een belegging is gerealiseerd, dan dienen goede rendementen
(huur/verkoopopbrengst) worden gerealiseerd
, o Als een gebouw voor een maatschappelijk doel is gerealiseerd dan dient het
maatschappelijk rendement te hebben
Zie PowerPoint BB -> Huisvesting -> Week 2.1 -> Huisvesting week 1
Gebruiksfuncties
- Ruimtelijke organisaties van activiteiten
o Wat kan je allemaal doen in huis
o Wat moet je kunnen doen en waarvoor is het
o Koken, lezen, ontspannen, slapen
o Koppelen van ruimtes
- Klimaatregelingen
o Optimaal gebruikmaken van zonlicht
o Gas en olie worden schaars
o Comfort is belangrijk
o Klimaatsysteem wordt aangepast
Culturele functies
- Symboolfunctie
o Uitbeelden van de functie van je gebouw
o
- Economische functie
o Huuropbrengsten (+)
o Verkoopwaarde (+)
o Beleggingswaarde (+)
o Onderhoudskosten, negatieve functieveroudering (-)
Een gebouw heeft functionele kwaliteit als: Als het gebouw goed bruikbaar is voor activiteiten die er
verricht moeten worden. en in andere gevallen soms ook Als zowel de gebruiksfuncties, als de
culturele functies voldoen aan de eisen die er aan gesteld worden
Architectonische kwaliteit:
Bestaat uit:
- functionele kwaliteit
o is het functioneel om in te wonen of te gebruiken
o doelmatige gebruik van een ruimte
o activiteiten kunnen plaatsvinden
- Esthetische kwaliteit
o Het drukt iets uit, of betekent iets (uitstraling) (impressie)
- Bouwtechnische kwaliteit
o Draagkracht (materiaal zoals beton of hout)
o Voldoen aan technische eisen
o Duurzaam
o Stabiel
- Bouwfysische kwaliteit
o Gebonden aan luchttemperatuur en balans (comfort) (installaties)
- Economische kwaliteit
o Gebouw voldoet aan de gewenste prestaties tegen een goede bouwprijs
o Als een gebouw als een belegging is gerealiseerd, dan dienen goede rendementen
(huur/verkoopopbrengst) worden gerealiseerd
, o Als een gebouw voor een maatschappelijk doel is gerealiseerd dan dient het
maatschappelijk rendement te hebben