COLLEGE 1
WAT IS PEDAGOGISCHE WETENSCHAP?
Pedagogiek als brede discipline
Van normele ontwikkeling (gezinspedagogiek) tot verstoorde ontwikkeling
(orthopedagogiek, neuropedagogiek)
Multidisciplinair: bio + psycho + sociale model
4 leefmilieus: gezin + school + community + internet
Bronfenbrenner: micro + meso + exo + macro
Twee dimensies van pedagogiek
Empirische-analytische
Feit
Beschrijvend
Methodisch
Onafhankelijk v persoon
Deskundige
Normatief
Mening
Subjectief
Persoonlijk
Descriptief beschrijvend
Normatief hoe iets hoort/moet zijn
Exploratief verkennend
Rollen die pedagogiek spelen bij de door binnenlands bestuur en de inspecties geschetste
problemen in de jeugdhulp
Verhelderen welke waarden en doelen wie belangrijk vindt voor de jeugd
Aangeven in hoeverre interventies ontwikkeling beïnvloeden
De kosten en baten van beleidskeuzes verhelderen
Definities van pedagogische wetenschappen (Gunning, Langeveld, IJzendoorn)
, Beschrijven van de pedagogische praktijk en het verbeteren van de pedagogische
praktijk.
Kenmerken voor de empirische-analytische pedagogiek
Het toetsen van ideeën aan de realiteit, systematiek en navolgbaarheid
COLLEGE 2
Pedagogiek (kind leiden)
Wetenschappelijke studie manier waarop volwassenen kinderen groot brengen met een
bepaald doel.
Kindbeelden algemene opvattingen over wat fundamentele kenmerken van (alle) kinderen
zijn.
Ontwikkeling kindbeelden
1530
ERASMUS had een boek geschreven met regels over hoe kinderen zich zouden
moeten gedragen, omdat hij vond dat destijds veel kinderen waren die zich slecht
gedroegen. (dit boek is gebaseerd op een bepaald kindbeeld)
1762
ROUSSOU “kinderen zijn van nature in staat om zich goed te ontwikkelen en om
vaardigheden aan te leren & kennis op te doen (dingen ervaren door het te doen)
1915
VAN HULST “zijn egoïstisch, zijn lustig > kinderen moeten hun behoeftes en lusten
beheersen”
1952
BOBWLY Kinderen hebben veiligheid nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen.
Dus hier zie je dat er bepaalde voorwaarden gebonden zijn aan de kindertijd om te
zorgen dat de ontwikkeling en de functionering op latere leeftijd ook goed gaat
verlopen.
Er heerst een idee dat de kindertijd een unieke fase was in het mensen leven waarin
de grondslag werd gelegd voor de ontwikkeling op latere leeftijd Sensitieve
opvoeding inschatten van het kind nodig heeft en dit bieden)
Kindbeelden
Opvattingen over kinderen die…
Vaak impliciet zijn
Belangrijke karakteristieken van kinderen bevatten
Onderscheid aanduiden met volwassen
Theorieën over kinderen begrenzen en zo opvoedingen en onderwijs sturen en
veranderlijk zijn (historisch en cultureel)
Het angstaanjagend kind (Brinkgreve, 2005)
Monsterachtige kinderen (vies, onaangepast, onhandelbaar, bedreigend)
VS: onschuldig kind (zuiver, spontaan, onbedorven)
Opvoedingsdoel wildheid temmen, beschaving bijbrengen
Opvoeding strenge straffen en regels
Verwend/aanbeden vs verwaarloosd
Te snel groot worden vs laat volwassen worden
Gewenst: Liefde en discipline bieden
, Het mondige kind (Wijers, 2005)
16e eeuw tot jaren 1950 intellectuele en morele zelfstandigheid.
Jaren 60: “iemand die de maatschappij tegenwerken”
Opvoedingsdoel LAGEVELD kind mondig maken, in staat stellen tot bekaam en moreel
betrouwbaar deelnemen aan de samenleving en zelfvorming
Opvoedingsdoel ADORNO opvoeden tot tegenspraak en verzet, bewust maken dat
mensen voortdurend bedrogen worden.
Opvoeding helpen, begeleiden en leiden op weg naar mondigheid
Tegenstrijdigheid
Mondigheid als opvoedingsdoel
Mondigheid als gegeven (jeugdrecht, zelfstandige consumenten)
Opvoeden niet nodig/mogelijk
Gewenst: mondigheid moet worden aangeleerd en geoefend, beschermen tegen te grote
verantwoordelijkheid, sturen en begeleiden.
Factoren van in vloed zijn op de ontwikkeling van kindbeelden
Maatschappelijke ontwikkeling
Economische omstandigheden
Bredere cultuur
Gezinsgrootte
Samenstelling gezinnen
Individualistisch versus collectivistische culturen
Individualistisch
Focus: individu
Opvoedingsdoel: autonomie en individuele prestaties
Opvoedingsstijl: distale interacties
Collectivistische
Focus: groep
Opvoedingsdoel: gehoorzaamheid en respect
Opvoedingsstijl: proximale interacties
Maar ook mengvormen door migratie en verwesterlijking
Overeenkomsten en verschillen tussen culturen (Mesman, 2016)
Universeel: belang sensitiviteit en gehechtheid
Uiting gehechtsheidsgedrag kunnen verschillen per cultuur
Cultuur afhankelijk: grenzen stellen en disciplineren en impact fysieke discipline
Autoritaire (weinig liefde en streng regels) vs autoritatieve (liefde en regels)
opvoedingsstijl
Cultuur-afhankelijk: leren door imitatie vs formeel onderwijs.
De development niche
De materiele en sociale kenmerken van de omgeving
De ideeën die ouders hebben over opvoeding en ontwikkeling
Het opvoedgedrag van de ouders
De terugkeer van het angstaanjagend kind
“Sinds de late middeleeuwen heerst er een verheerlijking van de kinderlijke staat in termen
van primitivisme en irrationaliteit. Het onnozele kind is bij de geboorte zuiver, onbezoedeld,
spontaan en natuurlijk. Pas bij de puberteit begint daar de klad in te komen, en dan glijdt het