Week 1
De student kan:
- Benoemen wat een organisatie is.
Een organisatie is een hulpmiddel om een doel te bereiken, je moet hierbij je werkzaamheden
goed organiseren. Dit betekend plannen, nagaan wat je wanneer moet doen om je doel te
bereiken. Meestal wordt met een organisatie een gezamenlijk doel en een gezamenlijke poging
tot het bereiken bedoeld. Een organisatie is dus een doelgericht organisatieverband.
Kortom: een organisatie is een min of meer duurzaam samenwerkingsverband van mensen en
middelen om een gemeenschappelijk doel te bereiken.
- Organisaties indelen naar doelstelling en omvang
Omdat er heel veel soorten organisaties bestaan, is het handig ze in te delen in soorten. Je
kunt ze indelen en doelstelling, beschikbare hulpmiddelen, leeftijd/geschiedenis, grootte,
organisatiestructuur, invloed medewerkers en rechtsvorm.
Doelstelling:
De doelstelling kan commercieel of maatschappelijk zijn. Bij een commerciële doelstelling
streeft de organisatie naar winst voor de eigenaren (bijv. Philips). Bij een maatschappelijke
doelstelling streeft de organisatie naar iets goeds of nuttigs voor anderen (bijv. een
ziekenhuis).
Beschikbare hulpmiddelen:
Een organisatie kan hierbij opgedeeld worden in commercieel (for profit) of draaiend op
subsidies (non-profit).
Leeftijd:
Hier bij kan een organisatie opgedeeld worden in Jong (50+ partij), dit is een organisatie die
nog niet zo lang bestaat, en oud (VVD), deze bestaat al wel lang.
Grootte:
Hierbij wordt een organisatie opgedeeld in een kleine of grote organisatie. Een kleine
organisatie is bijvoorbeeld een peuterspeelzaal en een grote organisatie is bijvoorbeeld Philips.
Organisatiestructuur:
Kleine organisaties zijn vaak eenvoudig en overzichtelijk terwijl grote organisaties vaak zeer
complex zijn. Een ander voorbeeld is bijvoorbeeld een organisatie met één teamleider is
eenvoudig, een organisatie met veel vestigingen en onderafdelingen is complex. Dit heeft
gevolgen voor de manier van werken en de interne communicatie
Invloed medewerkers:
Er zijn horizontale (platte) organisaties en verticale (hiërarchische) organisaties. In een
horizontale organisatie is ongeveer iedereen gelijk, in een verticale organisatie heb je tal van
directeuren, lagere chefs en uitvoerend personeel.
Rechtsvorm:
Voor commerciële organisaties bestaan andere rechtsvormen dan voor ideële organisaties. De
rechtsvorm regelt de mate van aansprakelijkheid van de eigenaren en bestuurders van de
organisaties. Voor commerciële organisaties (bedrijven) zijn de rechtsvormen:
- eenmansbedrijf
- nv (naamloze vennootschap)