Een onderzoek naar artikel 13b Opiumwet en het evenredigheidsbeginsel.
Inleiding
Daar sta je dan. Hoogstwaarschijnlijk het allerlaatste uur van mijn opleiding hbo-rechten. Het
afgelopen half jaar ben ik intensief bezig geweest met het schrijven van mijn scriptie en deze
presentatie is dan ook een afsluiting van dit hoofdstuk.
In mijn onderzoek ben ik ingegaan op de vraag welke veranderingen in de werkwijze van de
servicegemeente Dordrecht noodzakelijk zijn voor het meewegen van de menselijke maat in het
nemen van besluiten over het sluiten van een woning op grond van artikel 13b Opiumwet. Hierbij is
er gelet op de nieuwe evenredigheidslijn uit de rechtspraak. De vraag vanuit de servicegemeente was
dan ook op welke manier zij de menselijke maat moeten toepassen op de huidige werkwijze en op
welke wijze zij bijzondere omstandigheden moeten meewegen.
Ik zal het antwoord op deze vraag kort toelichten in de terugblik op de scriptie. Daarnaast zal ik nog
twee stellingen presenteren. Deze twee stelling gaan over de handhavingsmatrix en minderjarige
kinderen. Deze twee onderwerpen zijn heel kort aan bod gekomen in de scriptie, maar hier kan nog
veel meer over toegelicht worden.
Korte terugblik scriptie
Huidige werkwijze >
Er wordt binnen de servicegemeente met zeven verschillende beleidsregels. De huidige werkwijze is
op dit moment erg praktisch. De beleidsregels leggen goed uit hoe er toepassing moet worden
gegeven aan de bevoegdheid. De doelstellingen van artikel 13b Opiumwet zijn duidelijk en helpen
om te motiveren waarom een woning moet worden gesloten. Daarnaast wordt er aangegeven hoe er
moet worden omgegaan met een bestuurlijke rapportage. De bijzondere omstandigheden worden
niet benoemd in de huidige werkwijze. Dit om discretionaire ruimte te behouden. De huidige
werkwijze is verder duidelijk geworden door het interview met de senior jurist van de afdeling
bezwaar & beroep. Hierin geeft hij aan dat er geen rekening wordt gehouden met persoonlijke
omstandigheden en hij op de hoogte is van het motiveringsgebrek.
Nieuwe evenredigheidslijn >
De A’fdeling heeft op 2 februari 2022 een nieuwe uitspraak gedaan. De Afdeling gaat hiermee over
tot een meer intensieve toetsing waarbij alle omstandigheden moeten worden betrokken. De
burgemeester moet in de praktijk meer inspanning gaan leveren om alle benodigde relevante feiten
en omstandigheden te vergaren. Geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid kunnen een rol
spelen bij de toetsing, maar het is geen categorische driestapstoets. Er zal in het geval van artikel 13b
Opiumwet intensiever getoetst worden indien er belangen zijn die zwaarder wegen, de gevolgen
voor de betrokkenen ernstiger zijn of als er een inbreuk is gemaakt op artikel 8 EVRM. Alleen een
verwijzing naar het beleid, zal in de toekomst niet voldoende zijn. De bestuursrechter mag in de
toekomst gaan ingrijpen als de gevolgen voor de betrokkene onevenredig zijn in verhouding tot de
doelen uit artikel 13b Opiumwet.
Bijzondere omstandigheden >
Een drietal omstandigheden zijn van belang voor de beoordeling van de evenredigheid van de
sluiting. Namelijk: de verwijtbaarheid, de gevolgen van de sluiting en de aanwezigheid van
minderjarige kinderen.