Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting

Beoordeling
4,7
(6)
Verkocht
16
Pagina's
64
Geüpload op
01-06-2016
Geschreven in
2015/2016

Alle stof die je nodig hebt voor sav!!!

Voorbeeld van de inhoud

SAV 2

Hoorcollege 1: ‘PTTS – posttraumatische stresstoornis.’

Trauma:

- Spectrum van ingrijpende tot traumatische gebeurtenissen:
 Ingrijpende gebeurtenis: stressvolle gebeurtenis die de betrokkene als
controleerbaar ziet.
 Schokkende gebeurtenis: roept intens gevoel van machteloosheid op, de situatie
is oncontroleerbaar – bijvoorbeeld de aanslag in de metro.
 Traumatische ervaring: gaat gepaard met intense angst.
- Kenmerken:
 Schokkend
 Overweldigend
 Gevaarlijk
 Onvoorspelbaar
- Kenmerkend voor een persoon in een schokkende situatie:
 Gevoel van machteloosheid (totale hulpeloosheid ervaren).
 Een acute ontwrichting van het bestaan (verandering).
 Een extreem gevoel van onbehagen (stress/angst).

Verschillende typen schokkende gebeurtenissen:

- Natuurramp – aardbeving.
- Technische ramp - Bijlmer ramp – verschil zit soms ook in de beleving.
- Oorlogsgeweld
- Verkeersongeluk
- Plotseling verlies van een dierbare.
- Seksueel misbruik/kindermishandeling.
- Daden van menselijke agressie (huiselijk geweld/mishandeling, schietpartij,
ontvoering).

Prevalentie – hoe vaak komt het voor?

- Algemene bevolking tussen de 1 en 2 procent.
- Bij traumatische gebeurtenis: circa 15% kinderen ontwikkelen PTSS-achtige
verschijnselen, maar groot deel van de kinderen heeft toch genoeg veerkracht om er
bovenop te komen.
- Vaker PTSS bij oudere kinderen.
- Vaker PTSS bij meisjes en vrouwen.

Posttraumatische stresstoornis bij kinderen (PTSS):

- Eerste criterium:
 Een gebeurtenis meemaken die buiten het patroon van de gebruikelijke
menselijke ervaringen ligt en die duidelijk, vrijwel bij iedereen, leed zou
veroorzaken.
 Tot de reacties behoren intense angst, afschuw, hulpeloosheid – bij kinderen ook
chaotisch gedrag.
 Slachtoffer – getuige zijn van dezelfde orde.

, - Tweede criterium:
 Herbeleven van de traumatische gebeurtenis (intrusieve symptomen – iets wat je
overkomt en waar je geen grip op hebt)
 Dromen, nachtmerries, drangmatige repeteerspelletjes, herbeleving van het
trauma, opdringende onaangename herinneringen aan de gebeurtenis,
flashbacks.
- Derde criterium:
 Ontkenning van het trauma (vermijdingsgedrag en veranderingen in cognities en
stemming).
 Niet over de gebeurtenis willen praten, denken, voelen – verandering in cognities.
 Situaties en personen die aan de gebeurtenis herinneren worden vermeden.
 Bepaalde aspecten van de gebeurtenis niet meer kunnen herinneren.
 Opvallend minder activiteit.
 Regressie – gedrag laten zien van een eerdere ontwikkelingsfase, je verliest je
vaardigheden.
 Onthechting/vervreemding
 Depressie, geen toekomstverwachtingen.
- Vierde criterium:
 Verhoogde prikkelbaarheid (verandering in gespannenheid en reactiviteit).
 Moeite met inslapen/doorslapen.
 Concentratiestoornissen – komt bijna in elk verhaal voor.
 Verhoogde waakzaamheid – alles wat mogelijk gevaar kan zijn in de gaten
houden.
 Versterkte schrikreactie.
 Prikkelbaarheid betekent hier eigenlijk dat je hele systeem op alert staat.

Twee soorten trauma’s:

1. Eenmalige traumatische ervaring – eenvoudige posttraumatische stresstoornis –
afweermechanismen (bijvoorbeeld iets verdringen) zijn niet gemobiliseerd.
 Hierbij kan gedacht worden aan de aanslag in Brussel, want de klachten die
hierbij komen hebben echt alleen te maken met die gebeurtenis.
 Ontstaat in een situatie waarin je gewoon relaxt je routine doet.
2. Herhaalde en langdurige traumatisering – complexe posttraumatische
stresstoornis – afweer kan tijdig in stelling gebracht worden.
 Borderline persoonlijkheidsstoornis
 Dissociatieve identiteitsstoornis – als gevolg van een langdurige traumatiserende
omgeving ga je je eigen gevoel en diepe ik beschermen/afschermen, om
vervolgens wel een lichaam te hebben, maar geen diepe identiteit.
 Depressie
 Geheugenverlies
 Automutilatie – gedrag wat je kunt zien, jezelf opzettelijk verwonden. Is ook een
uiting/manier om staande te blijven staan in een traumatische situatie.
 Hier ga je als kind van alles doen om het gevaar te vermijden of ermee om te
kunnen gaan.

Comorbiditeit – waar gaat het mee samen?

- Depressie - PTSS als predispositie voor depressieve stoornissen
- Angststoornissen
- ADHD – angst uit zich als hyperactiviteit, afleidbaarheid en impulsiviteit.
- ODD en conduct disorder – moeite met agressie controle.
- Middelengebruik – coping strategie.




2

,Peuters en kleuters – waar moet je op letten bij signaleren:

- Mentale en motorische acties van het kind zijn gericht op het zoeken van de
beschermende figuur.
- Ze zijn afhankelijk van coping-vaardigheden van de ouders.
- Kleuters kunnen al beter zelf het gevaar inschatten – ze hebben veel meer besef van
gevaar.
- Vooral veel angstig hechtingsgedrag en separatieangst.
- Veel regressief gedrag:
 Bedplassen, duimzuigen, teruggetrokken gedrag, agressief/lastig gedrag,
nachtmerries, slaapwandelen en praten in de slaap.

Stressreacties van kinderen (basisschoolleeftijd):

- Herbeleving:
 Dringen zich op in rustige situaties.
 Beelden komen terug als een film.
 Associaties/reminders – beeld, geur, geluid, kan algemeen of specifiek zijn.
 Jonge kinderen: meestal enkele indrukken.
 Oudere kinderen: hele flashbacks.
 Posttraumatisch spel (play re-enactment- alsnog greep krijgen, kan heel
obsessief worden).
- Vermijden:
 Specifieke gedachtes
 Bepaalde thema’s in spel
 Vervormen van de gebeurtenis – want datgene wat hun echt angst baart daar
denken ze niet aan.
 Emotionele inperking en vervlakking van gevoelens.
- Overprikkeldheid:
 Overmatig waakzaam en schrikachtig.
 Problemen met inslapen, oververmoeid raken.
 Concentratieproblemen.
 Snel geïrriteerd en opvliegend.
- Andere stressreacties:
 Depressieve klachten
 Algemene angst
 Scheidingsangst
 Schuldgevoelens
Voorbeeld: twee zusjes lopen langs het water en de jongste valt erin, de
oudste kan nog niet zwemmen en moet hulp halen, dit is tevergeefs te laat.
 Schaamtegevoelens
Voorbeeld: bij een verkrachting, meisje denkt dat het haar eigen schuld is.
 Woede en wraak – door verstoorde agressieregulatie.
 Lichamelijke klachten – hoofdpijn/buikpijn.

Adolescenten:

- Schokkende gebeurtenis kan groei naar autonomie verstoren.
- Schaamte voor kwetsbaarheid
- Schaamte voor afhankelijkheid van ouders.
- Herhaling van gevaarlijke situaties.
- Radicale gedragsveranderingen




3

, Voorbeeld: altijd redelijk rustige zoon gehand – hij wordt beroofd – week later gaat hij
op kickboks, andere kleren dragen, stoer gedragen, et cetera. Wanneer een jongen
daarin blijft hangen, maar daaronder is hij eigenlijk heel bang is het een signaal om
er iets mee te doen.
- Angst om de controle verliezen.
- Beperkt toekomstperspectief.

Gezin:

- Grote angst van ouders voor het kind, kan leiden tot:
 Overbescherming – ontwikkeling van het kind remmen uit angst dat er iets
gebeurd.
 Scheidingsangst
- Parentificatie van het kind – kind verliest ouder, maar ouder verliest partner, kind kan
zijn eigen angst/verdriet opzij gaan schuiven om voor de ouder te zorgen.
- Ontkenning en vermijding van het trauma binnen het gezin.

Secundaire bronnen van stress:

- Materiële verliezen
- Gebrek aan voorzieningen: voedsel, onderdak, medische zorg.
- Verhuizing: nieuwe vrienden maken.

Risicofactoren – kind:

- Ernst van de gebeurtenis is afhankelijk van de waarneming en beleving – doorvragen
hoe het voor die persoon was.
- Jonge kind is afhankelijk van coping ouders.
- Temperament:
 Verlegen en angstige kinderen zoeken zelf weinig steun.
- Kwaliteit van gehechtheidsrelaties:
 Angstig gehechte kinderen zijn extra kwetsbaar.
- Schuldgevoel:
 Meer schuldgevoel – meer kans op PTSS.
- Eerder meemaken van schokkende ervaring – cumulatief effect.
- Meteen heftig reageren.
- Bestaande psychopathologie – waren er eventueel al problemen?

Risicofactoren – omgeving:

- Ouders die zelf heftig en angstig reageren
 Blijkt een goede voorspeller van latere klachten.
- Problematiek bij de ouders:
 Schulden, relatieproblemen, psychopathologie.
- Als ouders mede getroffen zijn
- Gebrek aan erkenning uit de omgeving
- Opgroeien in een omgeving met veel geweld:
 Chronisch traumatische stresstoornis, continu opgroeien in een gevaarlijke
omgeving, permanente aanwezigheid van gevaar.

Beschermende factoren:

- Goede coping van de ouders en sensitief reageren op de emoties van het kind.
- Goede opvang en ondersteuning na de ingrijpende gebeurtenis:
 Acceptatie van de emoties van het kind.




4

,  Mogen praten over gevoelens.

Invloed op de ontwikkeling – (samenvatting)

- Schokkende gebeurtenis heeft invloed op:
 Recent verworven vaardigheden.
 Directe ontwikkelingstaken.
- Angstige gehechtheid en scheidingsangst:
 Introductie angst in de gehechtheidsrelatie.
 Gedesoriënteerde gehechtheid.
- Belemmering separatie-individuatie-ontwikkeling:
 Jonge kinderen (16-24 maanden)
 Adolescenten: grote afhankelijkheid ouders, getraumatiseerd vermijdingsgedrag.
- Verminderde schoolprestaties:
 Taalontwikkeling van het jonge kind bedreigd.
 Afname verbale vaardigheden
 Slechte concentratie
- Stagnerende sociale ontwikkeling:
 Sociaal isolement.
- Geschonden zelfbeeld:
 Gevoelens van schuld en schaamte.
 Negatief zelfbeeld
 Continuïteit van de eigen persoon doorkruist: risico voor identiteitsontwikkeling bij
adolescenten, verandering van toekomst oriëntatie.

Aanpak (EHBO):

- Vormen van interventie: voorlichting, gestructureerde groepsopvang, individuele
gestructureerde opvang.
- Preventieve interventies hebben als doel: ondersteunen van de normale verwerking:
 Praten over de gebeurtenis om te ordenen.
 Uitleg over de stressreacties (psych-educatie).
 Tips hoe om te gaan met gedachten of gevoelens (adequate coping).
 Betekenisgeving.
- Activeren van het sociale netwerk – ouders begeleiden.
 Psycho-educatie, pedagogische advisering, ventileren eigen angsten en emoties.
- Informeren van de leerkracht.
 Psycho-educatie, navraag doen over het kind, advisering over de ondersteuning
van het kind in de klas.
- Vroegtijdig signaleren van stagnerende verwerking, onder andere:
 Inventariseren PTSS-reacties.
 Observaties tijdens het reconstructieverhaal.
 Inventariseren copingstijl
 Taxatie van het netwerk en sociale steun.
- Oefeningen en technieken:
 Spel, tekenen, vrij schrijven, veldbezoeken, onstspanningsoefeningen.
 Eye Movement Desenitisation and Reprocessing (EMDR) – zie link sheet.




5

Documentinformatie

Geüpload op
1 juni 2016
Aantal pagina's
64
Geschreven in
2015/2016
Type
SAMENVATTING
€4,49
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 16 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Overleef de eerste maandag!
4,0
(1)
10 2 2016
€ 5,74 Meer info

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 6 reviews worden weergegeven
9 jaar geleden

9 jaar geleden

7 jaar geleden

7 jaar geleden

9 jaar geleden

9 jaar geleden

4,7

6 beoordelingen

5
4
4
2
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
noorhardebol Hogeschool van Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
423
Lid sinds
11 jaar
Aantal volgers
281
Documenten
4
Laatst verkocht
3 jaar geleden

4,2

111 beoordelingen

5
39
4
56
3
12
2
2
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen