Evaluatie van de voedingsnormen voor vitamine D.
Voedingsnormen geven aan hoeveel mensen idealiter van een bepaalde stof binnen moeten
krijgen om gezond te blijven.
Werking en bronnen van vitamine D
Het is van belang voor een goede botopbouw. Een gebrek aan vitamine D veroorzaakt rachitis bij
kinderen en bij volwassenen osteomalacie. Hierbij is het bot zwak en pijnlijk.
Het komt van nature voor in vette vis, vlees, eieren en melkproducten. Het wordt extra
toegevoegd aan margarine, halvarine en bak- en braadproducten.
Het lichaam kan ook zelf vitamine D aanmaken doormiddel van zonlicht.
De betekenis van voedingsnormen
De normen en suppletieadviezen zijn bedoeld om een vitamine D-tekort te voorkomen maar niet
om dit tekort te behandelen.
De voedingsnorm betreft de totale behoefte aan vitamine D. Een deel maakt het lichaam zelf aan
(in de huid) doormiddel van zonlicht. En een ander deel moet worden verkregen uit de voeding.
De aanvaardbare bovengrens (het niveau waarboven de kans bestaat dat ongewenste effecten
optreden) is voor vitamine D:
Tot 1 jaar: 25mcg/dag
Tot en met 10: 50mcg/dag
Daarboven: 100mcg/dag
Werkwijze bij de afleiding van voedingsnormen en suppletieadviezen
Vitamine D kan het risico op rachitis en het risico op botbreuken verkleinen. Het speelt ook een
beschermende rol bij vallen bij ouderen.
Het verhoogde risico op een vitamine D-tekort hangt samen met leeftijd, zonlichtblootstelling en
huidskleur.
Voedingsnormen en suppletieadviezen per groep
Jonge kinderen
0 – 4 jaar: 10mcg/dag
70-plusser
20 mcg/dag
Van 4 – 70 jaar, inclusief vrouwen die borstvoeding geven
Mensen die weinig of niet in de zon komen: 10mcg/dag
Mensen met een donkere huid: 10mcg/dag
Vrouwen van 50 tot 70: 10mcg/dag
Zwangere vrouwen
10mcg/dag