Hoofdstuk 11 kostenstructuur
11.1 vaste en variabele kosten
Vaste kosten of constante kosten, de kosten die in een productieperiode onafhankelijk zijn van de
productieomvang, maar verband houden met de aanwezigheid van een bepaalde capaciteit.
Variabele kosten die totaal reageren op een wijziging van de productieomvang.
Er zijn 3 soorten variabele kosten
1. Proportioneel variabele kosten, de kosten variëren recht evenredig met de omvang van de
productie waardoor de kosten per eenheid gelijk blijven.
2. Degressief variabele kosten, kosten die in totaal minder dan evenredig stijgen met de
productieomvang, waardoor de kosten per eenheid afnemen.
3. Progressief variabele kosten, kosten die in totaal meer dan evenredig toenemen bij een
uitbreiding van de productie waardoor de kosten per eenheid stijgen.
Relevant productie interval, de schaal waarbinnen de omvang van de productie in de beschouwde
periode zal kunnen liggen.
Trapsgewijs variabele kosten, kosten die in totaliteit discontinu variëren met de productieomvang
als gevolg van een beperkte deelbaarheid van productiemiddelen.
Methode hoogste punt- laagste punt, geeft slechts een globale indicatie van het kostenverloop.
Beperkingen:
- Aanname = stijging kosten uitsluitend door variabele kosten.
- De gekozen niveaus zijn wellicht niet representatief voor het proces.
K=C+v*q
K= kostenstructuur
C= constante kosten
v= variabele kosten
q= hoeveelheid
11.2 break-evenanalyse
Break-even punt, de omzet (afzet) waarbij de totale opbrengst gelijk is aan de totale kosten,
waardoor winst noch verlies wordt gemaakt.
De winst is gelijk aan 0
Totale opbrengst is gelijk aan de totale kosten.
(p*q) – (v* q+ C) = 0
Dekkingsbijdrage- Bij een productie van 0 eenheden is het verlies gelijk aan de hoogte van de
constante kosten. Elke eenheid die wordt geproduceerd en verkocht verkleint het verlies met het
verschil tussen de verkoopprijs en de variabele kosten per eenheid.
Dekkingsbijdrage = de verkoopprijs – de variabele kosten per eenheid
Of de omzet – totale variabele kosten.
Winstgraad is de dekkingsbijdrage als percentage van de opbrengst.
Break-even aantal is q = C/(p-v)
Break-even aantal in q met winst = C + winst /(p-v)
q= break-even afzet
C= constante kosten
P= rijs
V= variabele kosten per stuk
Break-even omzet = q (break-even aantal) *p
1