1.1 Jagers werden boer
Bekijk aantekeningen in schrift!
prehistorie: alleen maar ongeschreven bronnen
De eerste mensen:
-5 miljoen jaar geleden: Afrikaanse mensapen trokken naar open vlaktes en leerde rechtop lopen
-Ze maakten eigen werktuigen van steen
-deze Neanderthalers stierven ongeveer 33.000 jaar geleden
Levenswijze jager-verzamelaars:
-Trokken rond om aan genoeg voedselbronnen te komen: nomaden
-Voedselbronnen op?—> trokken verder naar ander gebied
-Bouwden kleine kampen, hadden weinig bezittingen
-weinig sociale verschillen tussen mensen
Klimaatsverandering:
-Rond 10.000 v. Chr.
-De aarde wordt warmer
-Nederland: moerassen en bossen
-Delen van Afrika en Midden-Oosten: droger
Noord-Afrika en Midden-Oosten:
-Droog klimaat: minder begroeiing en water (ontstaan woestijnen)
-Te weinig voedsel: dieren trekken weg naar vruchtbare gebieden
-Mensen trekken ook weg of gaan andere middelen van bestaan zoeken om in leven te blijven
Vruchtbare Halvemaan:
-Gebied waar de eerste landbouw ontstaat (9000 v. Chr.)
-Midden-Oosten: Egypte, Israël, Palestina, Jordanië, Libanon, Syrië, Irak, Iran en Turkije
-‘De kraamkamer van de beschaving’: ontstaan van steden en het schrift
Landbouwrevolutie:
-Revolutie betekent verandering
-Jager-verzamelaars worden boer
-De landbouwrevolutie duurde meer dan 1000 jaar: niet iedereen werd tegelijk boer
-Landbouw bestaat uit: akkerbouw en veeteelt
Grote en belangrijke verandering:
-99% van de geschiedenis van de mens, heeft de mens geleefd als jager-verzamelaars
Gevolgen van de landbouwrevolutie:
-Mensen stoppen te leven als nomaden
-Het ontstaan van de eerste steden: landbouwsamenleving
-Mensen krijgen meer bezittingen
-Er ontstaat meer ongelijkheid: de één heeft meer bezittingen dan een ander
Stad in het Midden-Oosten, omstreeks 9000 v. Chr.:
, Boeren in Europa:
-Pas laat: het was niet nodig, er was voldoende voedsel te vinden
-Eerste boeren in NL: Zuid-Limburg rond 5300 v. Chr.
-Tóch landbouw in Europa: mensen verhuizen uit gebieden waar gebrek aan landbouwgrond is en
komen in Europa terecht
Boeren in Nederland:
-Zuid-Limburg: bandkeramiekers (tot 4400 v. Chr.)
-Noord-Nederland: trechterbekercultuur (rond 3500 v. Chr.)
-Vanaf 3000 v. Chr. zijn er in Nederland geen jager-verzamelaars meer
Indeling van onze prehistorie:
Neolithische bouwwerken: overblijfselen uit de nieuwe steentijd (neolithicum)
Dood en begraven:
-Graven worden steeds uitgebreider: grafheuvels en hunebedden
-Zowel begraven als cremeren: urnenvelden
-Doden kregen bezittingen mee: vermoedelijk geloven in leven na de dood
1.2 Dorpen en stadstaten
Prehistorische culturen:
-oude boerensamenlevingen vaak vernoemd naar plek waar ze leefden of voorwerpen die ze
maakten
Eufraat, Tigris en Nijl:
-Vruchtbare halve maan raakte vol door landbouw—> mensen trokken naar streken rondom
Eufraat, Tigris en Nijl—> hier viel veel minder regen—> irrigatiesysteem aangesloten op de rivieren
-bij streken langs de Nijl trad de rivier in de zomer naast haar oevers, hierdoor kwam er vruchtbaar
laagje slip op landbouwgrond
-bij streken langs Tigris en Eufraat overstroomde de rivier in het voorjaar, hier moest het water
juist tegengehouden worden
-boeren die betere oogsten binnen haalden, kregen meer aanzien en macht, en werden later
leiders, hieruit is koningsschap ontstaan
Stadstaten:
-succesvolle irrigatielandbouw—> bevolkingsgroei
-enkele tientallen dorpen in Mesopotamië en Egypte groeiden uit tot steden—> stadstaten
-de meerderheid van de stadsbevolking was boer—> er werd gespecialiseerd in verschillende
dingen (binnen landbouw of daarbuiten)—> ontstaan beroepen
-samenleving in stad hiërarchisch opgebouwd—> slaven onderaan, daarboven boeren etc.
-polytheïsme
-de koning was opperbevelhebber leger, opperrechter en bestuurder, belangrijkste priester,
mensen geloofden dat koning kon communiceren met god of dit zelf was
-tempel was een economisch en godsdienstig centrum—> monumentaal centrum
Bekijk aantekeningen in schrift!
prehistorie: alleen maar ongeschreven bronnen
De eerste mensen:
-5 miljoen jaar geleden: Afrikaanse mensapen trokken naar open vlaktes en leerde rechtop lopen
-Ze maakten eigen werktuigen van steen
-deze Neanderthalers stierven ongeveer 33.000 jaar geleden
Levenswijze jager-verzamelaars:
-Trokken rond om aan genoeg voedselbronnen te komen: nomaden
-Voedselbronnen op?—> trokken verder naar ander gebied
-Bouwden kleine kampen, hadden weinig bezittingen
-weinig sociale verschillen tussen mensen
Klimaatsverandering:
-Rond 10.000 v. Chr.
-De aarde wordt warmer
-Nederland: moerassen en bossen
-Delen van Afrika en Midden-Oosten: droger
Noord-Afrika en Midden-Oosten:
-Droog klimaat: minder begroeiing en water (ontstaan woestijnen)
-Te weinig voedsel: dieren trekken weg naar vruchtbare gebieden
-Mensen trekken ook weg of gaan andere middelen van bestaan zoeken om in leven te blijven
Vruchtbare Halvemaan:
-Gebied waar de eerste landbouw ontstaat (9000 v. Chr.)
-Midden-Oosten: Egypte, Israël, Palestina, Jordanië, Libanon, Syrië, Irak, Iran en Turkije
-‘De kraamkamer van de beschaving’: ontstaan van steden en het schrift
Landbouwrevolutie:
-Revolutie betekent verandering
-Jager-verzamelaars worden boer
-De landbouwrevolutie duurde meer dan 1000 jaar: niet iedereen werd tegelijk boer
-Landbouw bestaat uit: akkerbouw en veeteelt
Grote en belangrijke verandering:
-99% van de geschiedenis van de mens, heeft de mens geleefd als jager-verzamelaars
Gevolgen van de landbouwrevolutie:
-Mensen stoppen te leven als nomaden
-Het ontstaan van de eerste steden: landbouwsamenleving
-Mensen krijgen meer bezittingen
-Er ontstaat meer ongelijkheid: de één heeft meer bezittingen dan een ander
Stad in het Midden-Oosten, omstreeks 9000 v. Chr.:
, Boeren in Europa:
-Pas laat: het was niet nodig, er was voldoende voedsel te vinden
-Eerste boeren in NL: Zuid-Limburg rond 5300 v. Chr.
-Tóch landbouw in Europa: mensen verhuizen uit gebieden waar gebrek aan landbouwgrond is en
komen in Europa terecht
Boeren in Nederland:
-Zuid-Limburg: bandkeramiekers (tot 4400 v. Chr.)
-Noord-Nederland: trechterbekercultuur (rond 3500 v. Chr.)
-Vanaf 3000 v. Chr. zijn er in Nederland geen jager-verzamelaars meer
Indeling van onze prehistorie:
Neolithische bouwwerken: overblijfselen uit de nieuwe steentijd (neolithicum)
Dood en begraven:
-Graven worden steeds uitgebreider: grafheuvels en hunebedden
-Zowel begraven als cremeren: urnenvelden
-Doden kregen bezittingen mee: vermoedelijk geloven in leven na de dood
1.2 Dorpen en stadstaten
Prehistorische culturen:
-oude boerensamenlevingen vaak vernoemd naar plek waar ze leefden of voorwerpen die ze
maakten
Eufraat, Tigris en Nijl:
-Vruchtbare halve maan raakte vol door landbouw—> mensen trokken naar streken rondom
Eufraat, Tigris en Nijl—> hier viel veel minder regen—> irrigatiesysteem aangesloten op de rivieren
-bij streken langs de Nijl trad de rivier in de zomer naast haar oevers, hierdoor kwam er vruchtbaar
laagje slip op landbouwgrond
-bij streken langs Tigris en Eufraat overstroomde de rivier in het voorjaar, hier moest het water
juist tegengehouden worden
-boeren die betere oogsten binnen haalden, kregen meer aanzien en macht, en werden later
leiders, hieruit is koningsschap ontstaan
Stadstaten:
-succesvolle irrigatielandbouw—> bevolkingsgroei
-enkele tientallen dorpen in Mesopotamië en Egypte groeiden uit tot steden—> stadstaten
-de meerderheid van de stadsbevolking was boer—> er werd gespecialiseerd in verschillende
dingen (binnen landbouw of daarbuiten)—> ontstaan beroepen
-samenleving in stad hiërarchisch opgebouwd—> slaven onderaan, daarboven boeren etc.
-polytheïsme
-de koning was opperbevelhebber leger, opperrechter en bestuurder, belangrijkste priester,
mensen geloofden dat koning kon communiceren met god of dit zelf was
-tempel was een economisch en godsdienstig centrum—> monumentaal centrum