Samenvatting
Administratieve
Organisatie
De kern van de administratieve organisatie, tweede druk
Iris Roijen
, L2S3 Management information system Administratieve organisatie
H1 – Organisatie en informatie
Een organisatie is een samenwerkingsverband van mensen die met behulp van de inzet van
middelen (input) een bepaalde prestatie leveren (output, meestal een product of dienst) om
daarmee een doelstelling te behalen. Een bedrijf is een specifieke vorm van een organisatie, namelijk
een organisatie waar het doel is het behalen van winst.
We onderscheiden de volgende vier soorten input: kapitaal, goederen, arbeid en informatie.
In de Agencytheorie worden twee partijen onderscheiden, namelijk de principaal (bijvoorbeeld de
eigenaar) en de agent (bijvoorbeeld de leiding). De eigenaar kan benadeeld worden doordat de
leiding andere belangen heeft, maar ook doordat de leiding over alle informatie beschikt die de
eigenaar niet (meer) heeft. Hierbij heeft de eigenaar twee problemen:
1. Hidden action. Hij weet niet zeker of de agent zijn best doet en of hij de goede dingen doet.
2. Hidden information. Hij weet niet of de agent de waarheid vertelt als hij zich verantwoordt.
Informatieasymmetrie: De ene partij heeft een informatievoorsprong en weet dus hoe het écht zit.
Hierdoor is de behoefte aan control ontstaan.
Er zijn bedrijven met relatief weinig medewerkers (kapitaalintensief) en er zijn bedrijven waar de
factor arbeid belangrijk is (arbeidsintensief).
De missie is een beknopte verklaring met daarin:
De reden waarom de organisatie bestaat
Het primaire doel waarop de activiteiten zijn gericht
De kernwaarden die als richtlijn functioneren voor de werkzaamheden van de werknemers
De wijze waarop een organisatie verwacht de concurrentie aan te gaan
De wijze waarop de organisatie verwacht de klanten waarde te bieden
De missie wordt vertaald in een visie. De visie is een verklaring van de doelstellingen van de
organisatie op middellange tot lange termijn (drie tot tien jaar), extern en marktgericht, die duidelijk
moet maken hoe de organisatie door de wereld wil worden gezien.
Een stap verder is het formuleren van de strategie. De missie en visie geven vooral aan wat de
organisatie wil bereiken en de strategische uitgangspunten formuleren hoe dit bereikt moet worden.
De omstandigheden die van invloed zijn op de strategie zijn vooral extern. Hierbij maken we gebruik
van het DESTEP-model.
D: Demografisch Hoe ontwikkelt de bevolking zich?
E: Economisch Hoe ontwikkelt de economie zich?
S: Sociaal Hoe ontwikkelt de maatschappij zich?
T: Technologisch Zijn er technologisch belangrijke ontwikkelingen?
E: Ecologisch Welke eisen stelt de zorg voor milieu en klimaat?
P: Politiek Zijn er politieke maatregelen te verwachten?
De volgende stap is het vertalen van de strategie naar concrete doelen en plannen. Daarnaast
worden concrete acties geformuleerd die voor een bepaalde periode moeten leiden tot het
realiseren van de strategie. Hierin worden meestal twee plannen onderscheiden: meerjarenplannen
en jaarplannen. Zowel de doelen als de plannen dienen SMART geformuleerd te zijn.
S: Specifiek De doelstelling moet concreet zijn.
M: Meetbaar Het behalen van de doelstelling moet meetbaar zijn.
A: Acceptabel Degene die de doelstelling moet halen moet het ermee eens zijn.
R: Realistisch De doelstelling moet haalbaar zijn.
T: Tijdgebonden Het moet bekend zijn wanneer de doelstelling behaald moet zijn.
Pagina 1 van 52 Iris Roijen