Inhoudsopgave
Europees recht.......................................................................................................................................2
Staatsrecht.............................................................................................................................................6
Strafrecht..............................................................................................................................................10
Materieel strafrecht.........................................................................................................................10
Strafprocesrecht...............................................................................................................................14
Openbaar ministerie (OM)............................................................................................................14
Politie (ambtenaren).....................................................................................................................15
Rechter.........................................................................................................................................15
Advocaat.......................................................................................................................................15
,Europees recht
Europees recht werkt door in NL privaat- en publiekrecht
EHRM = Europees Hof voor de Rechten van de Mens
EVRM = Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Totstandkoming EU
- De EU is een internationale organisatie waarvan de voorlopers (EGKS, Euratom, EEG) zijn
opgericht na de 2e WO.
o Oprichting door de lidstaten door sluiten van verdragen
o Focus op: veiligheid + economische integratie
Daarna uitbereidingen/wijzigingen door middel van verdere verdragen totdat we de EU hebben zoals
nu:
- Steeds meer lidstaten
- Meer bevoegdheden
- Verandering structuur
- Naamswijzigingen (EGKS EEG EG EU)
- Nu gelden het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en het Verdrag betreffende de
Werking van de Europese Unie (VWEU)
Bronnen Europees recht:
1. De verdragen + Handvest (= primair* EU recht) (kan EU niet wijzigen)
2. De EU-regelgeving (= secundair* EU recht)
3. Algemene beginselen van Europees recht
4. Jurisprudentie van het hof van Justitie van de Europese Unie
Primair Europees recht*
= bestaat uit de verdragen en het Handvest van de grondrechten van de EU.
- VEU + VWEU
komt tot stand doordat de lidstaten van de EU een verdrag sluiten
Primair recht heeft o.a. volgende inhoud:
- Bevoegdheden
o Bevoegdheden van de instellingen
o Rechtsbasis voor nadere regelgeving
- Procedures (bv, hoe de Europese Commissie wordt benoemd)
- Materiele bepalingen = rechten en plichten van burgers
Secundair Europees recht*
= richtlijnen, verordeningen aanbevelingen/adviezen en besluiten art. 288 VWEU
Wordt gemaakt door de instellingen van de EU volgens de voorgeschreven
wetgevingsprocedure
het secundaire recht is een uitwerking van het primaire recht
- Bijzonder voor algemeen
Doelstellingen EU: art. 2, 3 VWEU
- Vrede en welzijn
, - Vrijheid en veiligheid
- Interne markt ( vrije markt, staatssteun, mededinging)
- Monetaire unie
- Extern (mensenrechten) beleid
Bevoegdheden EU: staan in VEU + VWEU
- EU kan deze bevoegdheden gebruiken om de doelstelling te realiseren
o Art. 5 lid 2 VEU = attributiebeginsel
- EU is bevoegd om internationale overeenkomsten te sluiten
o Art. 216 VWEU
Internationale organisaties:
1. Gouvernementele organisaties (staten werken samen) EU, VN
o Intergouvernementele
o Supranationale
2. Non-gouvernementele organisaties (een rechtspersoon opgericht door personen ngo)
zoals het rode kruis, Amnesty International
1.Gouvernementele organisaties:
- Samenwerkingsverbanden tussen staten
- Opgericht door lidstaten door het sluiten van een verdrag:
o Onderhandelen
o Ondertekenen
o Ratificatie
1.1 Intergouvernementele organisaties
= staten geven geen soevereiniteit op nationale regeringen hebben het voor het zeggen.
- Besluiten met eenparigheid van stemmen of niet- bindende besluiten
o Kenmerken:
o Vaak een eenvoudige structuur
o Vaak beperkte bevoegdheden
o Uitvoering van besluiten door landen zelf
Bijvoorbeeld; ITU, WGO, WHO
1.2 Supranationale organisaties
= staten dragen wel soevereiniteit over -- > de organisatie kan haar wil opleggen aan de lidstaten
- Meerderheidsbesluiten
o Kenmerken:
o Complexe structuur
o Verregaande bevoegdheden
De Europese Unie is een supranationale organisatie
Algemene beginselen en jurisprudentie:
Basisbeginselen EU:
1. Loyale samenwerking, art. 4 lid 3 VEU
2. Attributiebeginsel, art. 5 lid 2 VEU
3. Subsidiariteitsbeginsel, art. 5 lid 3 VEU
4. Evenredigheidsbeginsel, art. 5 lid 4 VEU
5. Gelijkheidsbeginsel, art. 18 VEU
Europees recht.......................................................................................................................................2
Staatsrecht.............................................................................................................................................6
Strafrecht..............................................................................................................................................10
Materieel strafrecht.........................................................................................................................10
Strafprocesrecht...............................................................................................................................14
Openbaar ministerie (OM)............................................................................................................14
Politie (ambtenaren).....................................................................................................................15
Rechter.........................................................................................................................................15
Advocaat.......................................................................................................................................15
,Europees recht
Europees recht werkt door in NL privaat- en publiekrecht
EHRM = Europees Hof voor de Rechten van de Mens
EVRM = Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Totstandkoming EU
- De EU is een internationale organisatie waarvan de voorlopers (EGKS, Euratom, EEG) zijn
opgericht na de 2e WO.
o Oprichting door de lidstaten door sluiten van verdragen
o Focus op: veiligheid + economische integratie
Daarna uitbereidingen/wijzigingen door middel van verdere verdragen totdat we de EU hebben zoals
nu:
- Steeds meer lidstaten
- Meer bevoegdheden
- Verandering structuur
- Naamswijzigingen (EGKS EEG EG EU)
- Nu gelden het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en het Verdrag betreffende de
Werking van de Europese Unie (VWEU)
Bronnen Europees recht:
1. De verdragen + Handvest (= primair* EU recht) (kan EU niet wijzigen)
2. De EU-regelgeving (= secundair* EU recht)
3. Algemene beginselen van Europees recht
4. Jurisprudentie van het hof van Justitie van de Europese Unie
Primair Europees recht*
= bestaat uit de verdragen en het Handvest van de grondrechten van de EU.
- VEU + VWEU
komt tot stand doordat de lidstaten van de EU een verdrag sluiten
Primair recht heeft o.a. volgende inhoud:
- Bevoegdheden
o Bevoegdheden van de instellingen
o Rechtsbasis voor nadere regelgeving
- Procedures (bv, hoe de Europese Commissie wordt benoemd)
- Materiele bepalingen = rechten en plichten van burgers
Secundair Europees recht*
= richtlijnen, verordeningen aanbevelingen/adviezen en besluiten art. 288 VWEU
Wordt gemaakt door de instellingen van de EU volgens de voorgeschreven
wetgevingsprocedure
het secundaire recht is een uitwerking van het primaire recht
- Bijzonder voor algemeen
Doelstellingen EU: art. 2, 3 VWEU
- Vrede en welzijn
, - Vrijheid en veiligheid
- Interne markt ( vrije markt, staatssteun, mededinging)
- Monetaire unie
- Extern (mensenrechten) beleid
Bevoegdheden EU: staan in VEU + VWEU
- EU kan deze bevoegdheden gebruiken om de doelstelling te realiseren
o Art. 5 lid 2 VEU = attributiebeginsel
- EU is bevoegd om internationale overeenkomsten te sluiten
o Art. 216 VWEU
Internationale organisaties:
1. Gouvernementele organisaties (staten werken samen) EU, VN
o Intergouvernementele
o Supranationale
2. Non-gouvernementele organisaties (een rechtspersoon opgericht door personen ngo)
zoals het rode kruis, Amnesty International
1.Gouvernementele organisaties:
- Samenwerkingsverbanden tussen staten
- Opgericht door lidstaten door het sluiten van een verdrag:
o Onderhandelen
o Ondertekenen
o Ratificatie
1.1 Intergouvernementele organisaties
= staten geven geen soevereiniteit op nationale regeringen hebben het voor het zeggen.
- Besluiten met eenparigheid van stemmen of niet- bindende besluiten
o Kenmerken:
o Vaak een eenvoudige structuur
o Vaak beperkte bevoegdheden
o Uitvoering van besluiten door landen zelf
Bijvoorbeeld; ITU, WGO, WHO
1.2 Supranationale organisaties
= staten dragen wel soevereiniteit over -- > de organisatie kan haar wil opleggen aan de lidstaten
- Meerderheidsbesluiten
o Kenmerken:
o Complexe structuur
o Verregaande bevoegdheden
De Europese Unie is een supranationale organisatie
Algemene beginselen en jurisprudentie:
Basisbeginselen EU:
1. Loyale samenwerking, art. 4 lid 3 VEU
2. Attributiebeginsel, art. 5 lid 2 VEU
3. Subsidiariteitsbeginsel, art. 5 lid 3 VEU
4. Evenredigheidsbeginsel, art. 5 lid 4 VEU
5. Gelijkheidsbeginsel, art. 18 VEU