Om de ruimtelijke structuren in beeld te brengen maken we gebruik van de
lagenbenadering. De lagenbenadering legt de ruimte uiteen in drie lagen.
Ondergrond
o Abiotische systeem, niet levende
componenten (bodemverontreiniging,
wateroverlast, bodemdaling)
o Biotisch systeem, levende componenten
(vervuild grondwater en biodiversiteit)
o Watersysteem (verdroging, overstromingen,
verzilting, waterkwaliteit)
o Medestructurend voor andere lagen
o Lange ontstaansgeschiedenis en kwetsbaar;
belangrijke veranderingen vergen al gauw
meer dan een eeuw tijd
Netwerk laag
o Fysieke infrastructuur (wegen, spoor,
waterwegen, vliegroutes, ondergrondse leidingen)
o Onzichtbare verbindingen (informatie en communicatie (ICT))
o Hoge aanloopkosten en lange aanlooptijden; belangrijke veranderingen in
deze laag duren circa 20 tot 80 jaar
Occupatie laag
o De wijze waarop de ruimte in gebruik is genomen voor menselijke activiteiten
(wonen, werken, recreëren)
o Hoge veranderingssnelheid: veranderingen voltrekken zich veelal binnen één
generatie (10 tot 40 jaar)
Lagenbenadering:
Kan helpen de ruimtelijke kwaliteit in beeld te brengen
Gebruik je voor een landschapsanalyse (voorverkenningsfase).
Kan zowel als analyse-, ontwerp- als afwegingsinstrument gebruikt worden.
Vindt plaats op verschillende schaalniveaus (Nederland, provincie, gemeente, wijk,
buurt, straat, woning).
Ruimtelijke kwaliteit: gebruikswaarde + belevingswaarde + toekomstwaarde.
De lagenbenadering wordt meestal gebruikt door professionals die werkzaam zijn binnen de
Ruimtelijk Ordening (RO). Het hoofddoel van de Ruimtelijke Ordening (RO) en planologie is
het zorgdragen voor een zo goed mogelijke leefomgeving (voldoende huizen, ruimte, natuur,
bedrijven, etc.). Ruimtelijke Ordening heeft te maken met de toekomst.
Partijen en bestuursorganen
De verschillende partijen bij de verschillende bouwfasen noemen
De functies, activiteiten en taken omschrijven die deze partijen vervullen c.q. uitvoeren