Voorbereiding voor deeltoets 1 Ruben Marseille
Hoofdstuk 1 – Introducing cognitive neuroscience :
Cognitie: mentale processen van een hoger niveau als denken, praten, voorstellen/inbeelden,
handelen en opvatten. Cognitieve neurowetenschappen is een wetenschapsdiscipline die een
brug vormt tussen enerzijds cognitieve wetenschap en cognitieve psychologie en anderzijds
biologie en neurowetenschappen. Ze probeert cognitieve processen door middel van
onderzoek van het brein te verklaren.
De geest en het brein vanuit filosofisch oogpunt: hoe is het mogelijk dat het brein (fysiek)
onze mentale wereld creëert (geestelijk)? Dit noemt men het mind-body problem. Volgens
Descartes (16e eeuw) zijn beide van een andere structuur en substantie (res cogitans en res
extensa), dit heet het dualisme. Volgens Spinoza (17e eeuw) zijn beiden een andere uitleg van
hetzelfde fenomeen; dit standpunt heet dual-aspect theory. Tot slot is reductionisme de term
voor het idee dat mentale processen uiteindelijk alleen biologisch verklaard kunnen worden
en psychologie (studie van de geest) tot pure biologie (studie van het brein als biologisch
‘product’) reduceert.
De geest en het brein vanuit wetenschappelijk oogpunt: frenologie (18e eeuw) bestaat uit twee
ideeën, namelijk dat verschillende delen van het brein verschillende functies hebben (wordt
nog steeds aangehangen: functional specialization) en dat de grote van die verschillende
hersendelen zichtbaar zou zijn aan de schedel en bepalend voor cognitie (onzin). Cognitieve
neuropsychologie (19e eeuw, bijv. Broca’s onderzoek) is de wetenschapsvorm waarbij
beschadigde hersenen onderzocht worden voor informatiewinning. Een modernere opvatting
is die van de information-processing approach; het idee dat het brein als een computer
(d.w.z. procesmatig) werkt. Interactivity: ~tussen verschillende fases van verwerking, top-
down processing: invloed van latere fases van verwerking op eerdere, parallel processing:
verschillende informatie wordt tegelijk verwerkt.
Het brein is een verzameling lichaamscellen die zich richt op informatieverwerking en in staat
is representaties (map making) van de omgeving en onszelf te maken. Op basis daarvan zijn
homo sapiens preciezer in het aansturen van hun lichaam dan andere organismen.
Hoofdstuk 2 – Introducing the brain
Ons zenuwstelsel bestaat uit cellen genaamd
neuronen. Een neuron bestaat uit een cell
body, dendrieten en een axon. Binnen de cell
body ligt de nucleus, waarin de genetische
codering ligt.
Een neuron ontvangt informatie van andere
neurons en verandert zijn eigen activiteit op
basis daarvan voordat hij de informatie
doorstuurt. Dat gaat zo: dendrieten