Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting De bestuurlijke kaart van Nederland, ISBN: 9789046907344 Bestuur en beleid (USG5010) Hoofdstuk 1-6 + 9-10

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
22
Geüpload op
14-04-2023
Geschreven in
2022/2023

Samenvatting De bestuurlijke kaart van Nederland, ISBN: 7344 Bestuur en beleid (USG5010) Hoofdstuk 1-6 + 9-10 + moeilijke begrippen

Voorbeeld van de inhoud

De bestuurlijke kaart van
Nederland
Hoofdstuk 1: De bestuurlijke kaart van Nederland
Wat is openbaar bestuur?

Hoofdvraag: hoe is het openbaar bestuur ingericht?

1. Alle organisaties met publiekrechtelijke grondslag behoren tot het openbaar bestuur
2. Financiering
- Verenigingen (contributies)
- Bedrijven (de verkoop van producten en diensten)
- Publieke organisaties (gefinancierd uit algemene middelen)
3. Doel of taakstelling

Omgeving van openbaar bestuur: alle partijen en omstandigheden die in wisselwerking met het
openbaar bestuur staan

Kennis van en inzicht in het openbaar bestuur zijn pas mogelijk als dit wordt bestudeerd in
samenhang met de maatschappelijke context.

Bedrijvende invalshoek: het bedrijvende gezichtspunt, perspectief of kader van waaruit je een tekst
schrijft

Kenmerken Nederlands openbaar bestuur

1. Nederland is een constitutionele monarchie (koning is staatshoofd)  zie h2
2. Nederland is een rechtstaat (overheidshandelen onderworpen aan de regels van het recht)
 zie h2
3. Nederland kent een gedeeltelijk scheiding der machten (machten onafhankelijk en
controleren elkaar)  zie h2 en 3
4. Nederland heeft ook een scheiding van kerk en staat (geen staatskerk)
5. Nederland heeft een parlementair stelsel (Het volk kiest de tweede kamer)  Zie h2 en 3
6. Begin ministeriële verantwoordelijkheid (ministers verantwoordelijk optreden staatshoofd)
 zie h2 en 3
7. De tweede pijler is de vertrouwensregel (ministers aftreden als het volk ze niet meer wilt) 
h2
8. Het parlementaire stelsel is dualistisch (volksvertegenwoordiging onafhankelijk van de
regering en ministers mogen niet uitmaken van staten generaal)  zie h3, 5 en 6
9. Nederlandse bevolking kiest geen bestuurders  zie h3, 5 en 6
10. Het kiesstelsel is gebaseerd op een stelsel van evenredige vertegenwoordiging (zetels partij =
aanhang partij onder de bevolking)  zie h3, 5 en 6
11. Nederland is een gedecentraliseerde eenheidsstaat (taken overdragen aan lagere
bevoegdheden)  zie h2
12. Een constitutioneel hof niet aanwezig (geen onafhankelijke rechterlijke instantie die wetten
toetst aan de Grondwet)  zie h3
13. Geen juryrechtsspraak (alleen rechters)  zie h7


1

, 14. Omvangrijk functioneel bestuur (bestuursorganen die een wettelijk vastgelegd takenpakket
hebben)

Nederlandse bestuursstijl

- Coalitie
- Collegialiteit
- Compromis
- Consensus
- Coöptatie (snelle opname van nieuwkomers in het bestel)
- Coöperatie

Hoofdstuk 2: De Nederlandse staat
Staat

1. Er is sprake van een specifiek grondgebied (territorium)
2. Er is een bevolking
3. Er is een wettelijke ordening en er is een bestuurlijke organisatie die gezaghebbend de wet-
en regelgeving kan handhaven.
4. Een staat is erkend door andere staten. Een soevereine staat is een onafhankelijke staat die
in het internationale recht gelijk is aan alle andere staten.

De staat der Nederlanden = De Nederlandse overheid (het is bevoegd rechtshandelingen te
verrichten).

Koninkrijk der Nederlanden (Nederland + de Nederlandse Antillen). De Nederlandse koning is
staatshoofd. Bij de Nederlandse Antillen wordt de koning vertegenwoordigd door een gouverneur.

De raad van ministers: Nederlandse ministers en drie gevolmachtigde ministers van de andere
landen.

Nederland is een constitutionele monarchie: geheel van elementaire geschreven en ongeschreven
regel (grondwetten en conventies) met betrekking tot de organisaties van een staat. De koning staat
niet boven de wet, maar is daaraan onderschikt.

Parlementair stelsel

1. De koning is onschendbaar en de ministers zijn verantwoordelijk  de regel van de
ministeriële verantwoordelijkheid (ministers verantwoordelijk voor koningshuis en
ambtenarenapparaat)
2. Een kabinet moet het vertrouwen van een meerderheid in de tweede kamer hebben  de
vertrouwensregel. Bij verlies vertrouwen minister aftreden.

Rechtsstaat

1. Al het overheidshandelen dient te zijn gebaseerd op bevoegdheden die zijn vastgelegd in
wetten.
2. Er dient sprake te zijn van een machtenscheiding in de staat  trias politica (wetgevende
macht, uitvoerende macht, rechtsprekende macht)
3. Het bestaan van vrije en geheime verkiezingen
4. Het bestaan van grondrechten  staatsvrije sfeer (vrijheid van meningsuiting)
5. Het bestaan van vrije en onafhankelijke media

2

, Een gedecentraliseerde eenheidsstaat (staatsorganisatie met verschillende bestuurslagen)

1. Autonomie: Eigen bevoegdheid van provincie en gemeenten.
2. Medebewind: De inhoud van de regels is vrij, maar gemeenten en provincies moeten wel
rekening houden met regels van een hogere orde.
3. Toezicht: De nationale overheid kan alle besluiten van lagere overheden vernietigen
wanneer die in strijd zijn met de wet of het algemeen belang.

Huis van Thorbecke

- Samenwerking levert in de vorm van een duidelijke taakverdeling tussen de bestuurslagen
soms belangrijke voordelen op.
- Samenwerking is gewenst omdat lagere bestuurslagen, en met name gemeenten, vaak beter
weten wat de problemen op lokaal niveau zijn en waaraan hun inwoners behoefte hebben.
- Vele problemen waarmee overheden te maken hebben beperken zich niet tot hun eigen
grondgebied (verkeer of vervoer).
 Samenwerking en coördinatie tussen bestuursorganen kunnen gestalte krijgen door
krachtdadiger optreden van de provincie, door samenwerking tussen gemeenten in het
kader van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) en gemeentelijke herindelingen.

Territoriale indeling tussen Rijk, provincies en gemeenten

- De drie bestuurslagen hebben een open huishouding (initiatieven op eigen grondgebied)
- Bestuursorganen met een beperkt, in wetten vastgesteld, takenpakket  de instituties van
het functioneel bestuur

Hoofdstuk 3: De politiek-bestuurlijke instituties
Dualistisch parlementair stelsel: De staten generaal stellen zich onafhankelijk op ten opzichte van de
regering, ministers zijn geen lid van de staten generaal.

De regering (Kroon) = ministers + koning

De koning en de kabinetsinformatie

Functie van de koning was vroeger anders dan nu, minder macht  Hij ontvangt nu alleen notulen
van de ministerraadsvergaderingen en heeft wekelijks een gesprek met de minister-president.

De grondwet bevat over de kabinetsinformatie geen bepalingen. De tweede kamer moet direct na
de verkiezingen bijeenkomt een (in)formateur (uit de grootste kamer), die de onderhandelingen voor
de vorming van het kabinet leiden, aanwijzen (Kamervoorzitter noemt een verkenner die de
verschillende coalitiemogelijkheden onderzoekt).

Informateur

- Onderzoekt de mogelijkheden tot samenwerking van twee of meer partijen.
- Begeleid onderhandelingen van een specifieke coalitie  regeerakkoord
- Programmatische aspecten + verdeling van portefeuilles: het geheel van verwante
beleidsterreinen (dossiers) en/of vraagstukken waarvoor een bewindspersoon (minister of
secretaris) verantwoordelijk is.



3

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
1-6 + 9-10
Geüpload op
14 april 2023
Aantal pagina's
22
Geschreven in
2022/2023
Type
SAMENVATTING
€6,59
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
loisglaser Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
16
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
6
Documenten
21
Laatst verkocht
7 maanden geleden

3,2

5 beoordelingen

5
1
4
1
3
2
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen