Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Basisboek beroepsethiek voor social work

Beoordeling
4,0
(1)
Verkocht
2
Pagina's
23
Geüpload op
25-10-2016
Geschreven in
2016/2017

Samenvatting van het basisboek beroepsethiek voor social work

Voorbeeld van de inhoud

lOMoARcPSD
lOMo




Basisboek Beroepsethiek voor Social Work

H1: Wat is het morele perspectief?
Men kan op 3 manieren naar een casus kijken:
1. Feiten
2. Naar hoe mensen zich voelen
3. Naar welke normen en waarden zij hanteren

Moraal: heeft betrekking op opvattingen, oordelen en beslissingen van waaruit wij handelen en uitdrukken wat wij
goed vinden. Een keuze van goed handelen moet uiteindelijk worden gebaseerd op argumenten.

1.1 Drie perspectieven: moreel, feitelijk, subjectief
Tabel 1.1 Het driewereldenmodel van Habermas en Van der Laan


Perspectief Onderwerp Soort bewering Geldigheidsclai m
(wereld)

Cognitief Feiten Feitelijke Wat is waar?
Normatief Normen en Normatieve Wat is goed?
(sociaal) waarden
Subjectief Gevoelens Expressieve Wat is
(mening) waarachtig?

Waarden: collectieve voorstellingen omtrent het goede leven en de goede maatschappij.
Morele waarden zijn culturele waarden.

Normen: handelingsvoorschriften over wat wij in een bepaalde situatie behoren te
doen. Vanuit welke waarde streeft iemand een norm na?

Moraal: het geheel van opvattingen, beslissingen en handelingen waarmee mensen uitdrukken
wat zij behoorlijk vinden. Moraal staat voor morele waarden als vrijheid, rechtvaardigheid zoals
die worden gerealiseerd in het praktijkhandelen.

Ethiek: de reflectie op het morele handelen, analyseren en kritische vragen stellen. Ethiek gaat in
op argumenten om mogelijk alternatieven aan te dragen.

Descriptieve ethiek: wanneer je beschrijft welke waarden en normen worden gehanteerd in een
praktijksituatie. Je beschrijft vanuit welke opvattingen er wordt gehandeld, maar je neemt geen standpunt
in.

Normatieve ethiek: je hanteert de morele norm om tot een oordeel te komen. Bijv. gedrag afkeuren
omdat je het discriminerend vindt.

1.2 Hoe ontwikkelen waarden en normen zich?
1.2.1 De ontwikkeling van het geweten
De Amerikaans psycholoog L. Kohlberg heeft twintig jaar lang onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van
het geweten van mensen. Volgens hem verloopt dontwikkeling van het geweten volgens een vast patroon
ongeacht inhoud betreft waarden, normen en cultuur.

Mensen in een hogere fase zijn beter in staat morele problemen op te lossen. In iedere fase is een bepaalde
denktrant kenmerkend, een karakteristieke manier om problemen op te lossen. De volgorde van fasen ligt zit
in de redenen die voor de oordelen worden gegeven. Kohlbergs systeem is een algemene beschrijving dat je
inzicht geeft inde wijze waarop het geweten van de mens zich ontwikkelt. Het betekent echter niet dat alle
volwassen mensen deze gehele gewetensontwikkeling hebben doorlopen gezien het moreel gecompliceerd in
elkaar zit. Voor veel volwassenen geldt dat zij ook vaak nog beslissingen nemen vanuit het conventionele
stadium. Velen halen het laatste stadium niet.

,Volgens Kohlberg kun je het morele oordelen bewust ontwikkelen bij kinderen door in iedere fase de
juiste stimulans te geven. Mensen zijn in dit opzicht dus opvoedbaar. Een voorbeeld kan zijn in de
schoolklas discussiëren over morele dilemma’s.

3 fasen in de ontwikkeling van het geweten:
1. Preconventionele stadium: straf en beloning staan centraal
In deze periode van gewetensontwikkeling worden de eerste morele afwegingen gemaakt. Gevoelens van
angst om straf te krijgen en verlangen naar beloning zijn bepalend voor het gedrag. In dit stadium realiseert
een kind zich niet
‘waarom’ iets wel of niet mag. De keuze hangt samen met wat bijvoorbeeld de vader/moeder ervan vindt.
Later in het preconventionele stadium komt bij ethische keuzes steeds meer het eigen gewin voorop te staan.
Als je iets voor een ander doet, wil je er ook iets voor terugkrijgen. In dit stadium is weinig gevoel voor een
ander. ‘Als ik met jouw pop mag spelen, mag jij op mijn schommel.’
2. Conventionele stadium: de groep staat centraal
Kenmerkend zijn ‘Iedereen doet het’ en het groeiend besef van het belang van regels en afspraken. Het
gevoel van schaamte en het gevoel van angst om niet bij de groep te horen zijn op deze leeftijd van groot
belang. In dit stadium leren
kinderen om zich in te leven in anderen. Later in dit stadium dringt het besef door dat er bepaalde regels
en afspraken moeten worden gemaakt waaraan iedereen zich moet houden.
3. Postconventionele stadium: keuze van eigen waarden
De ontwikkeling van het geweten is nu voltooid en volwassen. Dit stadium wordt gekenmerkt door het
vormen van eigen waarden, wat voor jou belangrijk is en wat richting geeft aan je eigen leven. Dat kan ook
betekenen dat je het niet eens bent met regels en wetten. Gevoelens van rechtvaardigheid en eerbied voor
de ander staan hier centraal, zelfrespect en respect voor anderen.

De ontwikkeling van motieven in verschillende stadia:
1. Angst voor straf, zoeken naar beloning (peuter/kleuter)
2. Gehoorzaamheid aan het gezag (kleuter/ basisschoolkind)
3. Eigen voordeel bij goed handelen (basisschoolkind en puberteit)
4. Wat mijn groep vindt, is goed (puber)
5. Regels voor intermenselijk verkeer zijn belangrijk (puber /adolescent)
6. Rechten en waardigheid van ieders individu respecteren (adolescent
/ jongvolwassene)
7. In open gesprekken zoeken naar de hoogste vorm van
menselijkheid (volwassen)

,ARcPSD




1.3 Hoe vrij zijn wij om eigen keuzes te maken
Zijn wij niet volledig bepaald door onze omgeving, onze ouders, onze cultuur, ons karakter en onze aanleg? Op
dit moment zijn er veel filosofen die stellen dat de taal en cultuur waarin wij leven bepalend zijn voor ons
denken en kiezen.

Op dit moment worden er vanuit de hersenwetenschappen grote vraagtekens gezet bij het bestaan
van de vrije wil van de mensen (Swaab, 2010; Lamme,
2010). Zij stellen dat ons gedrag in hoge mate wordt bepaald door de hersenen, die genetisch bepaald zijn en
ons sturen. De vrije wil bestaat niet echt. Volgens Swaab hebben pedofielen aantoonbare structurele
verschillen in de hersenen. Ook Victor Lamme vraagt zich af wie er nu echt de baas is in ons brein.

Daartegenover staan filosofen die juist heel sterk onze keuzevrijheid benaderukken zoals Satre. Ieder mens
heeft zijn eigen morele verantwoordelijkheid, moet zijn eigen leven ontwerpen en betekenis geven. Onze
ouders en omgeving hebben ook invloed op ons, maar door ons bewust te
worden van onze eigen waarden, kunnen we ook eigen keuzes maken los van onze ouders.

Een andere groep kiest een soort tussenpositie, zij zien de individuele keuze als een resultaat van de
maatschappelijke klasse waartoe we behoren en de individuele keuze van de mens (maatschappijkritische
richting). De maatschappelijke klassen die het voor het zeggen hebben, bepalen de heersende waarden en
normen in de samenleving. Dit is echter geen ‘wet van Meden en Perzen’; gezamenlijke actie van onderdrukte
groepen kunnen een verandering bewerkstellen. Op deze wijze is er een voortdurende ontwikkeling en
dialectiek in het denken en handelen van mensen.

Volgens Freud is de mens geen vrij kiezend wezen, maar een individu dat geconditioneerd wordt door zijn
onbewuste. Zijn geweten wordt via de opvoeding bepaald door de taal en geboden van zijn ouders (superego).
Zo zeer dat wij de illusie hebben dat het onze eigen stem is. Onbewust praten wij onze ouders na.

Vanuit de feministische hoek wordt benadrukt dat de mensen altijd een wezen in relatie is. Zo begin je je leven tijdens de
zwangerschap en zo blijft dat symbolisch je hele leven. Voordat je zelf kunt kiezen, ben je onderdeel van een netwerk van
relaties. Jongens vinden onafhankelijkheid ( je eigen gang gaan) vaak de hoogste vorm van volwassenheid, meisjes
beleven dat ideaal meer in de relationele, binnen hun vrienden- en vriendinnennetwerk.
Feministische filosofen hebben dan ook moeite met de theorie van
Kohlberg over de ontwikkeling van het geweten. Deze ziet onafhankelijk zelfstandig oordelen als hoogste vorm
(hoogste stadium). Feministen vinden dit een typisch mannelijke westerse machocultuur. Relaties kunnen
dwingend zijn, maar ze kunnen ook stimuleren tot zelfbepaling, tot positieve vrijheid.

Volgens Kant kunnen wij alleen onderhandelen vanuit de veronderstelling dat wij vrij zijn, alhoewel men
moet kiezen uit wat van tevoren bepaald was.


1.4 Zingeving en moraal
Zin geven: is zoeken naar de grond van je bestaan, naar de rode draad die jouw leven tot een eigen verhaal
maakt. Het persoonlijke zingevingskader helpt ons om een onderscheid te maken tussen waardevolle en
minder waardevolle elementen in ons leven.

1.4.1 Zingeving voor jezelf en voor cliënten
Zingevingstradities: de zingeving van mensen kan gebaseerd zijn op bepaalde tradities zoals humanisme,
socialisme, islam en katholicisme. Zij kunnen zich laten leiden door tradities uit hun jeugd, maar ook door
nieuwe tradities waarbij zij zich aansluiten.

Het is belangrijk dat een hulpverlener open staat voor deze zoektocht van mensen. Het vraagt
een beroepshouding die gekenmerkt wordt door de volgende eigenschappen:
- Erkennen dat ieder mens bezig is met zin geven aan zijn leven
- Bewust zijn van je eigen zingeving
- Jezelf inleven in de ander
- Openstaan voor verschillende uitingen van zingeving

, MoARcPSD




1.4.2 Elementen van een zingevingskader
Een zingevingskader wordt meestal langzaam ontwikkeld in de loop van het leven. Het omvat
verschillende aspecten. In grote lijnen kun je daarin de volgende elementen onderscheiden:
- Wie ben ik als persoon, wat is mijn identiteit?
- Hoe ga ik om met anderen, wie zijn voor mij belangrijk?
- Hoe ga ik om met existentiële ervaringen als pijn, lijden, geluk?
- Wat zijn mijn waarden en normen van handelen?
- Hoe sta ik in de samenleving en in de natuurlijke omgeving?
- Wat zijn mijn toekomstverwachtingen?

Relevant in dit verband is de gedachtegang van Victor van de Besselaar in zijn boek Bestaansethiek (2009).
Professionele praktijkwerkers staan regelmatig voor de vraag hoe om te gaan met de levensvragen van
hun cliënten, die niet meer terecht kunnen binnen de traditionele levensbeschouwelijke kaders. Hij laat
zien dat ethiek een samenhangend geheel van waarden biedt waarbinnen de hulpverlening haar visie kan
expliciteren. Drie aspecten komen duidelijk naar voren:
- Ondeelbaarheid van het bestaan
- Normen kunnen inzet worden van interactie in de hulpverlening
- De persoon van de sociaal werker is essentieel onderdeel van het proces

1.5 Moreel relevante situaties als issues, problemen en dilemma’s in het sociaal werk
Moreel dilemma: als je moet kiezen tussen twee handelingsalternatieven, die
beide zijn verbonden aan voor jou essentiële waarden. Wat je ook kiest, je weet nu al dat je je er niet prettig
bij voelt. Het gaat om de keuze voor het minst kwade.

Moreel probleem: als we het besef hebben dat we handelingsmogelijkheden hebben en er sprake is
van morele waarden, maar waarbij wij wel duidelijk hebben hoe we moeten handelen.

Moreel issue: wanneer een moreel relevante situatie geen handelingsdruk heeft. Dat zijn morele situaties waarover je
met medestudenten of collega’s van gedachten kunt wisselen zonder directe handelingsdruk.

Documentinformatie

Geüpload op
25 oktober 2016
Aantal pagina's
23
Geschreven in
2016/2017
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€3,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
9 jaar geleden

4,0

1 beoordelingen

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
fontyssocialestudies Fontys Hogeschool
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
40
Lid sinds
10 jaar
Aantal volgers
21
Documenten
12
Laatst verkocht
5 jaar geleden

Account met samenvattingen van Fontys Hogeschool Sociale Studies

3,5

15 beoordelingen

5
2
4
8
3
2
2
1
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen