Medische biologie Anatomie & Fysiologie Periode 1
Leerdoel 1 De anatomische houding
herkennen
Superior: hoger gelegen
Inferior: lager gelegen
Mediaal: naar mediaan toe
Lateraal: van mediaan af
Proximaal: richting het
aanhechtingspunt
Distaal: van het
aanhechtingspunt vandaan
Ventraal/anterrior: aan de
buikzijde
Dorsaal/postterior: aan de
rugzijde
Transveraal: onderkant en
bovenkant gescheiden
Sagitaal: linker kant en
rechterkant gescheiden
Leerdoel 2 De medische terminologie van doorsneden van het lichaam en de plaats en
richting van bewegen van lichaamsdelen interpreteren
Oefenen/oefenopdrachten maken
Leerdoel 3 Het verschil tussen anabole en katabole processen
Afbraakreacties = afbraakreacties van complexe moleculen (katabolisme)
Synthese reacties = synthese van nieuwe verbindingen in het lichaam (anabolisme)
Leerdoel 4 De kenmerken van een enzym
Een enzym is een eiwit dat als katalysator dient om chemische processen te
versnellen binnen of buiten een cel.
Enzymen gaan na eenmalig gebruik niet dood, maar kunnen meerdere reacties doen.
Ze zijn wel specifiek.
Enzymen kunnen denatureren door bijvoorbeeld een te hoge temperatuur.
Leerdoel 1 De anatomische houding
herkennen
Superior: hoger gelegen
Inferior: lager gelegen
Mediaal: naar mediaan toe
Lateraal: van mediaan af
Proximaal: richting het
aanhechtingspunt
Distaal: van het
aanhechtingspunt vandaan
Ventraal/anterrior: aan de
buikzijde
Dorsaal/postterior: aan de
rugzijde
Transveraal: onderkant en
bovenkant gescheiden
Sagitaal: linker kant en
rechterkant gescheiden
Leerdoel 2 De medische terminologie van doorsneden van het lichaam en de plaats en
richting van bewegen van lichaamsdelen interpreteren
Oefenen/oefenopdrachten maken
Leerdoel 3 Het verschil tussen anabole en katabole processen
Afbraakreacties = afbraakreacties van complexe moleculen (katabolisme)
Synthese reacties = synthese van nieuwe verbindingen in het lichaam (anabolisme)
Leerdoel 4 De kenmerken van een enzym
Een enzym is een eiwit dat als katalysator dient om chemische processen te
versnellen binnen of buiten een cel.
Enzymen gaan na eenmalig gebruik niet dood, maar kunnen meerdere reacties doen.
Ze zijn wel specifiek.
Enzymen kunnen denatureren door bijvoorbeeld een te hoge temperatuur.