SAMENVATTING (theorie toppers)
SUCCES!
, ONDERWERP 1: Stilstaan en parkeren
Een gele streep op de stoep betekent hetzelfde als
Dus mag je hier niet stilstaan langs de weg. Bij een onderbroken gele streep mag je
wel stilstaan maar mag er niemand parkeren
Je mag nog meer niet stilstaan op:
- Fietsstrook
- Bus strook
- Gele doorgetrokken streep
-
Passeer je een niet parkeren verkeersbord dan pas gaat dit bord in.
Staat er zone boven het bord dan is dit voor beide rijbanen geldig.
Parkeren betekent sleutel uit het contact, deur dicht doen en auto verlaten of
vrijwillig, langdurig in de auto blijven zitten.
Buiten de bebouwde kom mag je je auto in de berm parkeren als er een onderbroken
witte lijn aan de zijkant staat.
Binnen de bebouwde kom mag je alleen in de berm parkeren als het een
gelijkgrondse berm is.
ONDERWERP 2: Het gebruik van lichten
Dimlicht = altijd te gebruiken
Groot licht = alleen in de nacht zolang je niemand verblind
Mist achterlicht = zicht is minder dan 50 meter
Mist voorlichtzicht minder dan 200 meter
Stadslicht = geparkeerd of stilstaan op onoverzichtelijke plek
De plaatjes met hoe het logo van de lichten eruit ziet zie je in de bijlage onderin in
deze samenvatting.
ONDERWERP 3: Verkeersborden
Een lijst met alle verkeersborden met betekenis kan je hier vinden: Nederlandse
verkeersborden | ANWB