Hoorcollege 1: Samenvatting GI en 1e deel pathologie
Leerdoelen:
- De anatomie en fysiologie van het maagdarmstelsel beschrijven
- Aangeven welke (metabole) consequenties ontstaan bij aandoeningen in het maagdarmstelsel
Literatuur:
- Meer J van der, Stehouwer CDA. Interne Geneeskunde. Houten: Bohn Stafleu van Loghum;
2014. (623-638)
- Meer J van der, Stehouwer CDA. Interne Geneeskunde. Houten: Bohn Stafleu van Loghum;
2005. Interne geneeskunde P 529-545 (online)
- Basic in clinical nutrition: Joan Gandy, Manual of dietetic practice. 2014Fifth Edition Wiley
Blackwell, 7.2; 7.3; 7.4 (385-401)
- Sobotka L. Basics in Clinical Nutrition. Fourth edition. Prague: Galen; 2011. HS 2.2
Het spijsverteringssysteem
- Mond, tanden en oesophagus
- Maag
- Darmen
o Duodenum
o Dunne darm (jejenum en ileum)
o Dikke darm (colon)
- Pancreas
- Lever
In de mond:
- Wij hebben 5 speekselklieren in de mond
o Productie ongeveer 1-1.5L
o pH van speeksel is neutraal = 7.4
o amylase in de mond
o eiwitten in de mond – kunnen we door kauwen wel iets kleiner maken, zorgt ervoor dat het
speeksel slijmiger wordt.
o klein beetje lipase in de mond
o droog voedsel zorgt voor meer waterig speeksel