Leerdoel F: De student kent het belang en de uitgangspunten van het werken
met groepen, waarbij de context en de diversiteit van een groep worden benut
(kwalificatie 5).
De student beschrijft de kracht van het werken met groepen in het SPH werkveld.
De kracht van het werken met groepen
Een groep heeft positieve kanten, zoals steun aan elkaar, binding, een gezamenlijk doel, veiligheid,
erkenning, enz. Maar een groep kan ook destructief (negatief) zijn. Denk hierbij aan pestgedrag,
machtsmisbruik, emotionele chantage, conflicten, besluiteloosheid, enz.
Als leider of toezichthouder van een groep zou jou taak kunnen zijn dat je ertoe bijdraagt dat de
groep aan zijn positieve kracht komt. Het begeleiden van groepen betekend niet dat ieder
afzonderlijk groepslid aan zijn trekken komt, maar vooral dat de groepsleden verbinden met elkaar
gaan maken en voor elkaar betekenis worden.
Kracht van groepen:
- Biedt een veilig klimaat voor nieuw gedrag.
- Biedt de deelnemers veel mogelijkheden om van elkaar te leren d.m.v. feedback,
ervaringen, informatie en interactie.
- Ondersteunt mensen bij pogingen hun isolement te doorbreken.
- Helpt deelnemers om herkenning en erkenning te vinden door de eigen problematiek.
- Spreekt deelnemers aan op verschillende rollen, want in groepen kunnen deelnemers zowel
worden geholpen als zelf helpende zijn.
- Geschikt voor informatieoverdracht.
Taak als SPH’er: Ertoe bijdragen dat de groep (op een positieve manier) in haar kracht komt.
Ervoor zorgen dat de groepsleden verbinding met elkaar aangaan en voor elkaar van betekenis
worden. Aandachtspunten zijn de groep en het groepsklimaat. Hoe bevorder ik als SPH’er dat de
groep optimaal in haar kracht komt?
De student beschrijft het ontstaan van groepsdynamica en de hoofdstromingen
van de groepsdynamica.
Het ontstaan van groepsdynamica
Door groepsdynamiek ga je groepen begrijpen.
Er is voor groepsdynamica onderzoek gedaan naar; individueel gedrag (psychologie), de
maatschappij als geheel (sociologie) en de verbinding tussen beide (sociale psychologie).
De oorsprong van groepsdynamica ligt in Europa met de:
- Veldtheorie van Lewin
Gedrag vindt plaats binnen een veld van elkaar beïnvloedende krachten. Het gedrag van
een groep is het gevolg van het karakter van de groepsleden en de omgevingsfactoren.
- Gestaltschool
Het geheel is meer dan de som der delen; Een groep is meer dan een optel som van de
individuen. Het heeft een aantal eigenschappen die niet af te leiden zijn uit de afzonderlijk
leden.
- Psychoanalytisch begrippenkader
Groepsdynamica heeft een brugfunctie tussen psychologie en sociologie.
De hoofdstromingen van groepsdynamica
1. De interactietheorie:
Een groep is een systeem van losse individuen.
3 basisbegrippen: interactie, activiteit en sentiment.
Interactiehypothese/sociaal-contact hypothese (Homans) Indien er frequentie interacties
zijn tussen de leden van een groep, zullen er gevoelens van onderlinge genegenheid groeien
en deze gevoelens zullen op hun beurt leiden tot verder interacties.
Interactieprocesanalyse (Bales) Observatieschema’s van een taakgebied en een sociaal-
emotioneel gebied.