Partijen zijn actoren. Krachten zijn factoren.
3.1 Beleidsvorming: coproductie en concurrentie
Er is geen centrale autoriteit te vinden. Het beleid komt tot stand door de druk van de
omstandigheden en in overleg en onderhandelingen tussen een groot aantal partijen.
Coproductie: verschillende overheden en maatschappelijke organisaties die actief
samenwerken en soms zelfs overeenkomen om ter wille van die samenwerking zichzelf
bepaalde verplichtingen op te leggen. Naast coproductie is beleidsvorming ook een zaak van
concurrentie.
Bestuurlijke coproductie en concurrentie zijn voorbeelden van de manieren waarop
bestuurders omgaan met hun omgeving. Succesvolle beleidsvoering is in belangrijke mate
een zaak geworden van omgevingsmanagement: weten wat buiten aan de hand is, de eigen
plaats in het krachtenveld kennen, resoluut anticiperen op wat anderen doen, omgaan met
onzekerheid, zich soepel aanpassen aan veranderende omstandigheden, de politieke en
psychologische kanten van het onderhandelen in de vingers hebben.
3.2 De omgeving: factoren en actoren
De omgeving duidt op het verschil tussen binnen en buiten in het openbaar bestuur. In
algemene zin gaat het om alle actoren (partijen) en factoren (omstandigheden) die in
wisselwerking met het openbaar bestuur staan. In de praktijk zal bij het maken van een
omgevingsanalyse voortdurend gespecificeerd moeten worden over wiens omgeving en over
welke (delen van de) omgeving het gaat.
3.2.1. Factoren: de meervoudige context van beleid
De totstandkoming van beleid wordt beïnvloed (gestuurd, beperkt of mogelijk gemaakt) door
maatschappelijke factoren die zich voor een deel onttrekken aan de directe controle van
beleidsvoerders. Een verzameling gelijksoortige factoren noemen wij een context. Het
openbaar bestuur heeft met een meervoudige context te maken.
Ecologische context: ruimtelijke situatie
Elk bestuurssysteem wordt tot op zekere hoogte gevormd door geografische factoren. De
strijd tegen het water leidde al relatief vroeg tot vormen van collectief handelen en bestuur
(De waterschappen).
Sociaal-culturele context: demografische en maatschappelijke trends
Beleidsvoerders moeten rekening houden met demografische en sociaal-culturele
kenmerken van de maatschappij. Op de korte termijn gaat het om betrekkelijk stabiele
factoren: de bevolkingsgrootte en bevolkingssamenstelling, levensbeschouwelijke
opvattingen en de bestaande maatschappelijke verbanden.
Immigratie, ontkerkelijking, vergrijzing en individualisering zorgen echter voor nieuwe
problemen en mogelijkheden, zij zijn te beschouwen als verschuivende randvoorwaarden
voor het bestuur.
Economische context: internationale en binnenlandse marktverhoudingen
De economische context bestaat in ons land voor een belangrijk deel uit internationale
factoren: de ups-and-downs van de wereldeconomie, de wisselkoers van de euro ten
opzichte van andere munteenheden, de wereldprijzen van olie en andere belangrijke
grondstoffen, internationale handelsverdragen en economische allianties.
1