Van Heteren- Antwoorden op vraagstellingen VOS
Uitgangspunten Van Heteren
- Kinderen vragen en ouders moeten antwoorden
- Alle kinderen zijn voor hun opgroeien afhankelijk van opvoeders die ingaan op
hun vragen.
- Opvoeden is het verstaan en beantwoorden van vragen die het kind stelt.
Verantwoordelijkheid ouders
- Denken voor hun kind
- Interpreteren het gedrag
Sensitiviteit
- Is het gevoelig zijn voor de signalen die het kind geeft
- Is deze signalen als vraag lezen
- Is het goede antwoord vinden op deze vragen
Vraagstellings Ordenend Systeem (VOS)
- Voordat er een handelingsplan gemaakt kan worden, moet de vraagstelling van
het kind helder zijn
- Dit dmv het vraagstellings ordenend systeem (VOS)
Deze bestaat uit 6 stappen:
- Stap 1 en 2; globale analyse
- Stap 3 en 4; verdieping
- Stap 5 en 6; gericht onderzoek
Eindpunt; behandelingsplan
Het opvoedingsproces bestaat uit ontwikkelingsaspecten van het kind,
opvoeddimensie van de opvoeders en beïnvloedende factoren
3 ontwikkelingsaspecten: affectief, cognitief, conatief
3 opvoeddimensies; relatie aangaan, klimaat scheppen, situatie hanteren
2 beïnvloedende factoren; bescherm- en risicofactoren
Kind geeft zelf aan (gedrag) wat de behoefte is, ouders moeten die
vraag beantwoorden
Vraagstellingstypen:
- Affectief; emotionele ruimte bieden, relationele ruimte laten
- Cognitief; structureren, varieerden
- Conatief; profileren, harmoniëren
Affectief aspect:
- Mensen zijn gevoelswezens
- Sociaal worden door menselijk contact
- Veiligheid als basis om de wereld te verkennen
Cognitief aspect:
- Mensen zijn lerende wezens
- Kinderen nemen de wereld in zich op/ ontdekken de wereld.
, - Kinderen willen ook die wereld begrijpen/ zijn nieuwsgierig
Conatief aspect:
- Kinderen hebben in aanleg mogelijkheden meegekregen
- Kinderen ontwikkelen die mogelijkheden in relatie met hun omgeving
Vraagstellingstypen uitgewerkt:
Affectief: Emotionele ruimte bieden: aansluiten bij het niveau en de aard van
de ontwikkeling van het kind. Relationele ruimte laten: dit zie je bij relatief weinig
kinderen, relationele ontwikkeling is niet of nauwelijks op gang gekomen.
(hechting)
Cognitief: Structureren: het gaat om kinderen die geen orde kunnen scheppen
in de wereld om hen heen. Variëren: het gaat om kinderen die behoefte hebben
aan steun bij het aangaan van nieuwe taken en activiteiten
Conatief: Profileren: losmaken uit de neiging tot over -aanpassing; bewust
worden van eigenheid. Harmoniëren: meer aansluiting vinden bij anderen,
minder in zichzelf opgesloten; minder egocentrisch.
Bij dit ontwikkelen vragen ze steun van opvoeders
- Dit vragen doen ze veelal niet in taal maar in gedrag.
- Opvoeders lezen in het gedrag van kinderen deze vragen
- Ook “gestoord-”/ probleem-/ ziek gedrag bevat deze vragen
- De vragen zijn dus de behoeften van de kinderen
Opvoeddimensies
Als antwoord op de vragen van kinderen:
- Door een ontwikkelingsbevorderend klimaat te realiseren
- Door een pedagogische relatie met het kind aan te gaan
- Door het kind situaties aan te bieden waarin het zich kan ontwikkelen
Afhankelijk van de vraag van het kind, wordt het klimaat aangepast, de relatie
ingevuld en situaties gekozen.
Het opvoedproces:
Ontwikkeling
affectief cognitief conati
ef
Kansen
relatie klimaa Situaties
t hanteren
Opvoeden