Extra lessen TARSP
Les 1
Deze les gaan we fase 1 tot en met 4 doornemen.
Handige weetjes:
- Blz 142 versie profiel kaart, achter elke uiting staat een nummer. Dit nummer is de bladzijde
waar je extra uitleg krijgt over dit soort uiting.
- Het aantal zinsdelen en de fase komen voor mededelende zin overeen. Fase 1 t/m 4.
o Uizondering: Xneg + X(w) zitten beide in fase 3
- uitingen uit meer woorden, maar 1 zinsdeel wirden niet gescoord bij mededelende zin.
o Voorbeeld david 30.: en de brandweer. We noteren en op de profiel kaart
(verbindings fase 3) en we noteren de op de profielkaart (woordgroep fase 4). Deze
wordt dan niet gescoord bij een fase.
o Voorbeeld Lars 32 + 33: nee. In de auto (VzBepZn) (woordgroep fase 1)
Dubbel gebonden bepaling: zegt iets over het werkwoord en over het onderwerp en daardoor wordt
het een VC en geen b. zie blz 43 onder aan de bladzijde.
Ga husselen met je zinsdelen om te zien wat een woordgroep is. deze woorden blijven namelijk altijd
bij elkaar staan. Bij werkwoorden is dit wel anders. In de kast is een VC.
Bij kijken hoort het vaste voorzetsel naar en dan is het een Bep en geen VC.
Kinderen laten vaker een vraagwoord weg in een zin. Je moet dan voor jezelf na gaan dat er een
vraagwoord bij moet. Je zet dan vr tussen haakje neer.
, Fase 1:
- A= afvallers
- V.U.: vaste uitdrukkingen
- Analyseerbare eenwoorduitingen:
o Zn
o W
o Bv of B (Bv/B)
- Aanwijzende voornaamwoorden: die en dat
Kijk hoort bij vaste uitdrukkingen, staat ook bij de voorbeelden in het tarsp boek.
grote geit is een woordgroep en word dus niet bij de eenwoorduitingen gezet.
Fase 2:
Zc:
- Mendelend: 2 zindelen
- Vraag: met intonatie
Les 1
Deze les gaan we fase 1 tot en met 4 doornemen.
Handige weetjes:
- Blz 142 versie profiel kaart, achter elke uiting staat een nummer. Dit nummer is de bladzijde
waar je extra uitleg krijgt over dit soort uiting.
- Het aantal zinsdelen en de fase komen voor mededelende zin overeen. Fase 1 t/m 4.
o Uizondering: Xneg + X(w) zitten beide in fase 3
- uitingen uit meer woorden, maar 1 zinsdeel wirden niet gescoord bij mededelende zin.
o Voorbeeld david 30.: en de brandweer. We noteren en op de profiel kaart
(verbindings fase 3) en we noteren de op de profielkaart (woordgroep fase 4). Deze
wordt dan niet gescoord bij een fase.
o Voorbeeld Lars 32 + 33: nee. In de auto (VzBepZn) (woordgroep fase 1)
Dubbel gebonden bepaling: zegt iets over het werkwoord en over het onderwerp en daardoor wordt
het een VC en geen b. zie blz 43 onder aan de bladzijde.
Ga husselen met je zinsdelen om te zien wat een woordgroep is. deze woorden blijven namelijk altijd
bij elkaar staan. Bij werkwoorden is dit wel anders. In de kast is een VC.
Bij kijken hoort het vaste voorzetsel naar en dan is het een Bep en geen VC.
Kinderen laten vaker een vraagwoord weg in een zin. Je moet dan voor jezelf na gaan dat er een
vraagwoord bij moet. Je zet dan vr tussen haakje neer.
, Fase 1:
- A= afvallers
- V.U.: vaste uitdrukkingen
- Analyseerbare eenwoorduitingen:
o Zn
o W
o Bv of B (Bv/B)
- Aanwijzende voornaamwoorden: die en dat
Kijk hoort bij vaste uitdrukkingen, staat ook bij de voorbeelden in het tarsp boek.
grote geit is een woordgroep en word dus niet bij de eenwoorduitingen gezet.
Fase 2:
Zc:
- Mendelend: 2 zindelen
- Vraag: met intonatie