MSAe
Uitwerkingen IVT
Casus H1:
Er meldt zich een patiënt van 86 jaar met klachten aan zijn rechter heup. De klachten worden
ervaren in de liesregio met name tijdens het lopen. De patiënt ervaart bewegingsbeperking en
startstijfheid. Je verdenkt je patiënt van heup artrose.
Opdracht:
Voer het fysiotherapeutische onderzoek uit.
Bij heup artrose zit de pijn meestal in de lies en aan de voor-laterale zijde van de heup, soms in het
bovenbeen of uitstralend naar het bovenbeen en de knie. Naast de leeftijd is bij mensen met pijn in
de heup, een aantal klinische factoren voorspellend voor de ernst en aanwezigheid van radiologische
artrose, en de mate waarin deze klinische factoren optreden. Deze factoren zijn:
- Meer dan drie maanden pijnklachten.
- Geen verergering van de pijn bij zitten.
- Pijn bij palpatie over het ligamentum inguinale.
- Verminderde exorotatie, endorotatie en adductie.
- Een benig eindgevoel en spierkrachtverlies van abductie van de heup.
Casus H2:
Er meldt zich een patiënt met klachten aan zijn rechter heup. De klachten zijn ontstaan tijdens een
voetbal wedstrijd bij het schieten van een bal. De patiënt ervaart alleen de problemen tijdens het
voetballen en voelt het in de liesregio. Je vermoedt dat de patiënt adductor gerelateerde liesklachten
heeft.
Opdracht:
Voer het onderzoek uit naar de provocatie/problematische handeling in het voetballen.
Adductor-gerelateerde pijn: palpatoire pijn bij de spier origo op het os pubis en pijn bij addcutie
tegen weerstand.
Squeeze test:
Doel:
- Bepalen of er sprake is van adductie-gerelateerde
liesklachten.
Uitvoering:
- Patiënt in ruglig, knieën 90 graden gebogen,
voeten plat op de onderzoeksbank.
- Geef weerstand tegen bilaterale heupadductie.
De test is positief indien er herkenbare pijn aangegeven wordt in de liesregio.
De sensitiviteit van deze test is laag (40%). De specificiteit is goed (88%).
, Blok C
Single adductor test
Doel:
- Bepalen of er sprake is van adductie-gerelateerde
liesklachten.
Uitvoering:
- Patiënt in ruglig, met één heup in 30 graden flexie, knieën gestrekt.
- Geef weerstand tegen heupadductie.
De test is positief indien er herkenbare pijn aangegeven wordt in de liesregio.
Sensitiviteit is laag (30%), specificiteit is goed (90%).
Bilateral adductor test
Doel:
- Bepalen of er sprake is van adductie-gerelateerde
liesklachten.
Uitvoering:
- Patiënt in ruglig, beide heupen in 30 graden flexie,
knieën gestrekt.
- Geef manuele weerstand tegen bilaterale heupadductie.
De test is positief indien er herkenbare pijn aangegeven wordt in de liesregio.
Sensitiviteit is (55%), specificiteit is goed (95%).
The Thomas test (modified) for the iliopsoas
Doel:
- Bepalen of er sprake is van adductie-gerelateerde
liesklachten.
Uitvoering:
- Patiënt ligt in ruglig, met de benen afhangend van de
bank.
- De patiënt flecteert één heup maximaal door die met
beide handen vast te pakken.
- Het andere been hangt onstpannen.
- De patiënt tilt zijn hoofd en schouders zo hoog mogelijk op.
- De therapeut faciliteert de heupflexie door met zijn lichaam tegen het been te duwen.
- De therapeut plaatst een hand op het afhangende been en duwt het been naar de grond,
zodat de iliopsoas op rek komt.
De test is positief indien de rek maximaal is en er op dat moment pijn gescoord wordt.