Samenvatting THEMA 2, inleiding in de DATA ANALYSE:
Mirjam Haasnoot, Onderwijswetenschappen.
Univariate Analyse
x
2.1 Beschrijvingsmaten
Centrummaten:
Er zijn drie beschrijvingsmaten te onderscheiden:
1. Gemiddelde
2. Mediaan
3. Modus
1. Gemiddelde: De bekendste manier om data samen te vatten. Ook wel aangeven in
een data set als x met een streepje erboven.
De volgende formule wordt daarvoor gebruikt:
𝑛 𝑖
∑
×= 𝑟 = 1𝑥
𝑛
Outliers: uitschieter, liggen vaak ver weg van de rest van de datapunten, het niet altijd zo
dat een outlier een onbedoeld resultaat is. Sommige deelnemers scoren nou eenmaal hoog
of laag.
Als een data set outliers bevat, dan kan men de modus of de mediaan gebruiken.
2. Modus: meest voorkomende waarde in de data reek. Als je een kleine set gegevens
hebt met allemaal andere data dan heb je niks aan de modus.
3. Mediaan: middelste punt in de datareeks. Om deze te vinden zet je alle datapunten
op een rij van hoog naar laag. Bij een oneven aantal datapunten, neem je precies de
middelste. Bij een even aantal datapunten neem je de twee middelste en daar het
gemiddelde van.
De drie centrummaten worden dus gebruikt om data samen te vatten.
Mirjam Haasnoot, Onderwijswetenschappen.
Univariate Analyse
x
2.1 Beschrijvingsmaten
Centrummaten:
Er zijn drie beschrijvingsmaten te onderscheiden:
1. Gemiddelde
2. Mediaan
3. Modus
1. Gemiddelde: De bekendste manier om data samen te vatten. Ook wel aangeven in
een data set als x met een streepje erboven.
De volgende formule wordt daarvoor gebruikt:
𝑛 𝑖
∑
×= 𝑟 = 1𝑥
𝑛
Outliers: uitschieter, liggen vaak ver weg van de rest van de datapunten, het niet altijd zo
dat een outlier een onbedoeld resultaat is. Sommige deelnemers scoren nou eenmaal hoog
of laag.
Als een data set outliers bevat, dan kan men de modus of de mediaan gebruiken.
2. Modus: meest voorkomende waarde in de data reek. Als je een kleine set gegevens
hebt met allemaal andere data dan heb je niks aan de modus.
3. Mediaan: middelste punt in de datareeks. Om deze te vinden zet je alle datapunten
op een rij van hoog naar laag. Bij een oneven aantal datapunten, neem je precies de
middelste. Bij een even aantal datapunten neem je de twee middelste en daar het
gemiddelde van.
De drie centrummaten worden dus gebruikt om data samen te vatten.