Opvoedkunde; richt zich op de vaardigheden van de opvoeder
Opvoedingsleer; richt zich op het vergaren van kennis over opvoeden
Opvoedingswetenschap; richt zich op het ontwikkelen van theorieën en methoden over
opvoeden.
Alle omgang tussen ouder en kind waarbij de ouder gericht een relatie met het kind aangaat.
Ouder biedt het kind
- liefde
- geborgenheid
- veiligheid
- intimiteit
- aandacht
- grenzen
- instructie
- ondersteuning
- controle
Kuipers drie algemene opvoedingsdoelen (afhankelijk van de ouders hun normen en
waarden)
- zelfstandigheid (individu kan zelf keuzes maken)
- zelfredzaamheid (samenleving kan keuzes verantwoorden)
- ‘zelfontplooiing’
- zelfvertrouwen (toekomst kan een bijdrage leveren aan de toekomst)
De mate waarin en de wijze waarop het kind ondersteuning, instructie, controle en grenzen
ervaart van de ouder bij het ontwikkelen van bovenstaande drie zal bepalen of het kind de
behoefte voelt om zijn geplande acties met de ouder te bespreken.
Drie belangrijkste punten als het gaat over omgang tussen ouder en kind;
- wederzijds respect
- voldoende veiligheid, vertrouwen, acceptatie en ondersteuning
- eigen beslissingen kunnen nemen, waardoor het vertrouwen in omgeving ontwikkelt
Vier basishandelingen van opvoedende ouders;
- ondersteuning bieden
- instructie geven
- controle uitoefenen
- grenzen stellen
Ondersteuning bieden
Het opvoedgedrag van de ouder dat liefde en zorg voor het kind uitdrukt.
Emotionele beschikbaarheid/ betrokkenheid van de ouder Warmte en affectie. Alles
om de ontwikkeling van het kind te bevorderen.
2 Responsiviteit; de mate van adequaat reageren van de ouder op de signalen van het
kind.
1 Sensitiviteit; gevoelig zijn voor de signalen die het kind afgeeft als het gaat over
behoeften en gevoelens.
De ouder moet dus sensitief responsief zijn (geeft dan de juiste ondersteuning).
Ondersteuning zorgt voor een emotioneel goed gevoel bij het kind
Ondersteuning door Beloning (stimuleert goed gedrag)
- psychische of emotionele beloning (knuffel, duim omhoog, knipoog, schouderklopje)
- materiële beloning (sticker, ijsje, extra zakgeld)
het liefst zo min mogelijk materiële beloningen