Leerdoelen:
Wat houden de verschillende stromingen in?
Wie zijn de filosofen en hoe dachten zij over kennis en geest?
Soorten stromingen
Rationalisme en empirisme: de rationalist gelooft dan mentale operaties of principes moeten worden
toegepast voordat kennis kan worden verkregen. De empirist stelt dat zintuiglijke waarneming de bron
van alle kennis is.
Determinisme: de determinist verondersteld dat alles wat plaatsvindt, een functie is van een eindig
aantal oorzaken. Indien deze oorzaken mogelijk zijn, zal een gebeurtenis nauwkeurig voorspeld kunnen
worden. Niet gebeurt willekeurig.
Onderstaande dingen vallen allemaal onder physical determinisme benadrukt objectieve, meetbare
condities als verklaring voor gedrag.
Biologisch determinisme benadrukt het belang van de fysiologische omstandigheden van
genetische aanleg in de uitleg van het gedrag.
Environmental determinisme onderstreept het belang van prikkels uit de omgeving als
factoren van gedrag.
Sociaal-culturele determinisme is een vorm van milieu-determinisme, maar in plaats van de
nadruk op de fysieke prikkels die het gedrag veroorzaken, het benadrukt de culturele of
maatschappelijke regels, voorschriften, gewoonten en overtuigingen die het menselijk gedrag
bepalen.
Psychical determinisme: benadrukt subjectieve condities zoals gevoelens, ideeën en waarnemingen als
verklaring voor gedrag (Freud).
Indeterminisme: gedrag wordt veroorzaakt door bepaalde dingen maar dit kan niet gemeten worden.
Experimenten zijn confounding variabelen.
Nondeterminisme: gedrag is door jezelf bepaald (vrije wil) en niet bepaald door determinanten.
Materialisme: alles kan verklaard worden door fysieke termen (natuurkunde en scheikunde). Ze heten
zo omdat ze geloven dat materie de enige realiteit is. Ze worden ook monist genoemd omdat ze alles
verklaren aan de hand van één vorm van realiteit – materie.
Idealist: De waarheid bestaat uiteindelijk uit ideeën, en is de waarheid uiteindelijk niet fysiek. Ze
worden ook monist genoemd omdat ze alles verklaren in termen van bewustzijn.
Dualist: gelooft dat er fysieke gebeurtenissen en mentale gebeurtenissen zijn. Er is een scheiding van
geest en lichaam.
Interactionism: interactie tussen mind en body. Mentaal kan je gedrag op wekken.
Emergentism: mentale staat komt voort uit staat van je brein. Breinactiviteit – mentale
gebeurtenissen, breinactiviteit – gedrag.
1