Samentrekking ³ ⁴
Wanneer zinnen, woordgroepen of woorden samengevoegd worden in één zin, is het efficiënt
herhalingen van woorden weg te laten. We noemen dat samentrekking.
Op zinsniveau: Jan las een brief en Karel schreef een brief.
Samengetrokken: Jan las en Karel schreef een brief.
Op woordgroepniveau: de uitvoerende macht en de rechterlijke macht
Samengetrokken: de uitvoerende en de rechterlijke macht
Op woordniveau: opmerkingen en aanmerkingen
Samengetrokken: op- en aanmerkingen
Er zijn vier voorwaarden voor samentrekking:
1. De weggelaten woorden hebben dezelfde functie.
2. De weggelaten woorden hebben dezelfde vorm.
3. De weggelaten woorden hebben dezelfde betekenis.
4. De weggelaten woorden staan op de juiste plaats ten opzichte van de persoonsvorm.
Verschil in functie
De rector heeft de leerling op spijbelen betrapt en hem een berisping gegeven.
In de bovenstaande zin verschillen de onderstreepte delen in functie. de leerling is in het eerste geval
lijdend voorwerp en in het tweede meewerkend voorwerp. Het is niet mogelijk om deze delen samen
te trekken.
Uitgesloten is dus: De rector heeft de leerling op spijbelen betrapt en een berisping gegeven.
Verschil in functie
Het boek interesseert hem niet en daarom leest hij het niet.
In de bovenstaande zin verschillen de onderstreepte delen in functie. Het boek is in het eerste geval
onderwerp en in het tweede lijdend voorwerp. Het is niet mogelijk om deze delen samen te trekken.
Uitgesloten is dus: Het boek interesseert hem niet en leest hij daarom niet.
Verschil in functie
Hij had zich een blaar gelopen en had nu genoeg van wandelen.
Wanneer zinnen, woordgroepen of woorden samengevoegd worden in één zin, is het efficiënt
herhalingen van woorden weg te laten. We noemen dat samentrekking.
Op zinsniveau: Jan las een brief en Karel schreef een brief.
Samengetrokken: Jan las en Karel schreef een brief.
Op woordgroepniveau: de uitvoerende macht en de rechterlijke macht
Samengetrokken: de uitvoerende en de rechterlijke macht
Op woordniveau: opmerkingen en aanmerkingen
Samengetrokken: op- en aanmerkingen
Er zijn vier voorwaarden voor samentrekking:
1. De weggelaten woorden hebben dezelfde functie.
2. De weggelaten woorden hebben dezelfde vorm.
3. De weggelaten woorden hebben dezelfde betekenis.
4. De weggelaten woorden staan op de juiste plaats ten opzichte van de persoonsvorm.
Verschil in functie
De rector heeft de leerling op spijbelen betrapt en hem een berisping gegeven.
In de bovenstaande zin verschillen de onderstreepte delen in functie. de leerling is in het eerste geval
lijdend voorwerp en in het tweede meewerkend voorwerp. Het is niet mogelijk om deze delen samen
te trekken.
Uitgesloten is dus: De rector heeft de leerling op spijbelen betrapt en een berisping gegeven.
Verschil in functie
Het boek interesseert hem niet en daarom leest hij het niet.
In de bovenstaande zin verschillen de onderstreepte delen in functie. Het boek is in het eerste geval
onderwerp en in het tweede lijdend voorwerp. Het is niet mogelijk om deze delen samen te trekken.
Uitgesloten is dus: Het boek interesseert hem niet en leest hij daarom niet.
Verschil in functie
Hij had zich een blaar gelopen en had nu genoeg van wandelen.