Future in the past
[B1] Je gebruikt de future in the past als je over het verleden praat en iets wilt vertellen over wat
toen in de toekomst zou gaan gebeuren.
Je maakt een future in the past door de toekomstvorm in de verleden tijd te zetten. Er zijn twee
manieren waarop dit kan:
• met was/were going to + hele werkwoord
• met would + hele werkwoord
They just knew this marketing strategy was going to be a hit.
Zij wisten gewoon dat deze marketingstrategie een succes zou gaan worden.
When I started working here, I didn’t think I would work here all my life.
Toen ik hier begon te werken, had ik niet gedacht dat ik hier mijn hele leven zou gaan werken.
De future in the past met was/were going to + hele werkwoord gebruik je in de volgende situaties:
• plannen die je in het verleden had (dat plan kan ook veranderd zijn, of niet zijn doorgegaan)
• voorspellingen waar je bewijs voor hebt
The shop assistant was going to accept the return, but then he saw the dress was torn.
We were going to discuss the details of the deal at a later date.
Management knew exactly what was going to happen after the take-over.
De future in the past met would + hele werkwoord gebruik je in deze situaties:
• beloftes, aankondigingen en besluiten
• voorspellingen waar je geen bewijs voor hebt
Claire started as an intern in 1985, not knowing she would be senior sales manager a year later.
He promised he would return in time for the inspection.
I thought Sebastian would clean the office.
In the 1950s nobody believed that one day women would lead major companies.
[B1] Je gebruikt de future in the past als je over het verleden praat en iets wilt vertellen over wat
toen in de toekomst zou gaan gebeuren.
Je maakt een future in the past door de toekomstvorm in de verleden tijd te zetten. Er zijn twee
manieren waarop dit kan:
• met was/were going to + hele werkwoord
• met would + hele werkwoord
They just knew this marketing strategy was going to be a hit.
Zij wisten gewoon dat deze marketingstrategie een succes zou gaan worden.
When I started working here, I didn’t think I would work here all my life.
Toen ik hier begon te werken, had ik niet gedacht dat ik hier mijn hele leven zou gaan werken.
De future in the past met was/were going to + hele werkwoord gebruik je in de volgende situaties:
• plannen die je in het verleden had (dat plan kan ook veranderd zijn, of niet zijn doorgegaan)
• voorspellingen waar je bewijs voor hebt
The shop assistant was going to accept the return, but then he saw the dress was torn.
We were going to discuss the details of the deal at a later date.
Management knew exactly what was going to happen after the take-over.
De future in the past met would + hele werkwoord gebruik je in deze situaties:
• beloftes, aankondigingen en besluiten
• voorspellingen waar je geen bewijs voor hebt
Claire started as an intern in 1985, not knowing she would be senior sales manager a year later.
He promised he would return in time for the inspection.
I thought Sebastian would clean the office.
In the 1950s nobody believed that one day women would lead major companies.