Begrippenlijst Uitleg Voorbeeld
Descriptief Wie of wat is de mens
Prescriptief Wie of wat zou de mens
moeten zijn?
Autonomie Zelf nadenken
Negatieve vrijheid Afwezigheid van Hij wordt groter als je minder
belemmeringen belemmeringen hebt en
kleiner als je meer
belemmeringen hebt.
Geen regels
Positieve vrijheid Aanwezigheid van
mogelijkheden
Deugd Een trainbare houding Soort
karaktereigenschappen die
blijkt goed uit handelen.
- Eerlijkheid
- Moed
- Zorgvuldigheid
pluraliteit: web van menselijke relaties,
netwerk van
levensgeschiedenissen en -
verhalen
Soevereine macht: van buitenuit
Disciplinerende macht van binnenuit
Macht over de bevolking Biomacht
Marginaliteit - effect van hanteren van
normen
- Norm gaat aan de
afwijking vooraf
Normaliseren - afwijkingen van norm
corrigeren
- instrument van insluiting
, Stocisme Het lot accepteren zoals het
is gemoedsrust.
Banaal Alledaags
circulair Gaat steeds opnieuw
Pulariteit Meerdere meningen zijn en Vb. rond de tafe;
stemmen
Uniciteit Wat maakt ons uniek
Onverspelbaarheid Het onverwachte en het niet
kunnen plannen
reflexief oordeel verbeeldingskracht
Verinnerlijkt panopticon Macht produceert Vb. Een gevangenis (ronde
gehoorzame, ‘normale’ koepel) en in het midden
burgers stond een wachter waardoor
alle gevangen zich
aangekeken voelde en zich
daardoor slecht gingen
gedragen
Immanuel Kant
Mensbeeld= Descriptief: vrijheid, redelijkheid
en moraliteit
Prescriptief: autonomie
Vier stadia van kant 1. Disciplineren
2. Cultivering
3. Civiliseren
4. Moralisering
Categorische imperatief Imperatief= gedragsregel Handel alleen volgens
de ‘maxime’ waarvan
Categorisch= altijd geld
jij wilt dat het een
algemene wet wordt’
Descriptief Wie of wat is de mens
Prescriptief Wie of wat zou de mens
moeten zijn?
Autonomie Zelf nadenken
Negatieve vrijheid Afwezigheid van Hij wordt groter als je minder
belemmeringen belemmeringen hebt en
kleiner als je meer
belemmeringen hebt.
Geen regels
Positieve vrijheid Aanwezigheid van
mogelijkheden
Deugd Een trainbare houding Soort
karaktereigenschappen die
blijkt goed uit handelen.
- Eerlijkheid
- Moed
- Zorgvuldigheid
pluraliteit: web van menselijke relaties,
netwerk van
levensgeschiedenissen en -
verhalen
Soevereine macht: van buitenuit
Disciplinerende macht van binnenuit
Macht over de bevolking Biomacht
Marginaliteit - effect van hanteren van
normen
- Norm gaat aan de
afwijking vooraf
Normaliseren - afwijkingen van norm
corrigeren
- instrument van insluiting
, Stocisme Het lot accepteren zoals het
is gemoedsrust.
Banaal Alledaags
circulair Gaat steeds opnieuw
Pulariteit Meerdere meningen zijn en Vb. rond de tafe;
stemmen
Uniciteit Wat maakt ons uniek
Onverspelbaarheid Het onverwachte en het niet
kunnen plannen
reflexief oordeel verbeeldingskracht
Verinnerlijkt panopticon Macht produceert Vb. Een gevangenis (ronde
gehoorzame, ‘normale’ koepel) en in het midden
burgers stond een wachter waardoor
alle gevangen zich
aangekeken voelde en zich
daardoor slecht gingen
gedragen
Immanuel Kant
Mensbeeld= Descriptief: vrijheid, redelijkheid
en moraliteit
Prescriptief: autonomie
Vier stadia van kant 1. Disciplineren
2. Cultivering
3. Civiliseren
4. Moralisering
Categorische imperatief Imperatief= gedragsregel Handel alleen volgens
de ‘maxime’ waarvan
Categorisch= altijd geld
jij wilt dat het een
algemene wet wordt’