Bouwplan -> anatomie (onderdelen benoemen)
Bouwstenen -> histologie (weefseltypen herkennen microscopie)
Ontwikkeling -> embryologie
Werkvormen:
16 hoorcolleges
Werkcolleges: (je moet jezelf aftekenen op de presentielijst bij natte WC!!
Zelfstudie
3 boeken, zie foto’s, allemaal online!!
Diergeneeskunde onderwijsportaal -> studiemateriaal -> zelfstudie materiaal (ze geven aan wanneer je het moet
doen)
Blackboard teams cursuscode! Werkt niet?
Basic histology: online microscopie!
HC 1 anatomie: Afbeelding 2
Nomenclatuur=medische taal/Latijn
Ventraal=buik
Dorsaal=rug
Craniaal=kop
Caudaal= aan de staart
Rostraal = meer naar je neus toe, wordt gebruikt in het hoofd voor plaatsaanduiding.
Thorax=borstholte
Abdomen=buikholte. Buikholte loopt over in borstholte. Lever zit bijvoorbeeld onder ribben, die kan je bij
sommige dieren voelen.
Dorsoventrale snede = bij de rug in de buik dus bij koe is dat meer rechts. Zie afbeelding 1.
Hond:
Halsader zit aan oppervlakte handig voor bloedprikken
Halsslagader zit dieper want die is belangrijker dus bescherming
Hond kop en hals afbeelding 3.
Dikke darm met strengen en dunnen darm zonder dus kan je voelen
Wormvormig aanhangsel (appendix) bij mensen die ontstoken kan raken. Konijnen ook maar meeste dieren zoals
paarden hebben blindedarm alleen. Daarin vertering en dan gaat het voedsel door. Het is een aanhangsel dat
doodloopt. Abeelding 4.
,Vogels hebben geen middenrif dus geen buik en borstholte
Reader HC 1:
Buikholte
De buikholte reikt vanaf het diafragma tot aan de bekkeningang, waar het overgaat in de bekkenholte. Door de
sterke koepeling van het middenrif breidt de buikholte zich ver naar craniaal uit binnen de borstkas. De buikholte
wordt aan de dorsale zijde begrensd door de lendenwervels, aan de caudale zijde door het bekken en aan de
laterale en ventrale zijde door de buikwand. Bij mannelijke zoogdieren stulpt het peritoneum (buikvlies) via het
lieskanaal naar buiten richting scrotum. De testes liggen dus intraperitoneaal. De scrotumholte staat in directe
verbinding met de buikholte.
Hart en bloedvaten
Het hart bestaat uit een linker- en rechterventrikel (kamer) en een linker en rechter atrium (boezem), die elk
eindigt in een donkergekleurd flapje, het hartoor. Uit het rechterventrikel ontspringt de truncus pulmonalis, die
splitst in de linker en rechter arteria pulmonalis (longslagader). De truncus pulmonalis is verbonden met de aorta
via de ductus arteriosus, ook wel bekend als ductus Botalli. Hierin stroomt vóór de geboorte het bloed vanuit het
rechterventrikel naar het lichaam, want de longen zijn dan nog niet functioneel. De aorta komt uit de
linkerventrikel en vormt naar links de aortaboog. Vervolgens loopt de aorta aan de dorsale zijde van de borstholte
in caudale richting door naar de buik- en bekkenholte. Uit de aortaboog ontspringen bij het varken twee grote
slagaders, die het bloed in de richting van de voorpoten en de kop voeren. Het veneuze bloed komt het rechter
atrium binnen via de vena cava cranialis (kop en voorpoten) en caudalis. In het Nederlands kennen we die als
onderste en bovenste holle ader. Het bloed vanuit de romp en de achterpoten verzamelt zich in de vena cava
caudalis.
Ledematen
Ook de benige delen van het lichaam geven we een Latijnse naam. Voor nu hoef je alleen de botten van de
extremiteiten (ledematen) te kennen die hieronder staan afgebeeld. Later in deze cursus komt de schedel aan bod.
ZS dissectie big PR 1
Zelfstudie Nomenclatuur
,Terminologie
Geef een goede Nederlandse omschrijving van de volgende veelgebruikte termen, die de positie en/of de richting
van structuren in het lichaam weergeven. Noteer deze omschrijving in onderstaande lijst.
Medianus - gelegen in het middenvlak (tussen linker- en rechter lichaamshelft)
Medialis - gericht naar het mediane vlak
lateralis - aan de zijkant
Medius - middelste
Cranialis – bij het hoofd
Caudalis – tegenovergestelde kant van het hoofd
dorsalis - rugzijde
Ventralis - buikzijde
Internus – in het midden, in het binnenste van het lichaam gelegen
Externus - aan de omtrek aan de buitenzijde, aan de oppervlakte van het lichaam, in de richting van het lichaam
verlaten.
Dexter – rechts, vanuit de te inspecteren persoon gezien rechts gelegen.
Sinister – links, vanuit de te inspecteren persoon gezien links gelegen.
Superficialis – zie externus
Profundus – zie internus
, Subclavia = naar het bovenste deel van het lichaam
Costo-cervicale ader = komt van de subclavia slagader en is dus een slagader die omhooggaat. Hij gaat naar de nek
en borstwand.
Vena cava = holle ader, hierin mondt al het bloed uit voordat het het hart weer instroomt.
Craniale vena cava = superior vena cava = bovenste holle ader = brengt bloed van bovenste deel lichaam weer naar
hart en mondt samen met onderste holle ader uit in de vena cava.
brachiocefale stam = komt uit het horizonatle deel van de aorta.
Interventrikale groeve = Gaat over een bepaald deel van het hart heen: de linker of linkerdeel en rechter over
rechterdeel
Azygos vein = brengt bloed vanuit de rug naar bovenste holle ader.
Pulmonary trunk = longstam = slagader in de borstholte
De hartoren of auriculae atriorum zijn twee aanhangsels in de boezems van het hart, het linker- en het
rechterhartoor. De vorm van het linkerhartoor is doorgaans meer buisvormig, met een smalle basis, terwijl het
rechterhartoor een veel bredere basis heeft.