Radiotherapie
College 1 - radiotherapie en diagnostiek bij kanker
DEEL I – kankersoort en onderzoek
Doel radiotherapie = beschadiging DNA van tumorcellen met als gevolg celdood of remming van de celdeling
> Meer sparende behandeling dan operatie + kan dienen om de tumor meer operabel te maken
1. Mammacarcinoom (bevolkingsonderzoek)
Twee soorten:
a. Ductaal carcinoma in situ: een maligne proliferatie van het ductale epitheel zonder doorbraak van de ductale
basale membraan: er is geen infiltratie (invasief ductaal cacinoma = er is wel infiltratie)
b. Lobulair carcinoma in situ: een maligne proliferatie van het epitheel van de lobuli, dat wil zeggen van de
melkklieren zelf. Deze proliferatie vormt geen tumor, en kan vrijwel nooit zichtbaar worden gemaakt met
beeldvormende technieken (invasief lobulair carcinoma = er is wel infiltratie)
Preventie rondom mammacarcinoom
a. Primaire preventie: tamoxifen als oestrogeenremmend middel gaf een verminderde kans op het ontstaan
van een mammacarcinoom (40% minder kans), al is er dan een grotere kans op trombo-embolische
complicaties.
b. Secundaire preventie: preventieve screening, zoals bevolkingsonderzoek
Triple diagnostiek
Lichamelijk onderzoek, beeldvorming van de borst (met behulp van mammografie en/of echografie) en een
cytologische of histologische punctiebiopsie = triple diagnostiek. Indien alle drie de onderzoeken verdacht of
bewijzend zijn voor maligniteit, is de
diagnose mammacarcinoom 100% zeker
Behandeling
- borstsparende behandeling (mastectomie)
- ablatio mammae: amputatie borst
- okselklierdissectie als lymfekliermetastasen zijn aangetoond (dus ook als SWK ⊕)
- aanvullende radiotherapie
- aanvullende hormonale behandeling
- aanvullende chemotherapie
- hormonale behandeling
- combinatie van aanvullende chemotherapie en hormonale behandeling
Behandeling is multidisciplinair en bestaat uit een combinatie van chirurgie, radiotherapie en
chemotherapie en/of hormoontherapie.
2. Cervixcarcinoom (bevolkingsonderzoek)
Klachten bloedverlies tussen menstruatie door en na seks
Ontstaat op transformatiezone: de overgang tussen plaveiselepitheel naar circulair epitheel.
Onderzoek
Uitstrijkje met PAP classificatie (PAP I – PAP V)
PAP 0 De uitstrijk is door bijvoorbeeld ontsteking of bijmenging met bloed niet te beoordelen. Het
uitstrijkje dient dan ook na 6 weken herhaald te worden.
PAP 1 een normaal celbeeld is te zien: er worden geen afwijkingen geconstateerd. Indien in het
kader van bevolkingsonderzoek afgenomen dan wordt het uitstrijkje, tenzij klachten, 5 jaar
later weer herhaald.
PAP 2 er zijn kleine celafwijkingen te zien. Na 6 maanden dient de uitstrijk herhaald te worden.
Indien dezelfde celafwijkingen worden gezien, dient de patiënt te worden doorverwezen
naar een gynaecoloog voor colposcopie.
PAP 3 a. een geringe of matige dysplasie. Hier zijn de kernafwijkingen wat meer pre-existent. Bij
een matige dysplasie dient de patiënt meteen naar de gynaecoloog doorverwezen te
College 1 - radiotherapie en diagnostiek bij kanker
DEEL I – kankersoort en onderzoek
Doel radiotherapie = beschadiging DNA van tumorcellen met als gevolg celdood of remming van de celdeling
> Meer sparende behandeling dan operatie + kan dienen om de tumor meer operabel te maken
1. Mammacarcinoom (bevolkingsonderzoek)
Twee soorten:
a. Ductaal carcinoma in situ: een maligne proliferatie van het ductale epitheel zonder doorbraak van de ductale
basale membraan: er is geen infiltratie (invasief ductaal cacinoma = er is wel infiltratie)
b. Lobulair carcinoma in situ: een maligne proliferatie van het epitheel van de lobuli, dat wil zeggen van de
melkklieren zelf. Deze proliferatie vormt geen tumor, en kan vrijwel nooit zichtbaar worden gemaakt met
beeldvormende technieken (invasief lobulair carcinoma = er is wel infiltratie)
Preventie rondom mammacarcinoom
a. Primaire preventie: tamoxifen als oestrogeenremmend middel gaf een verminderde kans op het ontstaan
van een mammacarcinoom (40% minder kans), al is er dan een grotere kans op trombo-embolische
complicaties.
b. Secundaire preventie: preventieve screening, zoals bevolkingsonderzoek
Triple diagnostiek
Lichamelijk onderzoek, beeldvorming van de borst (met behulp van mammografie en/of echografie) en een
cytologische of histologische punctiebiopsie = triple diagnostiek. Indien alle drie de onderzoeken verdacht of
bewijzend zijn voor maligniteit, is de
diagnose mammacarcinoom 100% zeker
Behandeling
- borstsparende behandeling (mastectomie)
- ablatio mammae: amputatie borst
- okselklierdissectie als lymfekliermetastasen zijn aangetoond (dus ook als SWK ⊕)
- aanvullende radiotherapie
- aanvullende hormonale behandeling
- aanvullende chemotherapie
- hormonale behandeling
- combinatie van aanvullende chemotherapie en hormonale behandeling
Behandeling is multidisciplinair en bestaat uit een combinatie van chirurgie, radiotherapie en
chemotherapie en/of hormoontherapie.
2. Cervixcarcinoom (bevolkingsonderzoek)
Klachten bloedverlies tussen menstruatie door en na seks
Ontstaat op transformatiezone: de overgang tussen plaveiselepitheel naar circulair epitheel.
Onderzoek
Uitstrijkje met PAP classificatie (PAP I – PAP V)
PAP 0 De uitstrijk is door bijvoorbeeld ontsteking of bijmenging met bloed niet te beoordelen. Het
uitstrijkje dient dan ook na 6 weken herhaald te worden.
PAP 1 een normaal celbeeld is te zien: er worden geen afwijkingen geconstateerd. Indien in het
kader van bevolkingsonderzoek afgenomen dan wordt het uitstrijkje, tenzij klachten, 5 jaar
later weer herhaald.
PAP 2 er zijn kleine celafwijkingen te zien. Na 6 maanden dient de uitstrijk herhaald te worden.
Indien dezelfde celafwijkingen worden gezien, dient de patiënt te worden doorverwezen
naar een gynaecoloog voor colposcopie.
PAP 3 a. een geringe of matige dysplasie. Hier zijn de kernafwijkingen wat meer pre-existent. Bij
een matige dysplasie dient de patiënt meteen naar de gynaecoloog doorverwezen te