Schooljaar: 2016/ 2017
Samenvattingen voor het vak
Inleiding Televisie
Week 2 “Broadcasting”
Inhoud
Jostein Gripsrud, "Television, Broadcasting, Flow: Key Metaphors in TV Theory." ............... 1
Horace Newcomb, en Paul M. Hirsch, "Television as a Cultural Forum." ................................ 6
Als ondersteuning bij het werkcollege ................................................................................... 6
Aantekeningen hoorcollege 2 ..................................................................................................... 7
Jostein Gripsrud, "Television, Broadcasting, Flow: Key Metaphors in TV Theory."
Televisie betekend letterlijk “ver zicht”, de metafoor televisie betekend “beelden op een tv
set”. De metafoor omvat:
De televisie als object
De ervaring van het kijken
Televisie als vorm van communicatie
De metafoor ‘TV’ laat het volgende buiten beschouwing:
Het medium laat ons normaliter alleen zien wat er van veraf gebeurd via een enorme,
complexe combi van mens en technologie in een broadcast instituut.
De metafoor doet ons denken dat alle soorten televisie hetzelfde zijn, waardoor het
mogelijke belangrijke verschillen obscuur maakt.
Deze tekst zal drie centrale metaforen binnen de televisiestudies bediscussiëren. Dit zijn
1) Television
2) Broadcasting
3) Flow
Deze drie begrippen refereren naar de verschillende manieren waarop het medium ‘televisie’
getheoretiseerd wordt, de fundamentele technologische kenmerken, de sociale organisatie als
een medium en de constructie als tekst.
1
, 1) Television (verkijken)
Technologie
Televisie, volgens het woordenboek, is de transmissie en reproductie van beelden door een
apparaat dat lichtgolven omzet in radiogolven en deze vervolgens terug omzet in zichtbare
lichtstralen.
Dit is de definitie van het medium televisie aan de hand van zijn technische
kenmerken
De mogelijkheid voor simultaneïteit tussen ‘de echte gebeurtenis’ en de transmissie en
receptie als audiovisuele representatie staat centraal tussen de andere medium specifieke
eigenschappen (differentia specifica) van televisie. De grenzen van de technologische
definitie worden duidelijk wanneer we kijken naar de volgende casus:
video materiaal wat voor bewaking wordt gebruikt valt volgens de technologische
definitie onder televisie. Wij noemen het desondanks niet televisie! Deze onenigheid
verwijst naar het sociale gebruik van de technologie.
Historisch gezien werd het medium ‘televisie’ ingebeeld als een extensie van al bestaande
two-way communicatie technologieën, zoals de telegraaf en de telefoon. Vroeger stond
televisie in het woordenboek als beeldtelegraaf.
Two-way communicatie kan op twee manieren voorkomen;
- direct: de transmissie en ontvangst vinden tegelijkertijd plaats (de tijd tussen beide is
zo nihil dat dit niet van belang is)
- Indirect: de transmissie en ontvangst vinden niet tegelijkertijd plaats (de tijd tussen
beide is opmerkelijk lang)
Vroege televisie was volledig live, maar de ontwikkeling van apparatuur die film kon
uitzenden en de ontwikkeling van video machines lieten een shift zien in de balans tussen live
en vooraf opgenomen materiaal.
Tegenwoordig huist de illusie van simultaneïteit; bijna alles is vooraf opgenomen,
maar wij leven in de illusie dat de gebeurtenissen die wij kijken plaatsvinden op het moment
dat wij kijken.
- Deze illusie kan doorbroken worden als er bijvoorbeeld een storing is bij de omroep
Esthetiek
Directheid, of liveness lijkt een belangrijk esthetische waarde te zijn in televisie. (Live)
Televisie is non-fictie, en het materiaal wat gebruikt wordt om televisie op te nemen is in
zulke gevallen meestal zichtbaar of het wordt benadrukt (we are live); dit zou namelijk de
realiteitsillusie van wat we zien versterken.
Roland Barthes, the photograph effect, wanneer we een foto zien weten we dat wat
er op de foto staat ooit in het echt voor de camera heeft moeten staan (dit valt, met de
komst van digitale bewerking en photoshop nu te betwisten).
Wanneer iets gefilmd wordt, heeft het laten doorschijnen van technologieën en
imperfecties een geruststellende werking: wat we zien heeft ooit echt plaatsgevonden.
Televisie streeft naar directheid (liveness) en het foto-effect.
2