Leerdoel 1.1: Wat is emotionele intelligentie EI en algemene intelligentie GI?
Leerdoel 1.2: Welke factoren zijn van belang bij het kiezen van een werknemer?
Leerdoel 1.3: Welk soort intelligentie is beter voor welke baan?
Schmidt, F. L. & Hunter, J. (2004). General mental ability in the world of work:
Occupational attainment and job performance.
Algemeen mentaal vermogen/General Mental Ability (GMA): gecorreleerd met vele
levensuitkomsten. Deze correlatie wordt hoger naar mate de meting meer leunt op de
algemene factor G in mentaal vermogen.
GMA is stabiel en heeft een sterke genetische basis. De genetische basis neemt toe met
leeftijd en kan oplopen tot 0.80. GMA voorspelt huidige en toekomstige beroepsmatige level
en doet dit sterker dan elke andere eigenschap.
GMA en behalen beroepsmatig niveau
Cross-sectionele studies:
- Correlaties van .90/.95 tussen beroepsmatig niveau en GMA. Individuele niveau
correlaties liggen natuurlijk lager (0.65 etc.).
- Hoe hoger niveau het beroep, hoe hoger de GMA ligt.
- SD en score range nemen af naar mate je stijgt in beroepsmatig niveau. Mensen met een
hoog GMA komen eerder voor in lagere beroepen dan andersom. Dit duidt op een
minimum GMA voor hogere niveau beroepen.
Longitudinale studies:
- Vroegere metingen GMA voorspelt beroepsmatig niveau later.
- Werkmobiliteit wordt voorspelt door congruentie GMA en complexiteit baan.
- GMA voorspelt later inkomen, ook onder controle van SES en andere achtergrondvariabelen.
- Kinderen met hoger GMA ontvangen meer educatie, krijgen beroepen met meer aanzien,
hebben meer inkomen en zijn vaker in loondienst.
- Kindertijd GMA voorspelt beroepsmatig niveau volwassenen met een correlatie van .51
en inkomen met .53. Een andere studie vond .47 met 14 jaar en .71 met 19 jaar.
- Voorspelt uiteindelijke niveau, maar niet beginniveau (mogelijk interesse een rol).
GMA en prestatie beroep
De meest representatieve test die wordt gebruikt is de Wonderlic Personnel Test. De test duurt
tien minuten en stelt vragen over verbaal, kwantitatief en spatiaal materiaal.
Vroeger dacht men dat GMA alleen academische prestatie voorspelt en niet beroepsmatige
prestatie. In het verlengde is de theorie van situationele specificiteit: GMA voorspelt
werkprestatie, maar alleen sporadisch (veel situationele afhankelijkheid). Dit werd gesteund