verzamelaars
● De aboriginals zijn een voorbeeld van een jager-verzamelaars bestaansvorm. Ze
leven nog precies zoals de mensen in de prehistorie, met een duidelijke man-vrouw
rolverdeling. De man is jager, de vrouw verzamelaar. De man beschermt de vrouw
en de kinderen en moet daarom flexibel en mobiel zijn. Om deze reden draagt de
vrouw bijvoorbeeld alle huisraad.
● Het is zinvol om naar de rolverdeling tussen man en vrouw te kijken in de prehistorie,
omdat sommige dingen hiervan nog steeds te herkennen zijn in de huidige
samenleving. Die manier van leven heeft de basis gelegd voor de sociale ordening
en taakverdeling zoals we die nu kennen.
De eerste mensen
● Als je alle soorten mensachtigen meetelt, begint de geschiedenis van de mens zo’n
2.5 miljoen jaar geleden. Op dit moment kwamen de eerste mensachtigen voor in
Oost-Afrika. Als je echter kijkt naar de homo sapiens, begint de geschiedenis zo’n
200.000 jaar geleden, ook in Oost-Afrika. Vanuit daar verspreidde de mens zich over
de hele wereld: 120.000 jaar geleden het Midden-Oosten, 60.000 jaar geleden via
Azië en de Indonesische eilanden naar Australië, 45.000 jaar geleden Europa en
rond diezelfde tijd over de Bering Straat naar Amerika.
● In de gebieden waar de moderne mens aankwam, woonden al mensachtigen:
neanderthalers. Onderzoek wijst uit dat de moderne mens deze verwanten
waarschijnlijk totaal heeft uitgemoord, maar ze hebben zich ook vermengd met
elkaar. Vanaf 30.000 jaar geleden waren de homo sapiens de enige mensensoort op
aarde.
● Je kan de geschiedenis dus bekijken vanaf het ontstaan van de allereerste
mensachtigen in de wereld (2.5 milj. jaar geleden), vanaf de homo sapiens (30.000
jaar geleden), of vanaf het moment dat er geschreven bronnen waren. Prehistorie
betekent voorgeschiedenis, het is de periode die voorafging aan de eigenlijke
geschiedenis (deze gaat in vanaf het moment dat er geschreven bronnen zijn).
Prehistorische tijden
● Op grond van opgravingen is de prehistorie ingedeeld in steentijd, bronstijd en
ijzertijd. Brons is 5000 jaar geleden uitgevonden, en hierom is de steentijd erg lang.
Dit bleek niet handig, ook doordat er in die periode grote veranderingen hebben
plaatsgevonden in de landbouw. De steentijd is daarom weer onderverdeeld in drie
tijden:
1. oude steentijd (paleolithicium) = tijd van jager-verzamelaars
2. middensteentijd (mesolithicium) = overgangstijd
3. nieuwe steentijd (neolithicium) = tijd van landbouwers
De verandering die plaatsvond was de ontwikkeling van de landbouw & de
vervanging van de nomadische jager-verzamelaarscultuur door een boerencultuur
met vaste woonplaatsen.