Overal NaSk 2 VWO
Dit hoofdstuk vormt een basis over het onderwerp Licht, inclusief het tekenen van
lichtstralen op verschillende type spiegels.
Introductie
Deze samenvatting is gemaakt met aandacht voor een solide basiskennis en inzichtelijke
kennis. Gedurende de samenvatting wordt gerefereerd aan Tussendoortjes. Dit zijn kleine
onderwerpen die apart geleerd kunnen worden en allen aan het eind van de samenvatting
worden uitgelegd.
Elke paragraaf kan visuele uitleg bevatten. Dat maakt het allemaal wat makkelijker te
snappen. Dus eigenlijk kun je deze samenvatting ook zien als wat extra uitleg.
Aan het eind van de samenvatting staat een overzicht van de leerdoelen en belangrijke
woorden per paragraaf.
, 2.1 Licht en zicht
Het elektrisch spectrum is een verzameling van 7 soorten straling. In het figuur hieronder
staan ze op volgorde van kleine golflengte naar grote golflengte.
1. Radiogolven: Bijvoorbeeld muziek en stemmen uit de radio.
2. Microgolfstraling: Bijvoorbeeld eten opwarmen in magnetron
3. Ir-straling ( infrarood): Bijvoorbeeld de afstandsbediening
4. Zichtbaar licht: straling die mensen kunnen zien
5. UV-straling: Bijvoorbeeld de straling van de zon/zonnebank waar je bruin van wordt.
6. Röntgenstraling: Bijvoorbeeld om botbreuken te herkennen. Deze straling kan door je huid
heen, maar niet door je botten
7. Gammastraling: Straling die uit kernen van deeltjes komt.
Tussen ultraviolet en infrarood zit (zichtbaar) licht. Dat is het deel wat wij kunnen zien. Dit is
dus maar een klein deel van alle soorten straling van het spectrum. De andere stralingen
kunnen we niet zien, maar bijvoorbeeld ultraviolet kunnen we wel voelen in de vorm van
warmte.
Voor licht hebben we een bron nodig:
Natuurlijke lichtbronnen zijn lichtbronnen die in de natuur voorkomen, zoals de zon.
Kunstmatige lichtbronnen zijn lichtbronnen gecreëerd door de mens zoals lampen.
Ook kan licht weerkaatst worden.
Direct licht is licht dat direct uit de lichtbron komt.
Indirect licht is licht dat weerkaatst wordt, bijvoorbeeld maanlicht. De
maan zelf geeft geen licht. Het is de zon die haar licht op de maan
straalt. De maan weerkaatst het, waardoor wij de maan zien.
Eigenschappen van licht;
- Lichtstralen die vanuit de bron komen bewegen langs rechte
lijnen. Je tekent een lichtstraal als een lijn met een pijl (voor de
richting). Zie de tekening hiernaast.