Alle stof die je moet voor het tentamen organisatiekunde + voorbeeld
vragen die je kan verwachten op het tentamen
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: inleiding ................................................................................................................................. 2
Hoofdstuk 2: Strategie ................................................................................................................................ 4
Hoofdstuk 3: structuur ................................................................................................................................ 8
Hoofdstuk 4: systemen ............................................................................................................................. 10
Hoofdstuk 5: staf ...................................................................................................................................... 12
Hoofdstuk 6: skills .................................................................................................................................... 15
Hoofdstuk 7: Style .................................................................................................................................... 17
Hoofdstuk 8: Shared Values....................................................................................................................... 20
, Tentamen Organisatiekunde
Leerstof betreft hfd. 1 t/m hfd. 8. Hoofdstuk 9 wordt niet getentamineerd.
Hoofdstuk 1: inleiding
Elke organisatie heeft 3 dingen gemeen:
Ze beschikken over doelstellingen, mensen en middelen.
Profit - doel is winst (Philips, Douwe Egberts)
Non profit - diensten goed/goedkoop aanbieden (Ziekenhuizen, scholen)
Maatschappelijk - mogen geen winst maken en bestaan zonder klanten (kerk)
Ook kunnen er binnen verschillende organisaties een samenwerkingsverband ontstaan:
Fusie - meerdere organisaties worden 1 organisatie. Na de samenvoeging
ontstaat er een nieuwe organisatie
Overname - een organisatie neemt de andere organisatie over. De overgenomen
organisatie verdwijnt.
Joint venture - 2 organisaties werken samen, maar blijven zelfstandig.
1) Wanneer er na bedrijfssamenvoeging een nieuwe organisatie ontstaat, is er sprake van:
A) Een fusie
B) Een overname
C) Een joint venture
2) In een bedrijfsovername:
A) Ontstaat door de bedrijfssamenvoeging een nieuwe organisatie
B) Houdt de overgenomen organisatie op te bestaan
C) Blijven de samenwerkende organisaties zelfstandig opereren
Scientific Management
- ‘Organisatie zonder mensen’
- Benadert organisaties rationeel
- Streeft naar efficiency door vergaande taakverdeling/specialisatie
- Managers plannen, organiseren, coördineren en controleren
Human Relations
- ‘Mensen zonder organisatie’
- Hawthorne experiment
- De mens is meer dan een verlengstuk van de machine
Revisionisme
- ‘Mensen en organisatie’
- Integratie van Scientific Management en Human relations
- Taakverruiming, taakverrijking, taakroulatie
2
, Systeemtheorie en contingentiebenadering
- Organisatie sterk afhankelijk van ontwikkelingen in de omgeving (extern) zoals
democratisering, automatisering en globalisering
- Interdisciplinair
- Organisatiestructuur en managementstijl passen zich aan de omgeving aan
3) Welk organisatiekundig denken kan samengevat worden als: ‘Mensen en organisatie’
A) Scientific Management
B) Human Relations benadering
C) Revisionisme
4) Het organisatiekundig denken van het Human Relations kan het beste samengevat
worden als:
A) ‘Organisatie zonder mensen’
B) ‘Mensen zonder organisatie’
C) ‘Mensen en organisatie’
5) Dat organisaties sterk afhankelijk zijn van externe ontwikkelingen past vooral in het
denken van:
A) Het revisionisme
B) Het Scientific Management
C) De Contingentiebenadering
6) Het principe van taakverrijking past vooral in het denken van:
A) Het Scientific Management
B) Het Revisionisme
C) De Contingentiebenadering
Mogelijke interview vragen over het 7S-model.
- Strategie: Naar welke doelen streeft de organisatie?
- Structuur: Hoe zijn de taken verdeeld en wie is bevoegd?
- Systemen: Welke processen zijn er en hoe werken ze?
- Stijl: Hoe gaan managers om met fouten?
- Staf: Hoe ziet de personeelsopbouw eruit naar leeftijd, kennis en ervaring? Is er veel
ziekteverzuim en verloop?
- Skills: Waar liggen de sterke en zwakke kanten van de organisatie? Hoe wordt daar
mee omgegaan?
- Shared values: Waar zijn de mensen in de organisatie trots op? Welke slogan past bij
het doel van de organisatie?
3