Hoofdstuk 1
Bij een internationale koopovereenkomst wordt er eerst gekeken naar:
- 1. Contract
- 2. Weenskoopverdrag
- 3. Nationale recht wat van toepassing is (gapfilling om de openplekken op te vullen)
Publiek recht: tussen burger en overheid (de overheid moet als overheid handelen).
Als je het niet eens bent met de ‘’uitspraak / handelen’’ van de overheid kun je (in volgorde):
- Bezwaar aantekenen ( zelfde overheidsorgaan)
- Beroep instellen bij de rechtbank
- Raad van state /gerechtshof en daarna hoge raad (hoge raad alleen als je bij gerechtshof
bent geweest)
Privaat recht: tussen burgers onderling, er worden dus geen overheidsbevoegdheden uitgeoefend.
Als je het niet eens bent met de manier van handelen van de wederpartij kun je (in volgorde):
- Naar de rechtbank
- Het gerechtshof
- In cassatie (hoge raad)
Twee verschillende soorten rechten:
- Absolute rechten: zijn ten opzichte van iedereen afdwingbaar (eigendom).
- Relatieve rechten: deze vloeien voort uit een overeenkomst en (on)rechtmatige daad, deze
rechten zijn slecht te handhaven ten opzichte van die ene andere partij.
Onderwerpen die bij het privaat recht horen:
1. Overeenkomsten: De precontractuele fase = de fase waarin onderhandelt wordt over het
contract. Je mag onderhandelingen afbreken tenzij dit in strijd is met gerechtvaardigd
vertrouwen, dan moet je schade vergoeden.
Mogelijkheden tot wijzigen offerte zie 6:219 BW bevoegdheid ondertekenaar zie 2:240
BW.
- Een overeenkomst is vernietigbaar als:
Een van de vier wilsgebreken optreedt (dwaling 6:228BW, bedrog, bedreiging en
misbruik van omstandigheden (3:44BW))
- Een overeenkomst is nietig als:
Bij voorbaat al in strijd met de wet of de openbare orde en had dus nooit mogen
bestaan (3:40 BW)
- Als je een overeenkomst niet nakomt:
Wanprestatie één van de twee partijen voldoet niet aan zijn plichten, de
gedupeerde kan om schadevergoeding vragen (6:74 BW). Mogelijke acties van de
koper zijn vervangende schade vergoeding, ontbinding of nakoming, alles kan in
combinatie van aanvullende schadevergoeding.
2. (on)Rechtmatige daad: (6:162BW) Een bijzondere vorm hier van is de
productaansprakelijkheid (6:185 BW) dit speelt als je een gebrekkig product op de markt
brengt dat schade veroorzaakt.
Vordering uit rechtmatige daad denk aan onverschuldigde betaling (6:203BW)
3. Eigendomsrecht en aanverwante goederenrechtelijke onderwerpen:
vereisten voor eigendom staan in artikel (3:84BW):
- Geldige overeenkomst
- Verkoper moet beschikkingsbevoegd zijn
- Juiste leveringshandelingen moeten plaatsvinden
Verkopers spreken vaak een eigendomsvoorbehoud af zodat ze eigenaar blijven totdat ze
betaalt zijn.