Hoofdstuk 4 Onderwijskunde
De basis van waaruit leerlingen is een goede relatie met de leraar en de klasgenoten.
4.1 Relatie binnen SDT. (verlangen zich verbonden te voelen met anderen)
Binnen de SDT is relatie een zeer belangrijke psychologische basisbehoefte. Relatie= het
verlangen om zich verbonden te voelen met anderen.
De verbondenheid met anderen gaat in twee richtingen.
1. Het gevoel dat je door anderen geliefd wordt.
2. De bekwaamheid om anderen lief te hebben, om hen te geven en te respecteren.
De fundamentele verbondenheid noemen we onvoorwaardelijke liefde en de tegenpool ervan
is voorwaardelijke acceptatie.
Onvoldoende tegemoetkoming aan de behoefte van onvoorwaardelijke liefde:
1. Kan bij kinderen diepe trauma’s nalaten
2. Jonge kinderen zijn bereid hun autonomie op te offeren om toch maar de liefde van
ouders te verkrijgen. Gemis aan de vervulling van liefde bouwt frustraties en
spanning op, deze kunnen tot ontlading zijn in vervangmiddelen en verslaving.
Relatie betekent niet de facto nabijheid en/of aanwezigheid. Als aan hun behoefte aan
relatie voldaan is, gaan jonge kinderen juist de wijdere wereld verkennen vanuit een gevoel
van veilige verbondenheid. Vanuit de wetenschap dat er een veilige thuisbasis is, kan een
kind de zekerheid hebben om erop uit te trekken. Niet de nabijheid van de veilige haven is
belangrijk, wel de wetenschap dat die er is.
Onvoorwaardelijke aanvaarding speelt ook een rol in egoveerkracht.
Egoveerkracht= de kracht om mentaal terug te veren na tegenslagen.
Het fundament van egoveerkracht is onvoorwaardelijke aanvaarding.
Een ander belangrijk element van egoveerkracht is het beschikken over sociale netwerken.
Naast de personen die het kind onvoorwaardelijk aanvaarden, beschikt hij ook nog over
sociale netwerken, van vriendjes, familie buren ect.
Beide elementen van egoveerkracht, onvoorwaardelijke aanvaarding en sociale netwerken,
horen bij de psychologische behoefte aan relatie.
4.2 hechting bij jonge kinderen
Vroege ervaringen hebben een diepgaande en blijvende invloed op de persoonlijke
ontwikkeling. Het opbouwen van de relatie tussen moeder en kind begint al tijdens de
zwangerschap.
Kinderen laten af en toe in hun gedragingen af en toe merken hoe de hechting met hun
ouders is, maar ook ouders geven signalen af die met de hechting te maken hebben.
De hechtingstheorie van Bowlby en Ainsworth = onderzocht hoezeer de relatie tussen
ouders en kind de ontwikkeling beïnvloedt.
De basis van waaruit leerlingen is een goede relatie met de leraar en de klasgenoten.
4.1 Relatie binnen SDT. (verlangen zich verbonden te voelen met anderen)
Binnen de SDT is relatie een zeer belangrijke psychologische basisbehoefte. Relatie= het
verlangen om zich verbonden te voelen met anderen.
De verbondenheid met anderen gaat in twee richtingen.
1. Het gevoel dat je door anderen geliefd wordt.
2. De bekwaamheid om anderen lief te hebben, om hen te geven en te respecteren.
De fundamentele verbondenheid noemen we onvoorwaardelijke liefde en de tegenpool ervan
is voorwaardelijke acceptatie.
Onvoldoende tegemoetkoming aan de behoefte van onvoorwaardelijke liefde:
1. Kan bij kinderen diepe trauma’s nalaten
2. Jonge kinderen zijn bereid hun autonomie op te offeren om toch maar de liefde van
ouders te verkrijgen. Gemis aan de vervulling van liefde bouwt frustraties en
spanning op, deze kunnen tot ontlading zijn in vervangmiddelen en verslaving.
Relatie betekent niet de facto nabijheid en/of aanwezigheid. Als aan hun behoefte aan
relatie voldaan is, gaan jonge kinderen juist de wijdere wereld verkennen vanuit een gevoel
van veilige verbondenheid. Vanuit de wetenschap dat er een veilige thuisbasis is, kan een
kind de zekerheid hebben om erop uit te trekken. Niet de nabijheid van de veilige haven is
belangrijk, wel de wetenschap dat die er is.
Onvoorwaardelijke aanvaarding speelt ook een rol in egoveerkracht.
Egoveerkracht= de kracht om mentaal terug te veren na tegenslagen.
Het fundament van egoveerkracht is onvoorwaardelijke aanvaarding.
Een ander belangrijk element van egoveerkracht is het beschikken over sociale netwerken.
Naast de personen die het kind onvoorwaardelijk aanvaarden, beschikt hij ook nog over
sociale netwerken, van vriendjes, familie buren ect.
Beide elementen van egoveerkracht, onvoorwaardelijke aanvaarding en sociale netwerken,
horen bij de psychologische behoefte aan relatie.
4.2 hechting bij jonge kinderen
Vroege ervaringen hebben een diepgaande en blijvende invloed op de persoonlijke
ontwikkeling. Het opbouwen van de relatie tussen moeder en kind begint al tijdens de
zwangerschap.
Kinderen laten af en toe in hun gedragingen af en toe merken hoe de hechting met hun
ouders is, maar ook ouders geven signalen af die met de hechting te maken hebben.
De hechtingstheorie van Bowlby en Ainsworth = onderzocht hoezeer de relatie tussen
ouders en kind de ontwikkeling beïnvloedt.