2017
Betoog LPO-2
DANIËLLE EELDERINK
566345 – VD12
, Er moet meer aandacht komen voor de problematische
gevolgen van het zijn van lesbische-, homo-,
biseksuele- of transgenderjongeren (LHBT-jongeren)
LHBT-jongeren zijn kwetsbaar omdat ze te maken krijgen met negatieve reacties uit hun omgeving.
Ze worden hierbij gepest of krijgen te maken met geweld (Felten, 2014). Als maatschappelijk werker
is dit probleem relevant, omdat ze te maken hebt met een kwetsbare doelgroep. Het is een moeilijk
te bereiken doelgroep en er moet, naar mijn mening, meer aandacht aan besteed worden. De
drempel om hulpverlening te zoeken voor LHBT-jongeren is hoog, want ze praten niet graag over
hun geaardheid door de angst om gepest te worden. (Van Bergen & Spiegel, 2015). Doordat ze alles
opkroppen of omdat ze negatieve reacties van hun omgeving krijgen, raken veel LHBT-jongeren
depressief, wat kan leiden tot zelfmoordpogingen. Uit onderzoek van het SCP blijkt dat de helft van
de homo-, lesbische- en biseksuele-jongeren weleens denkt aan zelfmoord (Keuzenkamp, 2010). Ook
doen deze jongeren vaker een poging tot zelfmoord dan andere jongeren, namelijk 9% van de homo-
of biseksuele-jongens en 16% van de lesbische- of biseksuele-meisjes (Felten & Boote, 2012). Uit
onderzoek van SCP blijkt dat 70% van de transgenders weleens aan zelfmoord heeft gedacht en dat
20% ooit een zelfmoordpoging heeft gedaan (Keuzenkamp, 2012). Bij transgenderjongeren hebben
ze hier nog geen onderzoek naar gedaan, maar er wordt wel verwacht dat dit percentage bij hen ook
hoog ligt (Felten, 2014). Vandaar mijn stelling dat er meer aandacht moet komen voor de
problematische gevolgen van lesbische-, homo-, biseksuele- of transgenderjongeren (LHBT-
jongeren).
De zelfmoordcijfers van LHBT-jongeren liggen vijf keer hoger dan die
van heterojongeren (ANP, 2014)
Uit onderzoek is gebleken dat LHBT-jongeren vaker zelfmoord plegen dan hun leeftijdsgenoten. 50%
van de lesbische-, homo- of biseksuele-jongeren (LHB-jongeren) heeft weleens aan zelfmoord
gedacht. 9% van de homo- en biseksuele-jongens en 16% van de lesbische- en biseksuele-meisjes
heeft zelfmoord gepleegd of een poging gedaan tot zelfmoord (COC Nederland & Movisie, 2013). Bij
transgender jongeren is hier nog geen onderzoek naar gedaan, maar wel bij transgenders in het
algemeen. Uit onderzoek van het SCP is gebleken dat 70% van de transgenders weleens aan
zelfmoord denkt en 20% een poging tot zelfmoord heeft gedaan. De verwachtingen zijn daarom dat
dit percentage bij transgenderjongeren ook hoog ligt (Felten, 2014). Deze percentages liggen naar
mijn gevoel te hoog en ik vind dat deze jongeren ook het recht hebben om zichzelf te zijn.
LHBT-jongeren lopen het risico geïsoleerd te raken
LHBT-jongeren hebben vaak het gevoel dat ze er alleen voor staan omdat ze niemand kennen die
hetzelfde heeft. Het hetero zijn wordt als normaal gezien, daarom durven LHB-jongeren niet goed te
praten over hun gevoelens voor mensen van het zelfde geslacht. Het gevolg hiervan is dat ze weinig
mensen ontmoeten die hetzelfde zijn als zij (Felten & Boss, z.d.). De jongeren hebben geen positieve
rolmodellen en meestal ook geen positief toekomstbeeld (Felten & Boote, 2012). Er zijn ook ouders
die aan het begin niet kunnen accepteren dat hun zoon of dochter lesbisch, homo, biseksueel of
transgender is (Felten & Boote, 2012). Dit legt, naar mijn mening, een enorme druk op deze
jongeren.
LHBT-jongeren hebben vaak te maken met pesterijen
Als jongeren ervoor uitkomen dat ze lesbisch, homo, biseksueel of transgender zijn krijgen ze vaak te
maken met pesterijen. Deze pesterijen vinden vooral plaats op school. Een reden hiervoor is dat
Betoog LPO-2
DANIËLLE EELDERINK
566345 – VD12
, Er moet meer aandacht komen voor de problematische
gevolgen van het zijn van lesbische-, homo-,
biseksuele- of transgenderjongeren (LHBT-jongeren)
LHBT-jongeren zijn kwetsbaar omdat ze te maken krijgen met negatieve reacties uit hun omgeving.
Ze worden hierbij gepest of krijgen te maken met geweld (Felten, 2014). Als maatschappelijk werker
is dit probleem relevant, omdat ze te maken hebt met een kwetsbare doelgroep. Het is een moeilijk
te bereiken doelgroep en er moet, naar mijn mening, meer aandacht aan besteed worden. De
drempel om hulpverlening te zoeken voor LHBT-jongeren is hoog, want ze praten niet graag over
hun geaardheid door de angst om gepest te worden. (Van Bergen & Spiegel, 2015). Doordat ze alles
opkroppen of omdat ze negatieve reacties van hun omgeving krijgen, raken veel LHBT-jongeren
depressief, wat kan leiden tot zelfmoordpogingen. Uit onderzoek van het SCP blijkt dat de helft van
de homo-, lesbische- en biseksuele-jongeren weleens denkt aan zelfmoord (Keuzenkamp, 2010). Ook
doen deze jongeren vaker een poging tot zelfmoord dan andere jongeren, namelijk 9% van de homo-
of biseksuele-jongens en 16% van de lesbische- of biseksuele-meisjes (Felten & Boote, 2012). Uit
onderzoek van SCP blijkt dat 70% van de transgenders weleens aan zelfmoord heeft gedacht en dat
20% ooit een zelfmoordpoging heeft gedaan (Keuzenkamp, 2012). Bij transgenderjongeren hebben
ze hier nog geen onderzoek naar gedaan, maar er wordt wel verwacht dat dit percentage bij hen ook
hoog ligt (Felten, 2014). Vandaar mijn stelling dat er meer aandacht moet komen voor de
problematische gevolgen van lesbische-, homo-, biseksuele- of transgenderjongeren (LHBT-
jongeren).
De zelfmoordcijfers van LHBT-jongeren liggen vijf keer hoger dan die
van heterojongeren (ANP, 2014)
Uit onderzoek is gebleken dat LHBT-jongeren vaker zelfmoord plegen dan hun leeftijdsgenoten. 50%
van de lesbische-, homo- of biseksuele-jongeren (LHB-jongeren) heeft weleens aan zelfmoord
gedacht. 9% van de homo- en biseksuele-jongens en 16% van de lesbische- en biseksuele-meisjes
heeft zelfmoord gepleegd of een poging gedaan tot zelfmoord (COC Nederland & Movisie, 2013). Bij
transgender jongeren is hier nog geen onderzoek naar gedaan, maar wel bij transgenders in het
algemeen. Uit onderzoek van het SCP is gebleken dat 70% van de transgenders weleens aan
zelfmoord denkt en 20% een poging tot zelfmoord heeft gedaan. De verwachtingen zijn daarom dat
dit percentage bij transgenderjongeren ook hoog ligt (Felten, 2014). Deze percentages liggen naar
mijn gevoel te hoog en ik vind dat deze jongeren ook het recht hebben om zichzelf te zijn.
LHBT-jongeren lopen het risico geïsoleerd te raken
LHBT-jongeren hebben vaak het gevoel dat ze er alleen voor staan omdat ze niemand kennen die
hetzelfde heeft. Het hetero zijn wordt als normaal gezien, daarom durven LHB-jongeren niet goed te
praten over hun gevoelens voor mensen van het zelfde geslacht. Het gevolg hiervan is dat ze weinig
mensen ontmoeten die hetzelfde zijn als zij (Felten & Boss, z.d.). De jongeren hebben geen positieve
rolmodellen en meestal ook geen positief toekomstbeeld (Felten & Boote, 2012). Er zijn ook ouders
die aan het begin niet kunnen accepteren dat hun zoon of dochter lesbisch, homo, biseksueel of
transgender is (Felten & Boote, 2012). Dit legt, naar mijn mening, een enorme druk op deze
jongeren.
LHBT-jongeren hebben vaak te maken met pesterijen
Als jongeren ervoor uitkomen dat ze lesbisch, homo, biseksueel of transgender zijn krijgen ze vaak te
maken met pesterijen. Deze pesterijen vinden vooral plaats op school. Een reden hiervoor is dat